Burgemeester en wethouders zijn bevoegd controle uit te oefenen op de getrouwheid van de in de art. 19, 20 en 21 bedoelde verslagen.
De administratie van de subsidieontvanger dient zodanig ingericht te zijn, dat deze controle op eenvoudige wijze mogelijk is.
De subsidieontvanger is verplicht door burgemeester en wethouders aangewezen ambtenaren of toezichthouders inzage te geven in haar boeken en andere zakelijke bescheiden en deze desgewenst te verstrekken en toegang te verlenen tot haar gebouwen voorzover de in het eerste lid genoemde controle dat vereist.