Lid 1

De commandant dient het college van advies ten aanzien van al hetgeen met de brandweer verband houdt en doet hun, ook uit eigen beweging, schriftelijke voorstellen met betrekking tot:

  • - benoeming, bevordering, schorsing en ontslag van het personeel;
  • - het eventueel opnieuw medisch doen onderzoeken aan het personeel;
  • - onderhoud, herstelling, vernieuwing en uitbreiding van het ten dienste van de brandweer staande materieel, gebouwen en terreinen daaronder begrepen, de dienstkleding en uitrustingsstukken van het personeel, de brandmeldings- en alarmeringsinstallaties en van de voor de bluswater voorziening aangelegde of bestemde inrichtingen met toebehoren;
  • - al hetgeen hij overigens dienstig acht in het belang van de vervulling van de aan de brandweer opgedragen taken, als bedoeld in de artikelen 1 en 2 van de Verordening betreffende de organisatie en het beheer van de gemeentelijke brandweer.