De beginselen van behoorlijk bestuur vormen een belangrijk kader waarbinnen het gemeentelijke beleid zich dient te bewegen. Vanuit dit perspectief bezien leidt de onverkorte handhaving van bestaande onrechtmatige bewoning, waarbij handhaving in het verleden is uitgebleven, en het gemeentelijke standpunt ten aanzien van bestaande onrechtmatige bewoning, tot een aanzienlijke aantasting van de belangen van de rechthebbenden in die recreatieverblijven.
Zoals hiervoor al is geconstateerd is door de gemeente in het verleden niet altijd opgetreden tegen situaties van onrechtmatige bewoning. Dit betekent dat handhavend optreden in langdurig bestaande gevallen van permanente bewoning waartegen niet is opgetreden niet redelijk is zonder dat een duidelijke peildatum wordt gesteld waaruit een gewijzigde opstelling van het gemeentebestuur ten aanzien van de handhaving kan blijken. Indien zondermeer handhavend wordt opgetreden kan er strijdigheid ontstaan met het vertrouwensbeginsel en de rechtszekerheid. Vooral bij die gevallen die al vele jaren passief zijn gedoogd kan dit aan de orde zijn. Dienaangaande is het dan ook wenselijk een peildatum te hanteren welke als ijkpunt dient bij het handhavingsbeleid.
Met ingang van de datum waarop gezegd kan worden dat het gemeentebestuur voldoende bekendheid heeft gegeven aan het voornemen om te gaan handhaven, kan het voor een ieder duidelijk zijn dat het gemeentebestuur, dat vaak jarenlang niet heeft opgetreden tegen permanente bewoning van recreatiewoningen, plannen heeft om hierin verandering te brengen. Wanneer het gemeentebestuur duidelijk heeft gewaarschuwd dat handhavend wordt opgetreden tegen degenen die vanaf die datum nog overgaan tot het permanent bewonen van een recreatiewoning, kunnen zij er vanaf die datum niet meer redelijkerwijs op vertrouwen dat niet handhavend tegen de overtreding van het bestemmingsplan zal worden opgetreden. Personen die daartoe toch overgaan, nemen dan ook een risico dat voor hun rekening dient te blijven.
Het voorgaande maakt duidelijk dat uit juridische overwegingen de uitvoering van het rijksbeleid voor de gemeente Bronckhorst een goed alternatief is voor een uniforme overgangsregeling voor die situaties van permanente bewoning die al lange tijd bestaan en waartegen de gemeente in het verleden niet heeft opgetreden.
Hoofdstuk 5.
Artikel 5.3.2
Juridische context
Onderdeel van Beleidsnota onrechtmatige bewoning recreatiewoonverblijven