Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 2

Specifieke criteria

Onderdeel van Beleidskader antennemasten

1. Gebieden die in beginsel uitgesloten zijn van plaatsing: Voor bewoning bestemde gronden, woonkernen en kleinschalige woongebieden; Waardevol (open) gebied; Ecologische hoofdstructuur en Natura 2000 gebieden; Beschermde stads- en dorpsgezichten; In de nabijheid van rijks- en gemeentelijke monumenten en karakteristieke gebouwen (minimale afstand van vijftig meter tussen monument en antennemast); In de nabijheid (minder dan vijftig meter) van buitenplaatsen en landgoederen. 2. Aanvullende criteria voor monumenten: Het beleidskader voor monumenten is vastgelegd in de ‘Erfgoedverordening Gemeente Buren 2009’. Zoals verwoord bij het eerste punt (specifieke criteria) is plaatsing van antennemasten in de nabijheid (binnen vijftig meter) van rijks- en gemeentelijke monumenten uitgesloten. Indien toch een situatie zich voordoet dat een antennemast in een nabijheid van een monument gelegen is, zal de monumentencommissie een advies hierover uitbrengen. Hierbij moet degelijk gemotiveerd worden waarom het in die situatie niet onredelijk is. 3. Kwaliteitseisen van het uiterlijk in verband met de Welstandsnota: De geldende Welstandsnota, in werking getreden op 1 juli 2004, geeft geen specifieke criteria ten aanzien van antennemasten ten behoeve van de mobiele telefonie en calamiteiten (C2000). Een bouwplan voor een antennemast zal getoetst worden aan de redelijke eisen van Welstand: dit kunnen gebiedsgerichte en/of algemene Welstandscriteria zijn. De Welstandsnota geeft wel aan dat voor rijks- en gemeentelijke monumenten en karakteristieke bebouwing het ‘’Welstandsniveau 1: Zwaar’’ geldt, tenzij er minstens een afstand van vijftig meter is.

Rechtspraak bij dit artikel