Dit parkeerbeleid is mede tot stand gekomen door inzichten te verzamelen over knelpunten die zich kunnen voordoen bij het vraagstuk parkeren en herinrichting van de openbare ruimte. Bewoners van Almere hebben hun mening kenbaar kunnen maken door het invullen van een parkeerenquête, waarop een goede respons is geweest. Om de opgehaalde resultaten van de parkeerenquête beter te kunnen duiden hebben er daarnaast ook gesprekken met bewoners plaatsgevonden. In vijf focusgroepen, gehouden in ieder stadsdeel, is met de bewoners in gesprek gegaan over knelpunten en dilemma's ten aanzien van parkeren. De belangrijkste uitkomsten staan beschreven in paragraaf 1.3.

Daarnaast is voorafgaand aan het opstellen van het parkeerbeleid gesproken met een groot aantal stakeholders. De rode draad uit de gesprekken is vertaald in een reactienota, die is bijgevoegd onder Bijlage 1. Met de stakeholders voor wie het parkeerbeleid de meeste impact heeft, zoals woningbouwverenigingen en ontwikkelaars, is het voorgestelde nieuwe beleid besproken.

In deze bijlage laten we zien hoe met de inbreng van inwoners is omgegaan en hoe belangrijke stakeholders hebben gereflecteerd op het voorgestelde parkeerbeleid.

Hoe is omgegaan met de belangrijkste uitkomsten van de parkeerenquête?

De belangrijkste uitkomsten van de parkeerenquête zijn:

  • - De overgrote meerderheid van de respondenten beoordeelt het parkeren in Almere met een voldoende, goed of uitstekend, maar parkeren bij de eigen woning wordt minder goed beoordeeld.
  • - Respondenten met twee of meer auto’s in huishouden beoordelen het parkeren in eigen woonomgeving of direct of nabij eigen woning vaker met onvoldoende of slecht dan respondenten met één auto.
  • - Bijna twee derde van de respondenten ervaart nooit of soms parkeeroverlast in directe woonomgeving, twee op de tien respondenten ervaart dit vaak of altijd.
  • - De meeste respondenten vinden dat de gemeente parkeerdrukte en of parkeeroverlast moet aanpakken, met nadruk op parkeeroverlast.
  • - Volgens het merendeel van de respondenten is geen van de genoemde mogelijke gevolgen van meer parkeerplaatsen acceptabel. Minder of geen gazon/gras en minder of geen plantsoen of struiken worden nog het meest geaccepteerd, maar ook hiervoor geldt dat de meerderheid dit onacceptabel vindt.

De eerste vier uitkomsten hebben te maken met parkeerdruk en parkeeroverlast. In dit parkeerbeleid maken we de keuze om beter in beeld te krijgen waar deze problemen zich voordoen door de parkeerdruk te gaan monitoren. Op plekken waar de parkeerdruk hoog is gaan we op zoek naar een oplossing. Dit is niet automatisch het aanleggen van extra parkeerplaatsen. Als er geen sprake is van grootschalig onderhoud, inbreiding of herinrichting, is er geen budget beschikbaar voor aanpassing van de openbare ruimte. Ook maakt het realiseren van parkeerplaatsen onderdeel uit van een breder vraagstuk van verdeling van schaarse openbare ruimte. We doorlopen daarom een aantal stappen om te onderzoeken hoe we het parkeerprobleem wél kunnen oplossen. Afhankelijk van de oorzaak kan overgegaan worden tot gereguleerd parkeren. Bij de afweging die de gemeente maakt om maatregelen te treffen wordt de mening van de buurt meegenomen. We hanteren hierbij heldere spelregels.

Dat de oplossing van parkeeroverlast niet automatisch gezocht moet worden in meer parkeerplaatsen aanleggen heeft niet alleen een financiële reden. Uit de enquête blijkt namelijk ook dat de meerderheid van de bewoners het opofferen van groen onacceptabel vindt.

Soms wordt er parkeeroverlast ervaren als er niet direct voor de eigen woning geparkeerd kan worden, terwijl er op buurtniveau geen hoge parkeerdruk is omdat er in de nabijheid nog voldoende plekken zijn. In dat geval moeten bewoners iets verder lopen. In de Nota Parkeernormen zijn hiervoor maximale loopafstanden opgenomen.

Hoe is omgegaan met de belangrijkste uitkomsten van de focusgroepen?

De belangrijkste uitkomsten van de gesprekken in focusgroepen zijn:

  • - Het aantal auto’s per huishouden is volgens respondenten (onder andere door langer thuiswonende kinderen) toegenomen, waardoor de parkeerdruk structureel is toegenomen.
  • - Er zijn zorgen over de toename van parkeerdruk als gevolg van inbreiding (het toevoegen van woningen binnen de bebouwde omgeving).
  • - De parkeerdruk in de straat of buurt is toegenomen, doordat huishoudens hun parkeerplaats op eigen terrein vertuinen of omzetten naar woonruimte.
  • - Sommige respondenten zijn voorstander van het opofferen van groen ten behoeve van parkeerplaatsen, terwijl anderen juist het belang van groen benadrukken.
  • - De meeste respondenten geven aan dat ze het liefst zo dicht mogelijk bij hun huis willen parkeren, met name vanwege praktische redenen.
  • - Respondenten zijn kritisch op het invoeren van parkeerregulering, maar stonden na een nadere toelichting open om hierover te praten.
  • - Uitwijkgedrag naar aangrenzende wijken rond gereguleerd parkeergebieden is een aandachtspunt. Volgens respondenten nam parkeerdruk in deze wijken hierdoor toe.
  • - De respondenten zijn over het algemeen kritisch op deelauto’s in relatie tot beschikbare parkeerplaatsen.
  • - Respondenten geven aan dat handhaving op parkeeroverlast vaak inconsistent is, wat tot frustratie leidt (bijvoorbeeld door te controleren op momenten dat er geen overlast is).
  • - Respondenten vroegen aandacht voor parkeeroverlast rond schoolomgevingen bij het halen en brengen van kinderen.

