1.. Voor schuldbemiddeling wordt de aflossingscapaciteit van de schuldenaar gedurende 18 maanden berekend en wordt, op grond daarvan, een bemiddelingsvoorstel aan de schuldeisers gedaan tegen finale kwijting.

2.. Indien de totale schuldenlast gedurende de schuldbemiddelingsperiode niet afgelost kan worden, kan een schuldbemiddeling tot stand komen indien alle schuldeisers akkoord zijn gegaan met het bemiddelingsvoorstel tegen finale kwijting.

3.. De schuldenaar reserveert afgesproken aflossingscapaciteit. De schuldeisers ontvangen aan het eind van de periode van schuldbemiddeling (18 maanden) een uitkering op basis van de door de schuldenaar ingebrachte middelen.

4.. Het is aan te bevelen tussentijds, gedurende de 18 maanden, twee toetsmomenten te plannen om het tussentijdse Vtlb te berekenen. Daarbij wordt rekening gehouden met wijzigingen in de inkomens- en vermogenspositie van de schuldenaar. Er wordt gecontroleerd of de schuldenaar in de verstreken periode zijn aflossingscapaciteit volledig heeft ingebracht en of de schuldenaar voldoende inspanningen verricht heeft om zijn inkomsten te vergroten.

5.. Naast de algemene verplichtingen vermeld in artikel 3 en/of artikel 4, kunnen door het college aanvullende verplichtingen en voorwaarden worden opgelegd.