Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.8

De Reede

Onderdeel van Welstandsnota 2004

<vet>Bebouwing en omgeving</vet>De Reede is een gebied omsloten door de Urkerweg, Toppad, Zandplaat en Rotholm. De bebouwing kenmerkt zich door vrijstaande woningbouw (bungalows) op ruime kavels, In het centrum van het gebied liggen een aantal geschakelde patiobungalows. De ruimtelijke opzet kenmerkt het gebied. Erin weinig samenhang tussen de verschillende woningen. Openbaar groen komt bijna niet voor binnen plan. Het groene karakter van wordt bepaald door de inrichting van de tuinen van de woningen. Over het algemeen wordt veel aandacht besteed aan de inrichting van tuinen.<vet>Bebouwing op zich</vet>De bebouwing binnen het gebied bestaat uit verschillende typen. Naast de patioclusters staan er aan de Rotholm twee typen vrijstaande woningen. De overige woningen zijn vrijstaand en individueel ontworpen. Hierdoor heeft elke woning een eigen en herkenbaar gezicht. De bebouwing is overwegend op de openbare ruimte gericht.<vet>Materiaal, detaillering en kleur</vet>De woningen zijn meestal opgetrokken in baksteen en afgedekt met pannendaken. Het kleurgebruik is gevarieerd en afhankelijk van de toegepaste materialen. De variatie ontstaat door verschillen in situering, stijl, vorm, kleur, materiaal, detaillering etc.<vet>De volgende uitgangspunten gelden voor ontwerp en toetsing</vet>:Bebouwing en omgeving•Bouwplannen moeten passen binnen de karakteristiek van de bebouwing, zoals die gekenmerkt wordt door de situering, de uitstraling en het groene karakter. •De vorm en plaats van het perceel is bepalend voor de situering en bouwmassa van hoofd- en bijgebouwen. Bebouwing op zich•De individuele waarde van de woning is bepalend. Veranderingen moeten passen binnen de (stijl)kenmerken en de expressiviteit van de woning. •De gevelopbouw, indeling en de samenstellende elementen zijn uitgangspunt bij veranderingen en toevoegingen. •Er dient een relatie te zijn tussen de gevelindeling en de achterliggende functies. Aanbouwen moeten ondergeschikt zijn aan de hoofdmassa.<vet>Materiaal, detaillering en kleur</vet>•Bij aanpassing van bestaande bouwwerken moet rekening gehouden worden met de bestaande detaillering en kleur- en materiaalgebruik. •Eerafscheidingen dienen zo veel mogelijk te worden uitgevoerd van levend materiaal of in een transparante vorm. <vet>De volgende uitgangspunten gelden voor ontwerp en toetsing</vet>:Bebouwing en omgeving•Bouwplannen moeten passen binnen de karakteristiek van de bebouwing, zoals die gekenmerkt wordt door de situering, de uitstraling en het groene karakter. •De vorm en plaats van het perceel is bepalend voor de situering en bouwmassa van hoofd- en bijgebouwen. Bebouwing op zich•De individuele waarde van de woning is bepalend. Veranderingen moeten passen binnen de (stijl)kenmerken en de expressiviteit van de woning. •De gevelopbouw, indeling en de samenstellende elementen zijn uitgangspunt bij veranderingen en toevoegingen. •Er dient een relatie te zijn tussen de gevelindeling en de achterliggende functies. Aanbouwen moeten ondergeschikt zijn aan de hoofdmassa.<vet>Materiaal, detaillering en kleur</vet>•Bij aanpassing van bestaande bouwwerken moet rekening gehouden worden met de bestaande detaillering en kleur- en materiaalgebruik. •Eerafscheidingen dienen zo veel mogelijk te worden uitgevoerd van levend materiaal of in een transparante vorm.

Rechtspraak bij dit artikel