Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Niet commerciële voorzieningen en overige bestemmingen

Onderdeel van Beleidsregel Nota Grondprijzen 2026

De grondprijzen voor niet commerciële voorzieningen zijn, voor zover deze zijn bepaald, opgenomen in artikel 2.2. In dit hoofdstuk volgt de uitleg van de in deze tabel opgenomen prijzen. Bij het vaststellen van de bedragen wordt vaak gesproken over het inflatiepercentage (CPI), hoe deze is vastgesteld is te lezen in artikel 2.1. Gebruikelijk is dat naast voorzieningen met een winstoogmerk (commerciële voorzieningen) onderscheid wordt gemaakt tussen verschillende vormen van niet-commerciële ofwel maatschappelijke voorzieningen. Onder de categorie maatschappelijke voorzieningen worden uitgiften geschaard die een ideële en/of publieke functie dienen en waarbij de bedrijfsvoering zonder winstoogmerk plaatsvindt. Het onderverdelen in meerdere categorieën is hierbij wenselijk, om te zorgen voor duidelijkheid en helderheid bij belanghebbenden. Differentiatie in de categorieën en grondprijzen zorgt voor het leveren van meer maatwerk en marktconformiteit. 8.1. Sociaal maatschappelijke voorzieningen zonder winstoogmerk Onder sociaal maatschappelijke voorzieningen zonder winstoogmerk worden voorzieningen verstaan zoals: Overheidsvoorzieningen, zoals een brandweerkazerne of politiebureau, Onderwijsvoorzieningen, zoals een basisschool of een middelbare school, Sociaal-culturele voorzieningen, hierbij kan gedacht worden aan welzijnsvoorzieningen, religieuze voorzieningen en niet-commerciële culturele voorzieningen. Voor deze categorie wordt een vaste grondprijs gehanteerd. Als de floor space index op de uit te geven kavel groter wordt dan 1,0 zal in beginsel worden afgerekend op basis van de te realiseren vierkante meters bruto vloeroppervlak in plaats van de uitgeefbare vierkante meters grond. De grond wordt tegen deze prijs verkocht op voorwaarde dat de gemeente een recht van eerste koop heeft op de grond, nadat de op de grond gestichte bebouwing haar functie verliest, tegen de dan geldende sociale grondprijs. Verhuur maatschappelijk vastgoed De verhuur van maatschappelijk vastgoed is vastgelegd in het vastgoedbeleid. In 2016 heeft de gemeenteraad de huidige kadernota Vastgoedbeleid vastgesteld. Sinds de vaststelling zijn er belangrijke ontwikkelingen geweest die vragen om een hernieuwde visie op gemeentelijk vastgoed. Indien er nieuw vastgoedbeleid wordt vastgesteld, zal deze leidend zijn voor de verhuur van maatschappelijk vastgoed. 8.2. Recreatieve en sportvoorzieningen Tot deze categorie worden onder meer gerekend: kinderboerderijen, niet commerciële sportaccommodaties (overdekt en/of buiten) en speeltuinen. Veelal worden deze gronden in erfpacht uitgegeven (zie hoofdstuk 9). Er wordt onderscheid gemaakt tussen bebouwde en onbebouwde voorzieningen. Voor het bebouwde deel wordt een vaste grondprijs gehanteerd. Als FSI (floor space index) op de aan de bebouwing toe te rekenen kavel groter uitvalt dan 1,0 zal in beginsel worden afgerekend op basis van de te realiseren vierkante meters bruto vloeroppervlak in plaats van de uitgeefbare meters grond. Voor onbebouwde kavels of de niet aan de bebouwing toe te rekenen kavels wordt een vaste grondprijs gehanteerd. De grond wordt tegen deze prijs verkocht op voorwaarde dat de gemeente een recht van eerste koop heeft op de grond, nadat de op de grond gestichte bebouwing haar functie verliest, tegen de dan geldende sociale grondprijs. 8.3. Woonzorg voorzieningen Onder deze categorie vallen zorgwoningen en zorgappartementen of andersoortige woonzorgvoorzieningen die beneden de sociale huurgrens worden verhuurd. De aanbieder van de zorg kan hierbij een andere partij zijn dan de verhuurder van het vastgoed. De grondprijs voor dergelijke voorzieningen wordt bepaald aan de hand van de grondprijs voor sociale huurwoningen. Daarnaast wordt de ondergrond van de geplande gezamenlijke ruimten en overige ruimten in het gebouw op de volgende manier bepaald: Grondprijs per vierkante meter bruto vloeroppervlak voor sociaal maatschappelijke voorzieningen zonder winstoogmerk (zoals bijvoorbeeld een gezamenlijke woonkamer) Grondprijs per vierkante meter bruto vloeroppervlak voor commerciële voorzieningen (zoals bijvoorbeeld een restaurant of een ruimte voor een fysiotherapeut) wordt per situatie bepaald door de residuele i.c.m. comparatieve methode. 8.4. Overige bestemmingen Verkoop groen- en reststroken / snippergroen In de in 2021 vastgestelde nota beleid snippergroen is weergegeven hoe en onder welke voorwaarden snippergroen kan worden uitgegeven. Als de grond wordt uitgegeven heeft verkoop de voorkeur. Voor de uitgifte van snippergroen geldt een vaste grondprijs. Op deze grond is geen bebouwingsmogelijkheid. Voor nadere informatie over snippergroen wordt verwezen naar de nota beleid snippergroen. Agrarische gronden Agrarische gronden worden tegen marktconforme prijzen verkocht. Gezien de verscheidenheid en de specifieke kenmerken van de verschillende gronden zullen er onderling prijsverschillen zijn. De waardebepaling zal in eerste instantie intern worden uitgevoerd, als daar aanleiding voor is, wordt de hulp ingeschakeld van een externe onafhankelijke taxateur. Overige bestemmingen Als er sprake is van de uitgifte van gronden voor niet in deze nota genoemde bestemmingen dan wordt de waardebepaling in eerste instantie intern uitgevoerd. Als er aanleiding voor is dan wordt de hulp ingeschakeld van een externe onafhankelijke taxateur.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel