Een pgb wordt verstrekt onder de voorwaarden en bepalingen zoals deze zijn opgenomen in de vigerende Verordening, het vigerende besluit en/of het programma van eisen voor de maatwerkvoorziening uit de beschikking.
Overwegende bezwaren voor verstrekking van een pgb zijn er als er een ernstig vermoeden is dat de budgethouder/ inwoner problemen krijgt met het beheren van een pgb. De situaties waarbij het risico groot is dat het pgb niet besteed wordt aan het daarvoor bestemde doel zijn als:
- - de inwoner handelingsonbekwaam is;
- - de inwoner heeft als gevolg van dementie, een verstandelijke handicap, ernstige psychische problemen of overige cognitieve beperkingen onvoldoende inzicht in de eigen situatie;
- - er sprake is van verslavingsproblematiek of hier in het verleden sprake van was;
- - er eerder misbruik gemaakt is van het pgb of sprake van fraude;
- - de inwoner schulden heeft;
- - de inwoner in een schuldhulpverleningstraject zit.
Bovenstaande opsomming is niet volledig. Er zijn andere situaties waarin het verstrekken van een pgb niet gewenst is.
Om een pgb af te wijzen op overwegende bezwaren, moet er een feitelijke onderbouwing zijn op grond waarvan afgewezen kan worden. Dit kan een medische onderbouwing zijn, maar ook het aantonen van schulden of eerder misbruik van een pgb. De onderbouwing staat in de beschikking.
Als een pgb niet besteed wordt aan dat waarvoor het bedoeld is, vindt uitbetaling niet plaats c.q. wordt teruggevorderd zoals staat in de vigerende verordening.