Lid 1
Het bij aanstelling aan de ambtenaar jonger dan 21 jaar, toegekende salaris wordt bij voldoende bekwaamheid, geschiktheid en dienstijver verhoogd naar gelang zijn leeftijd toeneemt, onverminderd hetgeen dienaangaande in de overige artikelen is bepaald.
Lid 2
Het salaris van een ambtenaar, die de leeftijd van 21 jaar bereikt, wordt vastgesteld op het minimumbedrag van de voor hem geldende salarisschaal.