1. 1. De Wmo/Wwb-raad bestaat uit:
    • - de gezamenlijke (plaatsvervangende) vertegenwoordigers van representatieve organisaties van de kant van vragers op het gebied van maatschappelijke ondersteuning. Deze organisaties dragen ieder hun eigen vertegenwoordiger en plaatsvervangende vertegenwoordiger voor;
    • - personen bedoeld in artikel 7 van de Wet werk en bijstand.
  2. 2. De in het eerste lid genoemde organisaties dekken zoveel mogelijk de negen prestatievelden van de Wmo, namelijk:
    • - het bevorderen van sociale samenhang en leefbaarheid in dorpen, wijken en buurten;
    • - op preventie gerichte ondersteuning van jeugdigen met problemen in het opgroeien en ondersteuning van ouders met problemen bij het opvoeden;
    • - het geven van informatie, advies en cliëntondersteuning;
    • - het ondersteunen van mantelzorgers en vrijwilligers;
    • - het bevorderen van de deelname aan het maatschappelijk verkeer en het bevorderen van het zelfstandig functioneren van mensen met een beperking of een chronisch psychisch probleem of een psychosociaal probleem;
    • - het verlenen van voorzieningen aan mensen met een beperking of een chronischpsychisch probleem of een psychosociaal probleem ten behoeve van het behoud van hun zelfstandig functioneren of hun deelname aan het maatschappelijk verkeer;
    • - het bieden van maatschappelijke opvang, waaronder vrouwenopvang;
    • - het bevorderen van de openbare geestelijke gezondheidszorg (OGGZ);
    • - het bevorderen van het verslavingsbeleid;
  3. 3. De Wmo/Wwb-raad is op zodanige wijze samengesteld dat minimaal 5 en maximaal 9 leden, exclusief de voorzitter, zitting nemen in deze raad.
  4. 4. De vertegenwoordigers dragen zorg voor de communicatie met de eigen achterban en andere achterbannen uit desbetreffend prestatieveld.
  5. 5. De leden bekleden geen vertegenwoordigende functie namens een politieke partij in Bergen en zij bekleden geen functie bij een organisatie, die direct belang heeft bij de dienstverlening aan de doelgroepen van de Wmo.
  6. 6. De leden van de Wmo/Wwb-raad kiezen uit hun midden een secretaris en een penningmeester en kunnen voor ieder van hen een plaatsvervanger aanwijzen. De functies van secretaris en penningmeester kunnen door één persoon worden uitgeoefend.