<vet>Bebouwing en omgeving</vet>Het plan de “Flatten” is de eerste planmatige woningbouw aan de oostzijde van het lage gedeelte van het voormalige eiland. De westkant van het gebied wordt begrensd door het Wilhelminapark terwijl de noordkant zijn begrenzing vindt in de overgang met de singel aan De Akkers. De Wijk heeft een zelfstandige strectuer die niet gerelateerd is aan de vorm van het voormalige eiland. Een eenvoudig patroon van rechte straten met en symmetrisch straatprofi el kenmerkt het gebied. De wijk is ontworpen op het toenmalige verkeer met voetpaden (trottoirs) langs de rijbanen. De wijk is opgebouwd uit rijenwoningen met lage en hoge goten. Groen komt in de wijk weinig voor. Erfafscheidingen aan de voor- en eventueel zijtuin zijn eenvoudig van aard.<vet>Bebouwing op zich</vet>Binnen de Wijk staan voornamelijk rijenwoningen met één en twee bouwlagen, voorzien van langskappen. Alle hoofdbebouwing is op de openbare ruimte georiënteerd. De architectuur binnen de wijk kenmerkt zich door traditionele materialen en relatief kleine gevelopeningen in het metselwerk. Door de eenvoudige hoofdmassa en de eenheid in kapvorm is er sprake van een rustig bebouwingsbeeld. De balans in de bouwblokken uit zich in de regelmaat van de gevels die wordt ondersteund door de schoorstenen op het dak. De indeling van de gevels is duidelijk herkenbaar. De gelijkvormige eindgevels van de bouwblokken geven de zijstraten een karakteristiek beeld. Typerend voor de architectuur is de horizontale massaopbouw. Aanbouwen aan achtergevels voegen zich eenvoudig binnen de hoofdkarakteristiek in de wijk. De toevoeging van dakkapellen en dakopbouwen in afhankelijk van de dakhelling en nok- hoogte en bevinden zich in het achterdakvlak. De architectuur en uitstraling van de verschillende woningen binnen één blok zijn nagenoeg gelijk. Er is sprake van gesloten, blinde zijgevels omdat de bebouwing vaak direct aansluit op het trottoir of ontsluitingspad.<vet>Materiaal, detaillering en kleur</vet>De samenhang in het straatbeeld ontstaat onder meer door een eenvoudig materiaal- en kleurgebruik. Bakstenen en rode dakpannen zijn hierbij de meest gebruikte materialen.<vet>Criteria</vet>De volgende uitgangspunten gelden voxr ontwerp en toetsing;<vet>Bebouwing en omgeving</vet>Het stedexbouwkundig patron dient herkenbaar te blijven zowel naar straatruimte, groenstructuur en de aansluiting daarop.•Veranderingen mogen de regelmalige opbouw van de bouwblokken niet vervtOrev. •De bouwmassa voor de laagbouw- woningen dient te worden afgestemd op het vernieuwingsplan. •De bebouwing dient gericht te zijn op de openbare ruimte.<vet>Bebouwing op zich</vet>•Uitgangspunt is de Oorspronkelijke gevelindeling. •Er dient een relatie te zijn tussen de gevelindeling en de achterliggende functies. •Op- en aanbouwen moeten ondergeschikt zijn aan de hoofdmassa. •Dakkapellen aan de voorzijde verstoren het straatbeeld. <vet>Materiaal, detaillering en kleur</vet>•Bakstenen en rode dakpannen dienen te worden toegepast. •Het kleurgebruik dient sober en ingetogen te zijn en te passen bij de oorspronkelijke architectuur. •Bij aanpassingen aan bestaande boi.nwverken is het bestaande kleur- en materiaalgebruik uitgangspunt. tenzij reeds een aanzet is gegeven tot wijziging hiervan. •Horizontale bouwdelen zoals goten dienen qua detaillering en kleurstelling op elkaar te worden afgestemd. •Erfafscheidingen dienen zo veel mogelijk te worden uitgevoerd van levend materiaal of in een transparante vorm.