Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1. › Paragraaf 1.3

Artikel 1.4.4

Afbakening met andere wettelijke voorzieningen

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Leidschendam-Voorburg 2026

De Wmo raakt vele andere wetten en voorzieningen (hoofdstuk 6 verordening). Hieronder is zichtbaar waar de ondersteuning vanuit de Wmo samenkomt met de andere wetgevingen. Wet langdurige zorg De Wet langdurige zorg (Wlz) is bedoeld voor mensen die blijvend (levenslang) 24 uur per dag zorg of toezicht nodig hebben. Voorbeelden hiervan zijn mensen met ernstige dementie, een zware verstandelijke beperking, ernstige psychiatrische problematiek of ernstige lichamelijke klachten. Ondersteuning vanuit de Wet Langdurige zorg kan zowel thuis (met een volledig pakket thuis of persoonsgebonden budget) als in een zorginstelling worden geboden. Wmo-Wlz De Wlz biedt net als de Wmo ondersteuning bij het huishouden, begeleiding, woonvoorzieningen, vervoersvoorzieningen en rolstoelen. Als iemand aanspraak maakt of kan maken op een Wlz-indicatie, dan betekent dit dat zij voor die ondersteuning geen Wmo meer kunnen aanvragen. Hier is echter 1 uitzondering op en dat is als iemand met een Wlz-indicatie thuis woont. Voor cliënten die thuis wonen geldt dat zij onder bepaalde voorwaarden nog steeds aanspraak kunnen maken op bepaalde woonvoorzieningen, vervoersvoorzieningen en rolstoelen. Huishoudelijke ondersteuning en begeleiding worden bij een Wlz-indicatie altijd vanuit de Wlz verstrekt. Het blijft echter maatwerk, de wetten bieden gelijke ondersteuning aan en hebben overlap. Dit betekent dat er altijd per persoon gekeken zal worden naar welke ondersteuning noodzakelijk is en vanuit welke wetgeving dit geregeld moet/kan worden. Zorgverzekeringswet Zoals in de afbeelding hierboven te zien is raken de zorgverzekeringswet en de Wmo elkaar ook. Hierbij kan dan gedacht worden aan: Tijdelijke hulpmiddelen Ziekenvervoer Persoonlijke verzorging Medische of psychische behandeling Daar waar de zorgverzekering de Wmo raakt wordt bij de maatwerkvoorzieningen (hulpmiddelen, vervoer en begeleiding) verder toegelicht wanneer het Wmo is en wanneer er een beroep gedaan kan worden op de zorgverzekering. In het algemeen kan hiervoor worden aangehouden dat de zorgverzekering er is voor tijdelijke ondersteuning, fysieke en medische/geneeskundige hulp of bij behandeling van een aandoening. Jeugdwet De Jeugdwet is er voor alle kinderen en jongeren tot 18 jaar (soms tot 23 jaar) die jeugdhulp nodig hebben, en voor hun ouders/verzorgers. Wmo-Jeugdwet De Wmo en Jeugdwet raken elkaar op het moment dat een jongere richting de leeftijd van 18 jaar gaat. Waar de Jeugdwet een brede inzet van ondersteuning biedt, gaat dit vanaf het 18e levensjaar over naar diverse wetten, voorbeelden hiervan zijn de onderwijswetgeving, de Participatiewet, de Wlz en de Wmo. De meest voorkomende ondersteuning die gevraagd wordt voor jongeren rond het 18e levensjaar is begeleiding. Een goede overgang is belangrijk juist omdat de ondersteuning vaak ineens versnippert en jongeren niet tussen wal en schip moeten vallen. Een verdere toelichting op de overgang 18- naar 18+ wordt bij de maatwerkvoorziening begeleiding gegeven. Participatiewet De Participatiewet is bedoeld om iedereen die kan werken maar daarbij ondersteuning nodig heeft, of (tijdelijk) niet kan werken, te helpen aan werk of inkomen. De Wmo gebruikt ook het woord participatie, waar het betekent meedoen in de maatschappij. Werk of een opleiding is vanuit de Wmo geen vereiste, omdat iemand ook zonder baan of opleiding mee kan doen in de maatschappij. Bij elk verzoek voor ondersteuning wordt de afweging gemaakt vanuit welke wet ondersteuning het best passend is.

Rechtspraak bij dit artikel