Naar hoofdinhoud
1. Voorafgaand aan de commissievergaderingen kunnen burgers het woord voeren op het Sprekersplein. 2. De keuze van onderwerp voor het Sprekerplein is vrij met uitzondering van de in artikel 23, lid 2 genoemde beperkingen. 3. Degene, die van het Sprekersplein gebruik wil maken, meldt dit tenminste 8 uur vóór aanvang van het Sprekersplein aan de raadsgriffier. Hij vermeldt daarbij zijn naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp waarover hij het woord wil voeren. 4. De voorzitter van het Sprekersplein geeft het woord op volgorde van aanmelding. De voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het belang is van de orde van het Sprekersplein. 5. Een spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. Als er meer dan zes sprekers zijn, verdeelt de voorzitter het spreekhalfuur evenredig over de sprekers. De voorzitter van het Sprekersplein kan in bijzondere gevallen afwijken van de maximumduur van de spreektijd. 6. De spreker voert het woord, nadat de voorzitter van het Sprekersplein hem dit heeft verleend. De voorzitter geeft vervolgens de aanwezige raadsleden de gelegenheid tot het stellen van vragen aan de inspreker. Het is aan de voorzitter om te bepalen, gelet op de beschikbare tijd, wanneer dit onderdeel ten einde is. 7. De voorzitter van het Sprekersplein doet een voorstel voor de behandeling van de inbreng van de burger.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel