Naar de inhoud
Terug naar versiegeschiedenis

Versie 1

Regeling Europese EZ-, LVVN- en KGG-subsidies 2021

+18 toegevoegd 18 gewijzigd

Toegevoegde artikelen

Artikel 3.1.2aUiterlijke realisatietermijn

De termijn waarbinnen de activiteiten waarvoor subsidie op grond van dit hoofdstuk is verleend moeten zijn voltooid, wordt op aanvraag niet verder verlengd dan tot en met 29 juni 2029.

Via stcrt-2026-33577

Artikel 5.10.1Begripsomschrijvingen

In deze titel wordt verstaan onder:

  • - investering in een dierwaardig omgevingsklimaat: investering als bedoeld in bijlage 5, waarbij producten die onmiskenbaar met elkaar verbonden zijn worden beschouwd als één investering;
  • - legkip: legrijp dier van de soort Gallus gallus dat wordt gehouden voor de productie van andere eieren dan broedeieren;
  • - opfoklegkip: een nog niet legrijp dier van de soort Gallus gallus dat wordt gehouden om, nadat het legrijp is geworden, als legkip te worden gehouden;
  • - opfokvleeskuikenouderdieren: dieren van tien weken of ouder die worden opgefokt tot ouderdier van vleeskuikens;
  • - ouderdier van vleeskuikens: dier dat wordt gehouden voor de productie van broedeieren;
  • - veehouderij: landbouwbedrijf waar dieren bedrijfsmatig worden gehouden met het oog op de productie van dierlijke producten;
  • - verordening 2018/848:Verordening (EU) nr. 2018/848 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2018 inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad (PbEU 2018, L 15);
  • - vleeskuiken: dier van de soort Gallus gallus dat wordt gehouden voor de productie van vlees.

Via stcrt-2026-29272

Artikel 5.10.2Subsidieverstrekking
  1. 1. De minister verleent op aanvraag aan een landbouwer subsidie voor de aanschaf en installatie van een investering in een dierwaardig omgevingsklimaat op een veehouderij, in het bijzonder op een biologische veehouderij, binnen de sectoren legkippen, opfoklegkippen, opfokvleeskuikenouderdieren, vleeskuikens of ouderdier van vleeskuikens, varkens of rundvee.
  2. 2. Een aanvraag kan meerdere investeringen bevatten.
  3. 3. Per landbouwer kan op grond van deze titel slechts één keer subsidie worden aangevraagd.
  4. 4. Indien een veehouderij uit meerdere landbouwers bestaat kan op grond van deze titel slechts één keer subsidie worden aangevraagd.

Via stcrt-2026-29272

Artikel 5.10.3Hoogte subsidie
  1. 1. De hoogte van de subsidie bedraagt 40% van de subsidiabele kosten.
  2. 2. De hoogte van de subsidie bedraagt minimaal € 5.000 en maximaal € 100.000.

Via stcrt-2026-29272

Artikel 5.10.4Subsidiabele kosten
  1. 1. In afwijking van artikel 1.3 komen alleen kosten als bedoeld in artikel 1.3, onderdeel e, voor subsidie in aanmerking.
  2. 2. Onverminderd artikel 1.4 komen de volgende kosten niet als subsidiabele kosten in aanmerking:
    • - a. vervangingsinvesteringen;
    • - b. investeringen in tweedehands systemen;
    • - c. abonnementen en onderhoudscontracten.

Via stcrt-2026-29272

Artikel 5.10.5Verdeling subsidieplafond
  1. 1. De minister verdeelt het subsidieplafond op volgorde van rangschikking van de aanvragen om subsidieverlening.
  2. 2. Indien aan twee of meer aanvragen in totaal een gelijk aantal punten is toegekend verdeelt de minister een aanvraag door middel van loting.

Via stcrt-2026-29272

Artikel 5.10.6Rangschikkingscriteria
  1. 1. De minister kent aan een aanvraag een aantal punten toe op basis van de in bijlage 5 opgenomen lijst van investeringen.
  2. 2. Indien een aanvraag meerdere investeringen bevat, wordt van deze investeringen samen een gemiddeld aantal punten berekend ten behoeve van de rangschikking.
  3. 3. Aan een aanvraag van een landbouwer die biologisch gecertificeerd is als bedoeld in hoofdstuk V van verordening 2018/484 dan wel in omschakeling is naar biologische productie als bedoeld in artikel 10 van verordening 2018/484 wordt 1 extra punt toegekend.

Via stcrt-2026-29272

Artikel 5.10.7Realisatietermijn

De termijn, bedoeld in artikel 2.11, tweede lid, onderdeel b, loopt af op 31 december 2028.

Via stcrt-2026-29272

Artikel 5.10.8Afwijzingsgronden

Onverminderd artikel 2.11 beslist de minister afwijzend op een aanvraag om subsidieverlening, indien met de uitvoering van het project is gestart voordat de aanvraag om subsidie is ingediend.

Via stcrt-2026-29272

Artikel 5.10.9Informatieverplichtingen

Onverminderd artikel 2.9 bevat de aanvraag om subsidie in ieder geval:

  • - a. een financieringsplan;
  • - b. een opgave van subsidies of vergoedingen die voor dezelfde activiteiten bij andere bestuursorganen zijn aangevraagd, onder vermelding van de stand van zaken daarvan;
  • - c. als de aanvraag wordt ingediend door een biologische veehouder wordt een geldig Skal certificaat of een bevestiging van Stichting Skal of een andere erkende instantie overlegd overeenkomstig Hoofdstuk V van verordening 2018/848 dan wel een verklaring van een op grond van artikel 46 van verordening 2018/848 erkende instantie, dat het bedrijf in omschakeling is naar biologische productie.

Via stcrt-2026-29272

Artikel 5.10.10Verplichtingen subsidieontvanger

Onverminderd artikel 2.18, dient de aanvrager twaalf maanden na subsidieverlening een tussenrapportage in bij de minister. Deze tussenrapportage bevat een overzicht van de uitgevoerde activiteiten en de behaalde deelresultaten.

Via stcrt-2026-29272

Artikel 5.10.11Toepasselijk RUS kader

Op de subsidie, bedoeld in artikel 5.10.2, eerste lid, zijn de regels inzake een subsidie van 125.000 euro of meer van toepassing.

Via stcrt-2026-29272

Artikel 5.10.12Vervaltermijn

Deze titel en bijlage 5 vervalt met ingang van 31 december 2029, met dien verstande dat deze van toepassing blijven op subsidies voor deze datum zijn verleend.

Via stcrt-2026-29272

Bijlage 1Behorende bij de artikelen 3.1.9 en 4.2.18 van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021

Procedure als bedoeld in de artikelen 3.1.9 en 4.2.18 van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021

Kopieën of volledig digitale documenten kunnen worden geaccepteerd als bewijsstuk. In deze bijlage worden de procedures vastgesteld voor documenten die in het kader van de uitvoering van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021 en verantwoording op grond van Verordening (EU) 2021/1060 van het Europees Parlement en de Raad van 24 juni 2021 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds Plus, het Cohesiefonds, het Fonds voor een rechtvaardige transitie en het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en de financiële regels voor die fondsen en voor het Fonds voor asiel, migratie en integratie, het Fonds voor interne veiligheid en het Instrument voor financiële steun voor grensbeheer en visumbeleid (PbEU 2021, L 231) en op grond van Verordening (EU) 2021/1139 van het Europees Parlement en de Raad van 7 juli 2021 tot oprichting van het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en tot wijziging van Verordening (EU) 2017/1004 (PbEU 2021, L 247) kunnen worden gebruikt.

1 Typen documenten

De volgende documenten worden als bewijsstukken geaccepteerd:

  • - a. fotokopieën van originelen;
  • - b. microfiches van originelen;
  • - c. elektronische versies van originelen;
  • - d. documenten die uitsluitend in elektronische versie bestaan, mits de gebruikte computersystemen voldoen aan aanvaarde beveiligingsnormen die waarborgen dat de bewaarde documenten voldoen aan de eraan te stellen wettelijke eisen en dat bij controles op deze documenten kan worden gesteund.

2 Procedure voor het gebruik van de documenten, bedoeld onder 1, onderdelen a, b en c

De in 1, onderdelen a, b en c, bedoelde bewijsstukken zijn geconverteerde documenten of gegevensdragers. Bij conversie van het origineel naar het geconverteerde document of gegevensdrager wordt aan de hieronder vermelde voorwaarden voldaan:

  • - • alle gegevens worden overgezet;
  • - • alle gegevens worden inhoudelijk juist overgezet;
  • - • er wordt voor gezorgd dat de nieuwe gegevensdrager tijdens de gehele bewaartermijn beschikbaar is;
  • - • de geconverteerde gegevens kunnen binnen redelijke tijd ge(re)produceerd worden en leesbaar worden gemaakt;
  • - • er wordt zorg voor gedragen dat de controle van de geconverteerde gegevens binnen redelijke tijd kan worden uitgevoerd;
  • - • de subsidieontvanger borgt tevens de authenticiteit van de geconverteerde bewijsstukken door onder andere een relatie te leggen met de overige bewijsstukken in het betreffende projectdossier. Bij een factuur bijvoorbeeld behoort ook een betaalbewijs, een bewijs van deelname of een bewijsstuk met betrekking tot de inkoopprocedure.

Het in samenhang bezien van de verschillende bewijsstukken strekt er mede toe de authenticiteit van het geconverteerde document of de gegevensdrager te waarborgen en dat hierop voor controledoeleinden kan worden vertrouwd.

Als de conversie op de juiste wijze gebeurt, is het in het kader van de verantwoording, niet meer noodzakelijk de bewijsstukken op de originele gegevensdrager te bewaren. Het geconverteerde bewijsstuk mag na conversie niet meer gewijzigd kunnen worden.

3 Procedure voor het bewaren van stukken die uitsluitend in een elektronische versie bestaan, bedoeld onder 1, onderdeel d

Indien een subsidieontvanger gebruik maakt van elektronische documenten waarbij uitsluitend een elektronische versie bestaat, worden de geautomatiseerde systemen voorzien van beheers- en beveiligingsmaatregelen die de betrouwbaarheid, authenticiteit en integriteit van de elektronische gegevens gedurende de gehele vereiste bewaartermijn waarborgen. Het is aan de subsidieontvanger om dit aan te tonen.

Voor een tweetal veel voorkomende situaties zijn de voorschriften hieronder uitgewerkt:

  • - 1. Digitale urenadministratie:

    om aan de eisen van betrouwbaarheid, authenticiteit en integriteit van de elektronische gegevens te kunnen voldoen, moet de subsidieontvanger kunnen aantonen dat:

    • - • de functiescheiding binnen het systeem wordt gewaarborgd;
    • - • vaststellingen na accorderen door de leidinggevende niet meer te wijzigen zijn.

    Het is aan de subsidieontvanger om dit aan te tonen.

