Alle voorgaande eisen en randvoorwaarden in hoofdstukken 4.2, 4.2.1 en 4.2.4 zijn ook van toepassing.
Verkeers- en stedenbouwkundige uitgangspunten
Code
Omschrijving eis/uitgangspunt
Toelichting / verwijzing
2.4.4-1
Erftoegangswegen hebben een verbindende en ontsluitende functie in het buitengebied.
Betreft onder andere wegen zoals Zanddijk, Rijksweg (parallelweg N250), Korte- en Middenvliet. Deze wegen verbinden woningen, agrarische percelen en recreatieve functies met het hoofdwegennet.
2.4.4-2
Fietsverkeer wordt toegelaten op de rijbaan.
Uitzondering geldt voor de Rijksweg (parallelweg N250), waar fietsverkeer niet is toegestaan op de rijbaan vanwege verkeersveiligheid en intensiteit.
Uitgangspunten ontwerp en inrichting
Code
Omschrijving eis/uitgangspunt
Toelichting / verwijzing
2.4.4-3
Bij het ontwerp rekening houden met het waarborgen van de maximum snelheid dan wel de veiligheid bij conflictpunten.
o.a. door middel van plateaus, drempels, (visuele) versmallingen en verlichting.
2.4.4-4
Rekening dient gehouden te worden met busroutes en landbouwverkeer.
Ontwerp en constructie moeten geschikt zijn voor zwaardere voertuigen en bredere draaicirkels. Dit vraagt om een robuuste fundering en voldoende ruimte bij bochten en kruisingen.
2.4.4-5
Afwatering via de bermen.
Geen kantopsluiting toepassen Zodat regenwater natuurlijk kan infiltreren in de berm.
2.4.4-6
Uitgevoerd in asfalt, voorzien van een slijtlaag.
Voor comfort en grip voor gemengd verkeer. Is ook geschikt voor de belasting van landbouw- en busverkeer.
2.4.4-7
Markeringen conform richtlijn CROW Essentiële herkenbaarheidskenmerken.
Aandachtspunt is bij het toepassen van brede fietsstroken (veiligheid en zichtbaarheid).
2.4.4-8
Verlichting alleen toepassen op conflictpunten zoals kruisingen, oversteken of bij scherpe bochten.
Voorkomt lichtvervuiling en bespaart energie.
Uitgangspunten uitvoering en onderhoud
Code
Omschrijving eis/uitgangspunt
Toelichting / verwijzing
2.4.4-9
Bermen 3cm lager dan de zijkant van de asfaltverharding afwerken.
Hoogteverschil bevordert de afwatering richting de berm en voorkomt dat water op de rijbaan blijft staan.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.1.5.1
Artikel 4.2.4.3