De toepassing van bestuursdwang op grond van de Opiumwet, de APV en/of de Gemeentewet vindt plaats door middel van een sluiting van het pand. Ook als er enige tijd is verstreken tussen het moment van constatering en de ondertekening van het bevel, kan spoedeisende bestuursdwang worden toegepast. In het sluitingsbevel staat waarom, wanneer en hoelang het pand wordt gesloten.

Het sluitingsbevel houdt in dat het de rechthebbende verboden is om zonder toestemming van de burgemeester bezoekers toe te laten of zelf het gebouw, de inrichting of de ruimte te betreden. Dit verbod is van toepassing op alle sluitingen op grond van artikel 2.10, lid 5, 6 en 7 van de APV, de Opiumwet en de Gemeentewet.

Naast de huurder of exploitant (indien van toepassing) wordt standaard de pandeigenaar zo snel mogelijk na het besluit op de hoogte gebracht. In bijzondere omstandigheden zoals bedoeld in artikel 175 Gemeentewet kan de burgemeester besluiten een mondeling bevel af te geven. Dit bevel wordt vervolgens op een later moment - zo snel mogelijk en indien van toepassing - schriftelijk vastgelegd.

De belanghebbende ontvangt het sluitingsbevel in ieder geval per e-mail. Ook ontvangt de belanghebbende een brochure waarin de procedure wordt uitgelegd.