  • - 2. Facturen die digitaal worden verzonden:

    om aan de eisen van betrouwbaarheid, authenticiteit en integriteit van de elektronische gegevens te kunnen voldoen kan de subsidieontvanger via de onderlinge relatie met andere documenten (zoals een betaalbewijs) aantonen dat voor de controle kan worden gesteund op de digitale factuur.

Via stcrt-2024-19245

Bijlage 2Behorende bij de artikelen 5.8.1, 5.8.2.7, vijfde lid en 5.8.4.7, vijfde lid

stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden als bedoeld in artikel 5.8.1 (begripsomschrijving overgangsgebieden N2000) en de score urgentie als bedoeld in de artikelen 5.8.2.7, vijfde lid en 5.8.4.7, vijfde lid.

provincieGroningenscore urgentie
Lieftinghsbroek (21)13,0
provincieFrieslandscore urgentie
Alde Feanen (13)3,0
Bakkeveense duinen (17)3,5
Duinen Ameland (5)4,0
Duinen Schiermonnikoog (6)3,5
Duinen Terschelling (4)3,5
Duinen Vlieland (3)3,0
Oudegaasterbrekken, Fluessen en omgeving (10)2,9
Rottige Meenthe & Brandemeer (18)3,5
Van Oordt's Mersken (15)3,0
Wijnjeterper Schar (16)3,0
provincieDrenthescore urgentie
Bargerveen (33)4,5
Drents-Friese Wold & Leggelderveld (27)5,0
Drentsche Aa-gebied (25)4,0
Drouwenerzand (26)3,0
Dwingelderveld (30)5,0
Elperstroomgebied (28)3,0
Fochteloërveen (23)5,0
Holtingerveld (29)4,0
Mantingerbos (31)3,0
Mantingerzand (32)3,5
Norgerholt (22)3,0
provincieOverijsselscore urgentie
Aamsveen (55)4,5
Achter de Voort, Agelerbroek & Voltherbroek (47)3,0
Bergvennen & Brecklenkampse Veld (46)4,0
Boetelerveld (41)3,5
Borkeld (44)3,5
Buurserzand & Haaksbergerveen (53)4,5
De Wieden (35)3,5
Dinkelland (49)3,0
Engbertsdijksvenen (40)4,5
Landgoederen Oldenzaal (50)3,0
Lemselermaten (48)3,0
Lonnekermeer (51)4,0
Olde Maten & Veerslootslanden (37)3,5
Sallandse Heuvelrug (42)4,0
Springendal & Dal van de Mosbeek (45)3,5
Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht (36)2,9
Vecht- en Beneden-Reggegebied (39)5,0
Weerribben (34)4,0
Wierdense Veld (43)4,0
Witte Veen (54)3,5
provincieGelderlandscore urgentie
Bekendelle (63)3,0
De Bruuk (69)3,0
Korenburgerveen (61)5,0
Landgoederen Brummen (58)3,5
Lingegebied & Diefdijk Zuid (70)3,0
Loevestein, Pompveld & Kornsche Boezem (71)2,9
Rijntakken (38)3,0
Stelkampsveld (60)3,5
Veluwe (57)5,0
Willinks Weust (62)3,0
Wooldse Veen (64)4,5
provincieUtrechtscore urgentie
Binnenveld (65)3,0
Botshol (83)3,5
Kolland & Overlangbroek (81)3,0
Uiterwaarden Lek (82)3,0
Zouweboezem (105)2,9
provincieNoord-Hollandscore urgentie
Duinen Den Helder – Callantsoog (84)3,5
Duinen en Lage Land Texel (2)3,5
Eilandspolder (89)3,0
Ilperveld, Varkensland, Oostzanerveld & Twiske (92)3,0
Kennemerland-Zuid (88)4,5
Naardermeer (94)4,0
Noordhollands Duinreservaat (87)5,0
Oostelijke Vechtplassen (95)4,0
Polder Westzaan (91)3,0
Schoorlse Duinen (86)4,0
Wormer- en Jisperveld & Kalverpolder (90)3,0
Zwanenwater & Pettemerduinen (85)3,0
provincieZuid-Hollandscore urgentie
Coepelduynen (96)3,0
Duinen Goeree & Kwade Hoek (101)3,5
Meijendel & Berkheide (97)3,5
Nieuwkoopse Plassen & De Haeck (103)3,5
Solleveld & Kapittelduinen (99)4,0
Voornes Duin (100)4,0
Westduinpark & Wapendal (98)4,0
provincieZeelandscore urgentie
Canisvliet (125)2,9
Groote Gat (124)2,9
Kop van Schouwen (116)4,5
Manteling van Walcheren (117)4,5
Vogelkreek (126)2,9
Yerseke en Kapelse Moer (121)2,9
Zwin & Kievittepolder (123)2,9
provincieNoord-Brabantscore urgentie
Biesbosch (112)3,0
Brabantse Wal (128)5,0
Deurnsche Peel & Mariapeel (139)5,0
Groote Peel (140)4,5
Kampina & Oisterwijkse Vennen (133)5,0
Kempenland-West (135)4,5
Langstraat (130)3,5
Leenderbos, Groote Heide & De Plateaux (136)4,0
Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen (131)4,5
Oeffelter Meent (141)2,9
Regte Heide & Riels Laag (134)3,5
Strabrechtse Heide & Beuven (137)4,0
Ulvenhoutse Bos (129)4,0
Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek (132)3,5
provincieLimburgscore urgentie
Bemelerberg & Schiepersberg (156)3,0
Boschhuizerbergen (144)4,5
Brunssummerheide (155)3,0
Bunder- en Elslooërbos (153)3,0
Geleenbeekdal (154)3,0
Geuldal (157)4,0
Kunderberg (158)3,0
Leudal (147)3,0
Maasduinen (145)5,0
Meinweg (149)4,0
Noorbeemden & Hoogbos (161)3,0
Roerdal (150)3,0
Sarsven en De Banen (146)4,5
Savelsbos (160)3,5
Sint Jansberg (142)3,0
Sint Pietersberg & Jekerdal (159)3,5
Swalmdal (148)2,9
Weerter- en Budelerbergen & Ringselven (138)4,5
Zeldersche Driessen (143)3,0
Ministerievan I&Wscore urgentie
Grevelingen (115)3,5
Krammer-Volkerak (114)2,9
Noordzeekustzone (7)2,9
Oosterschelde (118)3,0
Voordelta (113)2,9
Waddenzee (1)3,0
Westerschelde & Saeftinghe (122)2,9
Ministerievan Defensiescore urgentie
Witterveld (24)4,0

