Verantwoording van de subsidies gebeurt conform het gestelde daarover in artikel 15, 16 en 17 van de 'Algemene Subsidieverordening Bergen op Zoom 2015'.
Hierbij gelden de volgende aanvullende voorwaarden:
Subsidies tot € 7.500
Op grond van artikel 15 van bovengenoemde verordening kunnen subsidies tot € 7.500 direct worden vastgesteld of verleend en ambtshalve worden vastgesteld. Deze subsidies vallen daarmee, met uitzondering van de steekproeven die gedaan kunnen worden, buiten de reguliere verantwoordingsverplichting zoals opgenomen in de subsidieverordening. De subsidieontvanger hoeft dan ook geen aanvraag tot vaststelling van de subsidie in te dienen. Omdat het wenselijk is dat de subsidie partijen met een subsidie tot € 7.500 wel een bijdrage leveren aan de evaluatie van het beleid dienen zij op grond van een aan de subsidie verbonden voorwaarde uiterlijk voor 1 juni in het jaar na afloop van het kalenderjaar een inhoudelijk verslag in. Het verslag bevat de volgende gegevens/antwoord op de vragen:
1. Het college heeft in de subsidiebeschikking opgenomen dat de subsidie wordt verstrekt omdat het college verwacht dat de activiteit een bijdrage levert aan 1 of meerdere maatschappelijke opgaven en deze in de beschikking ook benoemd. Hebben de door u georganiseerde activiteiten bijgedragen aan het door de gemeente beschreven doel? Zo ja, kunt u hiervan een voorbeeld geven?
2. Wat is het aantal gebruikers/bezoekers/deelnemers aan de activiteit(en).
3. Waren de activiteiten gericht op de gehele gemeente of specifiek gericht op 1 of meerdere (prioriteit)wijken met vermelding van deze wijken.
4. Hadden de activiteiten een doorlopend of incidenteel karakter?
5. Of en zo ja met welke organisatie is samengewerkt bij het realiseren van de maatschappelijk opgaven en waarom.
Subsidie boven de € 7.500
Alle verleende subsidies boven de € 7.500 dienen conform de vereisten uit de subsidieverordening voor 1 juni in het jaar na afloop van het kalenderjaar een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in. Het gevraagde inhoudelijk verslag bevat ten minste de volgende gegevens/antwoord op de vragen:
1. Welke activiteiten zijn ingezet en hoe hebben deze bijgedragen aan het verminderen/oplossen van de speerpunten en daarmee aan de maatschappelijke opgaven. Is het beoogd resultaat behaald? En zo ja waar blijkt dat uit?
2. Wat is het aantal gebruikers/bezoekers/deelnemers aan de activiteit(en).
3. Waren de activiteiten gericht op de gehele gemeente of specifiek gericht op 1 of meerdere (prioriteit)wijken met vermelding van deze wijken.
4. Hadden de activiteiten een doorlopend of incidenteel karakter?
5. Of en zo ja met welke organisatie is samengewerkt bij het realiseren van de maatschappelijk opgaven en waarom.