Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5. › Paragraaf 5.4

Artikel 5.4.15

Wezel

Onderdeel van Beleidsregel natuurinclusief bouwen

Een kleine marterachtige met een bruine bovenzijde en een lichte onderzijde. Wezels kunnen overal aangetroffen worden, zolang er maar genoeg prooidieren voorkomen en er voldoende dekking is. Dit kunnen zowel natuur- als cultuurgebieden zijn. Voortplanting: plant zich voort in holen in de grond (bijvoorbeeld muizenholen), in stapels stenen of takken, in dicht struikgewas of in hooibalen of -mijten. Voedsel: vooral muizen. In mindere mate ook ratten, jonge konijnen, mollen, slakken, kikkers, vogels en eieren. Verbinding en veiligheid: Verplaatst zich graag langs lijnvormige elementen, zoals houtwallen, heggen, stenen muurtjes of takkenrillen. Hier vinden ze ook voldoende beschutting. Geschikte natuurinclusieve maatregelen: Voortplanting Niet-gebruikte stapels stenen of takken Voortplanting Dicht struikgewas Voortplanting Hooimijt Voedsel Pocketpark Voedsel Bloemrijke graslanden / bermen Veiligheid en verbinding (Inheemse) struiken van minstens 2-3 meter hoog Veiligheid en verbinding Takkenrillen Veiligheid en verbinding Gestapeld muurtjes Veiligheid en verbinding Beschutte greppels Andere soorten die profiteren van deze maatregelen: bunzing. Ook soorten die leven in kleinschalige landschapselementen, zoals de winterkoning, heggenmus en egel.

Rechtspraak bij dit artikel