1 De nummering tussen haakjes betreft de 162 aangewezen N2000 gebieden als vermeld op de website www.natura2000.nl.

Via stcrt-2023-29658

Bijlage 3Behorende bij titel 5.8, paragraaf 5.8.3, paragraaf 5.8.4 en paragraaf 5.8.5
123
Product/activiteitOmschrijving resultaatberekeningsmethode
1. Uitwerking
a. uitwerking op het niveau van het samenwerkings-verbandDocument met een inhoudelijke beschrijving van de uit te voeren activiteiten in het samenwerkingsverband met: a. een uitwerking op het niveau van het samenwerkingsverband voor onderstaande doelen: 1°. Reductie CO2-emissie uit veenweidepercelen of; 2°. Reductie ammoniakemissie in overgangsgebieden N2000; b. een beschrijving van de huidige situatie in het samenwerkingsverband in het licht van de doelen, bedoeld in onderdeel a; c. een beschrijving van de beoogde activiteiten op de percelen in het samenwerkingsverband zoals omschreven in onderdelen 5 en 6 van deze tabel; d. een beschrijving van de overige activiteiten van het samenwerkingsverband, zoals omschreven in onderdelen 1b t/m 4, die op effectieve en efficiënte wijze kunnen bijdragen aan het behalen van een van de doelen, bedoeld in onderdeel a; e. de verwachte uitkomsten van de activiteiten bedoeld in onderdelen 5 en 6; f. een beschrijving van de rol en de taken van de bij de uitvoering van het plan betrokken partijen; g. een kaart waarop is aangegeven op welke percelen de activiteiten, bedoeld in onderdelen 5 en 6, uitgevoerd gaan worden; h. (een inschatting van) de (neven)effecten op andere actoren binnen of buiten het projectgebied; en i. de planning van de uitvoering van het project. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijsOfferten: per aanvraag;
b. bedrijfsplan per deelnemend agrarisch bedrijf of grondeigenaarDocument met een beschrijving van de activiteiten van een deelnemend bedrijf of grondeigenaar en de bijdrage die hiermee aan het beoogde doel geleverd wordt, waaronder: – onderbouwing keuze voor te ontwikkelen doelen en uit te voeren activiteiten, waarbij ook de opbouw van kennis en ervaring wordt toegelicht; – relaties met andere deelnemende bedrijven of partners; – begroting van de kosten van de activiteiten in onderdelen 5 en 6 van deze tabel; – een kaart waarin is aangegeven op welke percelen de activiteiten, bedoeld in onderdelen 5 en 6 worden uitgevoerd. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijsOfferten: per deelnemend agrarisch bedrijf of grondeigenaar
c. uitwerking plan van samenwerkingsverband-watersysteemDocumenten met de beschrijving van de uit te voeren activiteiten in het samenwerkingsverband-watersysteem met: a. een uitwerking van de verwachte verbeteringen voor het watersysteem met daarvoor: 1°.een beschrijving van de huidige situatie waarbij de relatie met projecten om de grondwaterstand in het veenweidegebied te verhogen wordt toegelicht; 2°. een beschrijving van de knelpunten, die samenhangen met de in onderdeel 1° genoemde projecten, of de knelpunten zien op wateroverlast watertekort of de waterkwaliteit, en op welke manier die knelpunten worden weggenomen; 3°. een beschrijving van de beoogde activiteiten zoals omschreven in de onderdelen 7 en 8 en een inschatting van de verwachte resultaten; b. een beschrijving van de rol en de taken van de bij de uitvoering van het plan betrokken partijen; c. een inschatting van de (neven)effecten op andere actoren; d. de planning van de uitvoering van het project. Aantonen aan de hand van offerten, ondertekende offerten, factuur en betaalbewijsOfferten: per aanvraag
2. Begeleiding projecten
a. werven deelnemersVoeren van individuele gesprekken met potentiële deelnemers om te komen tot afspraken over deelname aan het project of over het opstellen van een bedrijfsplan. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur betaalbewijsOfferten: per potentiële deelnemer
b. begeleiden deelnemersBegeleiding van deelnemers bij de uitvoering van het bedrijfsplan. Bepalen aan de hand van gemaakte bedrijfsplannen. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijsOfferten: per deelnemer
c. Projectmanagement samenwerkingsverband-watersysteemBegeleiding van de realisatie van het project tot verbetering van het watersysteem. Aantonen aan de hand van offerten, ondertekende offerten, factuur en betaalbewijsOfferten
3. Communicatie
a. communicatieplanDocument met een overkoepelend communicatieplan voor het project met aandacht voor: – producten – doelgroepen – begroting op basis van de productenlijst – fasering In het plan wordt expliciet aandacht besteed aan de bijdrage die het project levert aan de doelstelling van het project. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijsOfferten
b. kleine bijeenkomstBijeenkomst van maximaal 15 personen; voorbereiding, facilitaire zaken en verslaglegging. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijsOfferten per bijeenkomst
c. grote bijeenkomstBijeenkomst van meer dan 15 personen; voorbereiding, facilitaire zaken en verslaglegging. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijsOfferten per bijeenkomst
4. Rapportage
a. tussenrapportageDocument met inhoudelijke beschrijving van de voortgang van het project, evaluatie, leerpunten, evt. aanpassingen in het project. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijsOfferten per tussenrapportage;
b. eindrapportageDocument met inhoudelijke beschrijving van de resultaten van het project, evaluatie en leerpunten. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijsOfferten
5. Niet-productieve investeringen veenweide
a. aanschaf en plaatsen van waterinfiltratie-systemen, zoals onderwaterdrainage of drukdrainageWaterinfiltratiesystemen, zoals onderwaterdrainage en drukdrainage, die voldoen aan de KIWA beoordelingsrichtlijn 1411, zijn niet-productieve investeringen met als doel de grondwaterstand in veenweidepercelen te verhogen. Dit kan alleen op grasland, zowel op landbouwareaal als op niet-landbouwareaal. De drainagebuizen hebben een omhulsel van natuurlijk materiaal. Met de KIWA beoordelingsrichtlijn 1411 wordt gelijkgesteld een beoordelingsrichtlijn opgesteld door een onafhankelijke certificeringsinstelling in een andere lidstaat van de Europese Unie dan wel in een staat, niet zijnde een lidstaat van de Europese Unie, die partij is bij een daartoe strekkend of mede daartoe strekkend Verdrag dat Nederland bindt, welke beoordelingsrichtlijn vereisten bevat die ten minste gelijkwaardig zijn aan het niveau dat met de KIWA beoordelingsrichtlijn 1411 wordt nagestreefd. Voor berekeningen van de CO2 -emissie wordt bij drukdrainage alleen gerekend met de medium variant in het CO2-rekenmodel (www.nobveenweiden.nl/bevindingen). Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijswerkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs
