1. Aan de eigenaar kan een bijdrage-ineens worden toegekend ter tegemoetkoming in de kosten van het treffen van voorzieningen, het normale onderhoud te boven gaande, die voor de restauratie van het pand noodzakelijk zijn.

2. Aan de eigenaar van een pand, niet zijnde een woning en niet tot bewoning bestemd, kan een bijdrage-ineens worden toegekend ter tegemoetkoming in de kosten van voorzieningen zoals bedoeld in het eerste lid.

3. Aan de eigenaar kan een bijdrage-ineens worden toegekend ter tegemoetkoming in de kosten van het treffen van voorzieningen aangaande het onderhoud. Onder onderhoud wordt in ieder geval verstaan:

a. herstel van dakvlakken gedekt met pannen (met daklatten), leien, lood, zink of koper;

b. herstel van goten (in zink, koper, lood of hout) inclusief bijbehorende hemelwaterafvoeren; het aanbrengen van goten waar deze niet eerder aanwezig waren, inclusief aansluitingen op riolering en open water;

c. herstel van buitenkozijnen, buitendeuren, raampartijen, luiken, stoepen, roedenverdeling, lijstwerk;

d. herstel van windveren, schoorstenen, kapellen en loodaansluitingen;

e. herstel van dakluiken;

f. inboeten, beperkt herstel muurwerk en opvoegen of pleisteren van gevels;

g. beperkt vervangen of inboeten van natuursteen;

h. behandeling van muur- en houtwerk ter regulering van de vochthuishouding dan wel ter bestrijding van zwamaantasting of houtaantasting;

i. herstel, vervangen en indien nodig aanbrengen van een nieuwe bliksembeveiliging;

j. buitenschilderwerk wat betreft buitenramen, -kozijnen en deuren;

k. beperkt herstel van dragende constructies (ankerbalkgebinten, schoren en platen, balkkoppen, spantbenen);

l. herstel van glas-in-lood, beglazing en aanbrengen beschermde beglazing voor gebrandschilderd glas;

m. vervanging en herstel van overige bouwelementen met waarde van grote zeldzaamheid of historische waarde;

n. het aanbrengen van inspectievoorzieningen zoals dakluiken en klimhaken.

4. De bijdrage-ineens zoals bedoeld in het eerste, tweede en derde lid, bedraagt maximaal 50% van de door burgemeester en wethouders subsidiabel gestelde kosten doch ten hoogste f 15.000,-.

5. Op de kosten van voorzieningen worden in mindering gebracht de kosten waarvoor uit hoofde van deze verordening of enige andere regeling subsidie is of kan worden toegekend, alsmede de kosten die uit hoofde van een andere regeling zijn of kunnen worden gefinancierd. 6. In bijzondere gevallen kan de bijdrage-ineens op een hoger bedrag worden vastgesteld dan voortvloeit uit de toepassing van het vierde lid van dit artikel.