De vergoeding voor verblijfkosten wordt als volgt vastgesteld:
- - De leden van het college, de gemeentesecretaris en de dienstdirecteuren ontvangen een vergoeding tot de bedragen welke volgens hun opgaven, met inachtneming van gepaste zuinigheid, in totaal voor verblijfkosten zijn uitgegeven; in voorkomende gevallen daaronder begrepen de uitgaven voor de reizigers die hen vergezellen.
- - De ambtenaren behorende tot groep B krijgen, na overlegging van rekeningen, een maximum vergoeding tot het bedrag van de werkelijk gemaakte kosten overeenkomstig de bedragen zoals genoemd in artikel 5 van de Reisregeling binnenland.
- - Indien personen van groep B, een of meer personen van groep A op zakelijke gronden op een dienstreis vergezellen, wordt de hun toekomende vergoedingen bepaald naar de maatstaf, geldende voor groep A.
- - Indien de dienstreis wordt ondernomen voor het bijwonen van een congres of bijeenkomst, worden de verblijfkosten vergoed op basis van het tweede lid, met inachtneming van gepaste zuinigheid. In die gevallen waar de verblijfkosten van te voren vaststaan worden de werkelijk gemaakte kosten vergoed.