b. aanschaf en plaatsen van grondwaterpeil-buizenGrondwaterpeilbuizen geven inzicht in de grondwaterstand in veenweidepercelen. Vanwege de benodigde datalevering zijn digitale meetsystemen noodzakelijk. Dit kan alleen op grasland, zowel op landbouwareaal als op niet-landbouwareaal. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs.Werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs
c. onderhoud waterinfiltratie-systeem en grondwaterpeil-buizenVoor onderhoud ter zake van onderdelen 5a en 5b zijn geen jaarlijkse bijdragen voorzien maar kan per keer een factuur en betaalbewijs worden overgelegd. In de begroting van het project kan maximaal 10% van de subsidiabele kosten van 5a en 5b gezamenlijk worden opgenomen.Werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs
6. Uitvoeren beheeractiviteiten
a. geringere droogleggingHet verschil tussen het peil rondom het perceel (in cm ten opzichte van het NAP) en de gemiddelde hoogte van het maaiveld van het perceel (in cm ten opzichte van het NAP) voor de periode van april tot en met september leidt tot de berekende subsidie. - De hoogte van het peil rondom het perceel, het peilvak of een deel daarvan, voor de genoemde periode is schriftelijk vastgelegd in bijvoorbeeld een peilbesluit, vergunning of ontheffing van het waterschap. – De hoogte van het maaiveld van het perceel is af te lezen op de AHN-viewer (www.ahn.nl). – De percelen moeten landbouwareaal en grasland betreffen. – Per samenwerkingsverband moet minimaal 90% van het areaal van deze percelen onder de definitie veenweidegebied vallen. Bij combinatie van deze beheeractiviteit met extensiveren (onderdeel 6b) wordt de subsidie voor deze beheeractiviteit berekend met de lagere referentie gewasopbrengst door extensiverenDrooglegging is max. 40 cm: € 545 per ha/jr Drooglegging is max. 30 cm: € 790 per ha/jr Drooglegging is max. 20 cm: € 1.355 per ha/jr Combinatie met extensiveren (6b): bij 150 kg N dierexcretie/ha/bedrijf: 40 cm = € 450 per ha 30 cm = € 645 per ha 20 cm = € 1.105 per ha bij 100 kg N dierexcretie/ha/bedrijf: 40 cm = € 410 per ha 30 cm = € 585 per ha 20 cm = € 995 per ha
b. extensiveren melkveehouderijbedrijfHet dierexcretie- en bemestingsvolume van het melkveehouderijbedrijf is maximaal 150 of 100 kg stikstof per ha landbouwareaal per bedrijf waarbij het gebruik van stikstofhoudende kunstmest niet is toegestaan. Voor de aanvraag gericht op extensivering in overgangsgebieden N2000 (paragraaf 5.8.4.): Voor de puntenberekening van de weidegang wordt gekeken naar de ecoactiviteit weiden.Max. 150 kg N dierexcretie/ha per bedrijf: € 1.680 per ha/jr Max. 100 kg N dierexcretie/ha per bedrijf: € 2.430 per ha/jr
c. extensiveren akkerbouwbedrijfHet bemestingsvolume van het akkerbouwbedrijf is maximaal 150 of 100 kg stikstof per ha landbouwareaal per bedrijf. Het akkerbouwbedrijf kan ervoor kiezen om alleen biologische gewasbeschermingsmiddelen en gewasbeschermingsmiddelen die zijn opgenomen in de Skal inputlijst te gebruiken.Max. 150 kg N bemesting/ha per bedrijf: € 375 per ha/jr Max 100 kg N bemesting/ha per bedrijf: € 1.020 per ha/jr Max. 150 kg N bemesting/ha per bedrijf met gebruik van de Skal inputlijst voor gewasbeschermingsmiddelen: € 2.675 per ha/jr Max. 100 kg N bemesting/ ha per bedrijf met gebruik van de Skal inputlijst voor gewasbeschermingsmiddelen: € 3.130 per ha/jr Ingeval het akkerbouwbedrijf tevens de eco-activiteit rustgewassen aanvraagt worden de bovenstaande vergoedingen verminderd met € 105 per ha.
7. Niet productieve investeringen watersysteem
a. aanleg, inrichten, aanschaf, plaatsen van investeringen die het watersysteem verbeterenDe niet-productieve investeringen in het watersysteem hangen samen met reeds genomen of nog te nemen maatregelen tot geringere drooglegging of plaatsing van waterinfiltratiesystemen. De investeringen zien op het oplossen van watertekort, wateroverlast of verminderde waterkwaliteit, die samenhangen met de verhoging van de grondwaterstand. Zoals vergroten van aanvoer- of afvoerwatergangen, aanleg van duikers, stuwtjes of natuurvriendelijke oevers. Investeringen in gemalen vallen hier niet onder Aantonen aan de hand van offerten, ondertekende offerten, factuur en betaalbewijs. Arbeidskosten worden aangetoond aan de hand van urenstaten.Offerten
b. vergoeding grondaankoopHet verschil tussen de kosten van aankoop en de restwaarde van grond, die ten behoeve van het project door een overheidsinstantie wordt aangekocht. Dit wordt vergoed tot maximaal 10% van de totale projectkosten. De (waarde van de grond bij aankoop en de restwaarde) wordt bepaald door een onafhankelijk taxateur. Aantonen aan de hand van taxaties, facturen, afschrift van de notariële akte van leveringen betaalbewijs. Arbeidskosten worden aangetoond aan de hand van urenstaten.Taxaties of een publicatie van het Kadaster van de gemiddelde grondwaarde van landbouwgrond in de betreffende provincie. Een berekening van het verschil tussen de kosten van aankoop van grond en de restwaarde. In het geval de grond verandert in water kan in de aanvraag worden uitgegaan van een restwaarde van minimaal € 5.000,– per hectare. In het geval er op de grond een natuurvriendelijke oever wordt aangelegd kan in de aanvraag worden uitgegaan van een restwaarde van minimaal € 10.000,– per hectare
c. overige kosten transactie grondaankoopBij het aankopen van grond worden kosten gemaakt voor de taxateur, de notaris en het Kadaster. Aantonen aan de hand van offerten, ondertekende offerten, factuur en betaalbewijs.Offerten
8. Vergoeding waardedaling landbouwgrond
a. vergoeding waardedaling landbouwgrondBij het graven van nieuwe of het vergroten van bestaande aanvoer- of afvoerwatergangen of aanleg van natuurvriendelijke oevers verandert de functie of het gebruik van grond (landbouwgrond wordt water en/of een natuurvriendelijke oever). Vergoeding van de waardedaling van landbouwgrond vindt plaats op basis van taxatie door een onafhankelijk taxateur, waarbij 1 januari 2026 de peildatum is voor de waardebepaling. Aantonen aan de hand van taxaties, afschrift van de notariële akte en betaalbewijs. Arbeidskosten worden aangetoond aan de hand van urenstaten.Taxaties of een publicatie van het Kadaster van de gemiddelde grondwaarde van landbouwgrond in de betreffende provincie. Een berekening van de waardedaling van de grond. In het geval de grond verandert in water kan in de aanvraag worden uitgegaan van een restwaarde van minimaal € 5.000,– per hectare. In het geval er op de grond een natuurvriendelijke oever wordt aangelegd kan in de aanvraag worden uitgegaan van een restwaarde van minimaal € 10.000,– per hectare.
b. overige kosten transactie waardedaling grondBij het verstrekken van een vergoeding voor de waardedaling van landbouwgrond worden kosten gemaakt voor de taxateur, de notaris en het Kadaster. Aantonen aan de hand van offerten, ondertekende offerten, factuur en betaalbewijs.Offerten

