In aanvulling op artikel 26 en 27 van de Asv dient de subsidieontvanger een verzoek tot vaststelling in waaruit blijkt:

  • - Het aantal VE-groepen waarin voorschoolse educatie is geboden;
  • - Het aantal uren per week dat de subsidieontvanger voorschoolse educatie heeft aangeboden per VE-groep;
  • - Het aantal VVE-geïndiceerde kinderen dat per VE-groep heeft deelgenomen;
  • - Het aantal kinderen van ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag dat heeft deelgenomen.