Terug naar versiegeschiedenis
Versie 2
Vreemdelingencirculaire 2000 (C)
2 gewijzigd
Gewijzigde artikelen
Artikel C2Specifieke procedures
Gewijzigd - • Er bestaan redelijke gronden om aan te nemen dat de vreemdeling het slachtoffer zou kunnen zijn geweest van strafbare feiten op het gebied van mensenhandel. Het gebruik maken van de bedenktijd of het doen van een aangifte is verwijderd: niet eindevoldoende om aan te nemen dat deze redelijke gronden bestaan.
Een voorwaarde voor het vervallen van het recht op deze opvangvoorzieningen is dat de vreemdeling moet zijn geïnformeerd over zijn of haar verplichtingen en de gevolgen van niet-nakoming daarvan overeenkomstig artikel 11, verwijderd: lid 1 eindetoegevoegd: eerste lid einde, punt b Procedureverordening of artikel 5, toegevoegd: eerste eindelid verwijderd: 1 eindeen artikel 21 Opvangrichtlijn. De IND neemt in ieder geval aan dat de vreemdeling hierover is geïnformeerd wanneer sprake is van een eerdere aanvraag in een andere lidstaat op of na 12 juni 2026, tenzij expliciet door de betreffende lidstaat is aangegeven dat deze de vreemdeling niet heeft geïnformeerd.Artikel 46, tweede lid, Asiel- en migratiebeheerverordening geeft de IND de mogelijkheid om de overdrachtstermijn tot maximaal een jaar te verlengen bij gevangenzetting van de vreemdeling. Van gevangenzetting in voormelde zin is sprake bij een rechterlijke beslissing tot vrijheidsbeneming die in het kader van een strafrechtelijke procedure is gegeven ten aanzien van een persoon die een strafbaar feit heeft gepleegd of die ervan wordt verdacht een strafbaar feit te hebben gepleegd.toegevoegd: De IND verlengt wanneer deze situatie zich voordoet de uiterste overdrachtstermijn altijd met de maximale termijn. einde
Verder geeft deze bepaling de mogelijkheid om de overdrachtstermijn tot maximaal drie jaar te verlengen als de vreemdeling, of een gezinslid die samen met de vreemdeling moet worden overgedragen:De vreemdeling moet in kennis worden gesteld van zijn verplichting om mee te werken aan de overdracht. Ook moet hij geïnformeerd worden over de gevolgen van het niet meewerken hieraan. Als de vreemdeling op de hoogte was van zijn verplichtingen, en vervolgens (tijdelijk) niet beschikbaar blijft voor de autoriteiten, dan neemt de IND in ieder geval aan dat de vreemdeling zich aan de uitvoering van de overdracht heeft onttrokken. De IND stelt de lidstaat die verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn verzoek om internationale bescherming tijdig op de hoogte van de verlenging van de uiterste overdrachtsdatum. De IND verlengt de uiterste toegevoegd: overdrachtstermijn in deze situaties altijd met de maximale termijn. De IND verlengt de uiterste eindeoverdrachtsdatum niet als er sprake is geweest van verschoonbare feiten en omstandigheden of als de vreemdeling niet is ingelicht over de verplichtingen die dienaangaande op hem rusten.
Artikel C4Afdoeningsgronden
Gewijzigd De IND neemt op grond van artikel 30 Vw, een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling als een andere lidstaat op grond van de Asiel- en migratiebeheerverordening als verantwoordelijke lidstaat kan worden aangewezen.
Voor de toepassing van de Asiel- en migratiebeheerverordening wordt verder verwezen naar paragraaf C2/3 Vc.
Een aanvraag kan niet-ontvankelijk worden verklaard op grond van artikel 30a Vw in de gevallen als bedoeld in artikel 38, eerste lid, Procedureverordening. Deze gevallen worden hieronder verder uitgewerkt. Dit betreft een nadere uitwerking van paragraaf C1/3.2.3 Vc ‘Ontvankelijkheidsprocedure’.
In artikel 58 Procedureverordening staat het begrip ‘eerste land van asiel’ uitgewerkt. Een land dat geen onderdeel is van de Europese Unie, verwijderd: Europese Economische Ruimte eindetoegevoegd: de EER eindeof Zwitserland wordt beschouwd als een eerste land van asiel voor de vreemdeling, indien de vreemdeling daar (doeltreffende) bescherming heeft genoten en nog steeds op die bescherming een beroep kan doen.