Via stcrt-2026-3966

Bijlage 4Behorende bij titel 5.8, paragraaf 5.8.4
gewascode 2024Rustgewasplus (hoofdteelt) op bouwland
233tarwe, winter-
234tarwe, zomer-
235gerst, winter-
236gerst, zomer-
238haver
246karwijzaad
247blauwmaanzaad
258luzerne
266grasland, tijdelijk
314triticale
346tagetes erecta (afrikaantje)
347tagetes patula (afrikaantje)
381teff
382spelt
428gele mosterd
655zwarte mosterd
666lijnzaad niet van vezelvlas (olievlas)
669zwaardherik (aaltjesvanggewas)
670japanse haver
1022quinoa
1037peterselie, productie
1038peterselie, zaden en opkweekmateriaal
1922koolzaad, winter (incl. boterzaad)
1923koolzaad, zomer (incl. boterzaad)
2652granen overig
3504bladrammenas
3510boekweit
3514niger
3517sarepta mosterd/caliente
3519soedangras/sorghum
6746beemdlangbloem, graszaad
6750engels raaigras, graszaad
6752festulolium, graszaad
6754italiaans raaigras, graszaad
6762klaver, rode, groenbemesting, vanggewas
6763klaver, rode, klaverzaad
6764klaver, witte, groenbemesting, vanggewas
6765klaver, witte, klaverzaad
6768overig graszaad
6782rietzwenkgras, graszaad
6784roodzwenkgras, graszaad
6786timothee, graszaad
6788veldbeemdgras, graszaad
6790westerwolds raaigras, graszaad
7123raapzaad, zomer
7124raapzaad, winter
7129rogge, groenvoedergewas
7130rogge, korrelgewas
7131rogge, groenbemesting, vanggewas

