Naar hoofdinhoud
Alle voorgaande eisen en randvoorwaarden in hoofdstukken 4.2, 4.2.1 en 4.2.4 zijn ook van toepassing. Verkeers- en stedenbouwkundige uitgangspunten Code Omschrijving eis/uitgangspunt Toelichting / verwijzing 2.4.5-1 Ontsluitingsfunctie staat centraal. GOW30-wegen verbinden woongebieden met hoofdwegen en voorzieningen. De inrichting moet deze functie ondersteunen, met aandacht voor doorstroming en verkeersveiligheid. 2.4.5-2 Oversteekplaatsen voetgangers vormgeven met middengeleider met een minimale breedte 2,0m. 2.4.5-3 Kruising met ondergeschikte wegen d.m.v. uitritconstructie vormgeven, bij kruisingen met andere GOW30-wegen haaientanden toepassen om voorrangssituatie duidelijk te maken. 2.4.5-4 Fietsers op fietsstroken Uitgangspunten ontwerp en inrichting Code Omschrijving eis/uitgangspunt Toelichting / verwijzing 2.4.5-6 Rijstrook uitgevoerd in elementenverharding. Fietsstroken uitvoeren in rood asfalt voor herkenbaarheid. 2.4.5-7 Geen fysieke- of visuele rijstrookscheiding 2.4.5-8 Rijbaanbreedte 2,2 meter, fietsstroken 1,9 meter 2.4.5-9 Bushaltes bij voorkeur naast de rijstrook situeren, zodat bussen niet opde rijbaan hoeven te stoppen Zie ook hoofdstuk 4.2.6 Bushaltes Uitgangspunten uitvoering en onderhoud Code Omschrijving eis/uitgangspunt Toelichting / verwijzing 2.4.5-10 Bermen 3cm lager afwerken dan de zijkant van de asfaltverharding. Voorkomen dat water op de rijbaan blijft staan.

Rechtspraak bij dit artikel