Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.4

Artikel 3.4.4

Historisch centrum

Onderdeel van Archeologie van stad en platteland in de gemeente IJsselstein

Tijdens het bureauonderzoek dat als basis diende voor de eerste archeologische verwachtingenkaart van de historische kern van IJsselstein (uit 2004), is vastgesteld dat hier de kans om archeologische resten aan te treffen in principe groot is. Op basis van de bekende archeologische gegevens en de verwachte archeologische waarden is op de verwachtingskaart wel een nuancering aangebracht tussen zones met een lage en een hoge archeologische verwachting. Het grootste gedeelte van het onderzoeksgebied is aangegeven als gebied met een hoge archeologische verwachting. In dit gebied kunnen sporen uit verschillende perioden worden aangetroffen. Hierin kan een tweedeling worden gemaakt: de pre-stedelijke bewoning en de stedelijke bewoning (inclusief het kasteel en het klooster). De pre-stedelijke bewoning (vermoedelijk agrarische nederzettingen) kan op dieper gelegen oevers worden verwacht (kaartbijlage 6). Omdat deze natuurlijke afzettingen relatief diep liggen (vanaf ca 1,8 m -mv) is de kans aanwezig dat archeologische resten op dit niveau in grote delen nog goed zijn geconserveerd. Uit de stedelijke bewoningsfase kunnen daar waar in het recente verleden geen bodemverstorende activiteiten hebben plaatsgevonden overal bewoningsresten worden aangetroffen, daterend vanaf het eind van de 13e eeuw (kaartbijlage 9). Bewoningsresten kunnen direct onder het maaiveld tot een diepte van grofweg 1,8 m aanwezig zijn. Het gaat dan om kasteel, kerk- en kloostergebouwen, begravingen rondom de N.H. Nicolaaskerk, woonhuizen, ambachtshuizen, moestuinen en dergelijke. Bij de huizen hebben bijgebouwen, waterputten, beerputten, perceelsgreppels en afvalkuilen gelegen. De gebieden met een lage archeologische verwachting betreffen allereerst gebieden waar recent nieuwbouw is gepleegd. Deze nieuwbouw is gedeeltelijk dieper gefundeerd (na 1950 door middel van heipalen) waardoor het bodemarchief ter plaatse (vrijwel) is verstoord. Ten tweede hebben de delen van de stads- en kasteelgracht die in de 19e eeuw zijn gedempt een lage verwachting omdat hier alleen stadsafval uit de (late) 19e eeuw worden aangetroffen. Als laatste hebben oude opgravingsputten een lage verwachting op de kaart meegekregen omdat op deze plaatsen het bodemarchief tot op de natuurlijke ondergrond al is verdwenen. Tijdens het bureauonderzoek in het kader van de actualisatie 2011 van het archeologiebeleid, is de verwachtingswaarde van de wegen binnen de stadskern waar riolering onder de weg aanwezig is, naar ‘laag’ bijgesteld omdat tussen 2004 en 2011 archeologisch onderzoek heeft aangetoond dat bij de aanleg van de riolering de meeste archeologische resten verloren zijn gegaan. De onderzoeken van na 2011 bevestigen het beeld dat uit eerdere onderzoeken van de bodemopbouw bestaat. In de hele historische binnenstad (historische kern, kloosterterrein en kasteelterrein) is sprake van een ophogingspakket uit de late middeleeuwen en Nieuwe tijd. De dikte ervan varieert, maar kan wel zo’n 1,8 m bedragen. Hieronder bevinden zich in het westen oeverafzettingen van de stroomgordel van Buitenzorg en in het oosten oeverafzettingen van de Wiersch stroomgordel. Tussen en onder beide stroomgordels zijn komafzettingen vastgesteld. In het westen gaan de komafzettingen tussen 3,5 tot 4,5 m – mv over in oeverafzettingen van de stroomgordel van Benschop (zie kaartbijlage 6). Soms bevinden zich tussen het ophogingspakket en de centrale komafzettingen een enkele decimeters dikke laag oeverafzettingen van waarschijnlijk de Hollandse IJssel. De onderzoeken van na 2011 bevestigen ook de hoge archeologische waarde van de historische binnenstad. Bij het merendeel van het hier uitgevoerde gravende onderzoek zijn sporen en vondsten aangetroffen die samenhangen met de bewoning uit de late middeleeuwen en Nieuwe tijd. Op basis van de resultaten van drie onderzoeken kan de archeologische verwachting van betreffende onderzoeksgebieden van hoog naar laag worden bijgesteld (zie kaartbijlage 8). Het gaat om het gebied van onderzoekscatalogusnr. 121 waar diepe verstoringen tot ver in de natuurlijke afzettingen zijn vastgesteld, de locatie van de voormalige Fatimaschool die door de aanleg ervan eveneens diepe bodemverstoringen kent (onderzoekscatalogusnr. 192), en een deel van het onderzoeksgebied Koningshof dat tot in de natuurlijke afzettingen is onderzocht (onderzoekscatalogusnr. 180). De resultaten van de andere onderzoeken geven geen aanleiding om de verwachtingswaarde ook elders in de historische binnenstad aan te passen. De onderzoeken van na 2011 maken het als laatste niet noodzakelijk om het gebied van Nieuwstad aan het historische centrum toe te voegen. Geen van de onderzoeken heeft voor deze mislukte stadsuitbreiding aanwijzingen voor een historisch ophogingspakket of andere aanwijzingen voor stedelijke bebouwing opgeleverd.

Rechtspraak bij dit artikel