Via stcrt-2025-36481

Bijlage 5behorende bij titel 5.10 (investeringslijst voor een dierwaardig omgevingsklimaat)

Categorie: Stalklimaat

Score: 17 punten

InvesteringToelichtingSectorResultaatindicator
1DakisolatieOmschrijving Dakisolatie voor het gehele dak inclusief geïsoleerde lichtdoorlatende dakplaten met een R waarde: • > 3,5 voor blank vleeskalveren en rosé vleeskalveren (opfok) • > 3 voor overig rundvee Subsidiabel • Aanschaf en installatie van dakisolatie met minimaal brandklasse A1 of A2 Niet subsidiabel • Demontage huidige isolatieRundveeR9/R16/ R44
2Waterverneveling op het dak met nozzelsOmschrijving Nozzels ten behoeve van waterverneveling op het dak. Subsidiabel • Aanschaf en installatie van watervernevelingssysteem met nozzels • Niet in combinatie met een geïsoleerd dakRundveeR9/R16/ R44
3Automatisch gecontroleerde natuurlijke ventilatie (ACNV)Omschrijving ACNV bestaat uit verticaal beweegbare gordijnen, die voor de ventilatieopeningen in de (zij)wanden te plaatsen zijn. Een klimaatstation en computer sturen de verticale gordijnen automatisch aan. Het systeem maakt het mogelijk om de luchtsnelheid in de stal te sturen. Het kan er enerzijds voor zorgen dat de ventilatie niet beperkt wordt bij hoge temperaturen en lage windsnelheden (om geen hittestress in de hand te werken). Subsidiabel Aanschaf en installatie van ACNV. Niet subsidiabel Mechanische stalventilatorenRundveeR9/R16/ R44
4Nevelkoeling/water mistvernevelsystemenOmschrijving Bij nevelkoeling is een leiding met sproeinozzels aangebracht buiten of binnen de stal. Door de nozzels wordt een fijne waternevel gemaakt. De druppels zijn zo klein dat ze snel verdampen. Door het verdampen onttrekken ze warmte aan de stallucht waardoor de lucht afkoelt. De verneveling dient direct te verdampen en er mag geen water op de vloer of dieren terecht komen. Het systeem wordt gebruikt om hittestress tegen te gaan. Subsidiabel Aanschaf en installatie van een vernevelingsysteemAlle sectorenR9/R16/ R44
5Conditionering van ingaande lucht (airco)Omschrijving Aanwezigheid van conditioneringssysteem dat zowel kan verkoelen als verwarmen. Conditionering van lucht houdt in dat de temperatuur en de RV van de lucht wordt beïnvloed door middel van koeling, verwarming en/of bevochtiging. De lucht kan dus zowel in temperatuur worden verhoogd als verlaagd. Alleen koelen van de lucht door middel van vernevelen van water is dus geen conditionering, omdat de temperatuur alleen kan worden verlaagd. Hiermee is niet op temperatuur te sturen. Subsidiabel Aanschaf van en installatie van conditionerend systeemAlle sectorenR9/R16/ R44
6Water/lucht warmtewisselaarOmschrijving De aanwezigheid van een warmtewisselaar in de aanvoeropeningen van de lucht zorgt ervoor dat de stal gekoeld en verwarmd kan worden. Geadviseerd wordt dat de warme aangevoerde buitenlucht afgekoeld dient te worden voordat de lucht tot de afdeling wordt toegelaten. De lucht behoort niet via een ventilatieplafond in de afdeling worden geleid omdat het koelend effect daarmee (in belangrijke mate) verloren gaat. Indirecte of spouwmuurluchtinlaat naar een centrale gang voldoen niet omdat het hier nagenoeg geen koelend effect heeft. Subsidiabel • Aanschaf en installatie van warmtewisselaarAlle sectorenR9/R16/ R44
7Pad cooling systeemOmschrijving Pad cooling is een systeem om de ingaande stallucht te bevochtigen en zo koeler aan te laten voelen. De inkomende lucht wordt door zogenaamde Pad’s (in de luchtinlaat van de stal) geleid en besproeid met water. Het water in de Pad’s verdampt in de passerende lucht, waardoor de temperatuur in de stal daalt. De luchtvochtigheid neemt iets toe waardoor, in combinatie met de koelere lucht, de dieren prettiger kunnen ademen. De warme aangevoerde buitenlucht wordt afgekoeld voordat de lucht tot de afdeling wordt toegelaten. Subsidiabel Aanschaf en installatie van een pad cooling systeem.Alle sectorenR9/R16/ R44
8Vloerverwarming in ieder hokOmschrijving Vloerverwarming in de hokken van jonge, zieke en/of zwakke runderen. De vloerverwarming wordt aangelegd in het volledige gedeelte bedoeld als ligruimte. Subsidiabel Aanschaf en installatie van vloerverwarming in ieder hok.RunderenR9/R16/ R44
9Ruimteverwarming boven de ligplaatsOmschrijving Ruimteverwarming boven elke ligplaats van de jonge, zieke en/of zwakke runderen. Kijk goed naar de capaciteit van het verwarmingselement ten opzichte van het gedeelte van het dierverblijf dat bedoeld is als ligruimte. Subsidiabel Aanschaf en installatie van ruimteverwarming boven de ligplaats (bijvoorbeeld een infraroodstraler).RunderenR9/R16/ R44
10Directe warmtebron, infrarood paneel, vloerverwarming en/of (vloer)koelingSubsidiabel Aanschaf en aanleg van directe warmtebron, infrarood paneel, vloerverwarming en/of (vloer)koeling voor zeugen in de kraamruimte.VarkensR9/R16/ R44
11Zelf bedienbare doucheOmschrijving Een bedienbare douche welke boven de roosters sproeit waarbij de dichte vloer niet bevochtigd wordt. Een bedienbare douche kan door de varkens in het hok zelf worden ingeschakeld, bijvoorbeeld d.m.v. een drukplaat om hittestress te voorkomen. Subsidiabel Aanschaf en installatie van een bedienbare doucheVarkensR9/R16/ R44
12Infraroodpanelen en/of vloerverwarming voor het verwarmen van jonge kuikensOmschrijving Infraroodpanelen en/of vloerverwarming voor het verwarmen van jonge kuikensOpfokleghennen en vleeskuikensR9/R16/ R44
13Besproeiingssysteem op klimaat computerOmschrijving Een automatische douche werkend op een temperatuursensor. Deze douche schakelt via de klimaatcomputer aan wanneer de temperatuur in de stal boven een bepaalde waarde komt om hittestress te voorkomen. Subsidiabel Aanschaf en installatie van: • een automatische douche • temperatuursensoren Niet subsidiabel KlimaatcomputerVarkensR9/R16/ R44
14Monitoringssensoren voor de gasconcentraties en temperatuur in varkensstallenOmschrijving Sensoren die de temperatuur en/of gasconcentraties van bijvoorbeeld ammoniak en koolstofdioxide in varkensstallen monitoren. Subsidiabel Aanschaf en installatie van de sensoren.VarkensR9/R16/ R44

