Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 5.4

Benadelingsbedrag

Onderdeel van Beleidsregels Participatiewet, IOAW en IOAZ Voorne aan Zee 2026

1.. Het benadelingsbedrag is het nettobedrag aan uitkering dat ten onrechte of tot een te hoog bedrag is ontvangen doordat de belanghebbende de inlichtingenverplichting niet, niet tijdig of onjuist is nagekomen. 2.. Het college stelt de hoogte van het benadelingsbedrag vast op basis van het terug te vorderen bedrag of, indien van toepassing, op grond van andere beschikbare gegevens waaruit blijkt welk bedrag onverschuldigd is betaald. 3.. Het benadelingsbedrag wordt berekend als het verschil tussen het verstrekte bedrag en het bedrag waarop de belanghebbende recht had, waarbij wordt uitgegaan van de beschikbare gegevens ten tijde van de schending en de mate van medewerking of nalatigheid van de belanghebbende. 4.. Als het college binnen 6 maanden na de schending van de inlichtingenverplichting gebruik maakt van zijn bevoegdheid tot verrekening, wordt bij de vaststelling van het benadelingsbedrag rekening gehouden met het al verrekende bedrag. 5.. Indien de belanghebbende in bezwaar gemotiveerd de hoogte van het benadelingsbedrag betwist en het college het recht op uitkering als gevolg van de schending niet (meer) kan vaststellen wordt het volledige bedrag over de betreffende periode als onverschuldigd aangemerkt. Uitzondering hierop geldt alleen als de belanghebbende met verifieerbare gegevens aantoont dat (gedeeltelijk) recht op uitkering bestond.

Rechtspraak bij dit artikel