Zorgen om meer parkeeroverlast bij verdichting

Uit de focusgroepen komt naar voren dat er zorgen zijn over (toenemende) parkeerdruk en parkeeroverlast, maar dat de meningen uiteen liggen als er keuzes moeten worden gemaakt over de aanleg van parkeerruimte. Nu we door de grote woningbouwopgave op bepaalde plekken van de stad zullen moeten verdichten, ligt er een uitdaging om het parkeervraagstuk van nieuwe bewoners te verenigen met dat van bestaande bewoners.

In het centrum van Almere Stad gaan we het bouwen met lagere, passende parkeernormen combineren met het investeren in flankerende mobiliteitsoplossingen voor nieuwe bewoners in de gebruiksfase (bijvoorbeeld het verstevigen van het aanbod van deelvervoer) en een limiet op het krijgen van een parkeervergunning voor nieuwe bewoners. Hiermee beperken we de druk op de openbare ruimte ten gevolge van de nieuwe ontwikkelingen. Daarnaast voorkomen we hiermee dat nieuwe bewoners de parkeerdruk doen toenemen waardoor voor bestaande inwoners de parkeerdruk toeneemt.

In overige gebieden in Almere waar verdichting plaatsvindt hanteren we een vergelijkbare aanpak als in het centrum om enerzijds de ruimteclaim ten behoeve van het parkeren voor de nieuwe ontwikkelingen te beperken en anderzijds overlast voor bestaande bewoners te beperken. Dit lukt alleen als we, vergelijkbaar als in het centrum, inzetten op gereguleerd parkeren, het hebben van openbaar vervoer, het stimuleren van lopen en fietsen en het inzetten op deelmobiliteit. Hiertoe voeren we B+-gebieden in. Als niet aan de voorwaarden van onder andere gereguleerd parkeren kan worden voldaan, dan blijft de B-norm van toepassing.

Extra parkeren als onderdeel van bredere weging bij herinrichting, inbreding en grootschalig onderhoud

Verzoeken voor het aanleggen van extra parkeerplaatsen in overige delen van de bestaande stad overwegen we alleen bij herinrichting, inbreiding of grootschalig onderhoud. Daar horen ook verzoeken bij om meer parkeerplaatsen te realiseren. Deze verzoeken nemen we serieus, maar we zijn tegelijk terughoudend. We verkennen aan de hand van de Nota Burgerparticipatie samen met belanghebbenden de mate van invloed die belanghebbenden kunnen uitoefenen op de inrichting van de leefomgeving. Extra ruimte voor meer parkeren is een onderdeel dat gewogen moet worden tegenover andere (maatschappelijke) ruimteclaims die we een plek willen (of moeten) geven in de openbare ruimte. In sommige gevallen kan het daardoor voorkomen dat parkeren voor de deur geen vanzelfsprekendheid meer is, maar zien we dat er wel ruimte is om de auto 1 of 2 straten verderop te parkeren. Acceptabele loopafstanden werken we uit in de Nota Parkeernormen 2025.

Indien er geen herinrichting, inbreiding of grootschalig onderhoud staat gepland, maar er op basis van meldingen of op basis van parkeerdrukmetingen wel aanleiding is om parkeermaatregelen te nemen, dan is een eerste stap om de aard en omvang van de parkeerdruk te analyseren. Daarbij kijken we onder andere naar de samenstelling huishoudens, het autobezit in de wijk, het parkeren op eigen terrein en beschikbare parkeerplaatsen binnen acceptabele loopafstand. Daarbij merken we op dat er steeds meer ruimte nodig is voor andere maatschappelijke functies dan parkeren, zoals transformatorhuisjes om woningen aan te sluiten op elektriciteit. Om patstellingen te doorbreken, neemt de gemeente uiteindelijk het besluit voor de inrichting, waarbij we de bewoner er altijd vanuit moet kunnen gaan dat we open transparant zijn over de keuze die we maken.

Als de analyse laat zien in dat het aanleggen van extra parkeerplaatsen nodig is, proberen we - binnen de grenzen van wat fysiek mogelijk is en in afweging ten opzichte van andere claims - te kijken of er ruimte kan worden gevonden voor extra parkeerplaatsen.

Verbeterde uitleg over toepassing van parkeerregulering

In de spelregels voor invoering parkeerregulering (zie paragraaf 2.1 en maatregel 1.10) laten we zien welke stappen we doorlopen bij de analyse en hoe we de dialoog met de belanghebbenden in de omgeving opzetten. Daar staat ook in de werkwijze en het besluitvormingsproces is om te komen tot een besluit over de invoering van parkeerregulering. Op basis van de analyse en de dialoog met de omgeving komen we tot een voorstel of advies aan de raad over de invoering van parkeerregulering. De raad neemt dan uiteindelijk een beslissing.