Categorie: Schuilplaatsen

Score: 17 punten

InvesteringToelichtingSectorenR-indicator
1SchuilplaatsenOmschrijving Aanschaf en aanleg van mobiele en natuurlijke schuilmogelijkheden voor dieren die buiten worden gehouden. Subsidiabel • Aanschaf en installatie van mobiele schuilmogelijkheden, zoals een (koe)parasol, schaduwdoek, windscherm of weidetent. • Aanschaf en aanleg van natuurlijke schuilmogelijkheden: plantgoed, bomen, struiken en windsingels in weilanden en uitlopen van dieren. • Kosten voor de aanleg van natuurlijke schuilmogelijkheden, zoals grondbewerking, aanplant/inzaaien ondergroei van boomstroken en boombescherming.Alle sectorenR9/R16/ R44

Via stcrt-2026-29272

Gewijzigde artikelen

Artikel 3.2.1Begripsomschrijvingen
Gewijzigd
verwijderd: In deze paragraaf wordt verstaan onder: - mosselzaadinvanginstallatie: mosselzaadinvanginstallatie als bedoeld in artikel 1, onderdeel x, van de Uitvoeringsregeling visserij. eindetoegevoegd: Vervallen einde

Via stcrt-2021-42802

Artikel 3.2.2Subsidieverstrekking
Gewijzigd
verwijderd: 1. De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een aquacultuurondernemer die mkb is voor activiteiten gericht op de aanleg van mosselzaadinvanginstallaties in de Waddenzee, Oosterschelde of Voordelta ten behoeve van de verduurzaming van de aquacultuur. 2. Subsidie, als bedoeld in het eerste lid, wordt uitsluitend verleend indien dit past binnen een door de Europese Commissie goedgekeurd programma als bedoeld in artikel 8 van verordening 2021/1139. 3. In afwijking van artikel 2.12, derde lid, onderdeel a, wordt een beschikking tot subsidieverlening gegeven binnen 52 weken na de laatste dag van de periode waarin aanvragen kunnen worden ingediend. eindetoegevoegd: Vervallen einde

Via stcrt-2021-42802

Artikel 3.2.3Hoogte subsidie
Gewijzigd
verwijderd: De subsidie bedraagt 60 procent van de subsidiabele kosten, tot een maximum van € 100.000 per subsidieaanvrager. eindetoegevoegd: Vervallen einde

Via stcrt-2021-42802

Artikel 3.2.4Subsidiabele kosten
Gewijzigd
verwijderd: Voor zover zij direct verbonden zijn aan de uitvoering van de subsidiabele activiteiten als bedoeld in artikel 3.2.2, eerste lid, komen als subsidiabele kosten in aanmerking: - a. de kosten voor de aankoop, bouw en plaatsing van een mosselzaadinvanginstallatie; en - b. voor zover van toepassing, de kosten voor aanpassingen van een vissersvaartuig die noodzakelijk zijn om te kunnen vissen of oogsten met een mosselzaadinvanginstallatie. eindetoegevoegd: Vervallen einde

Via stcrt-2021-42802

Artikel 3.2.5Verdeling subsidieplafond
Gewijzigd
verwijderd: De minister verdeelt het subsidieplafond evenredig over de ingediende aanvragen. eindetoegevoegd: Vervallen einde

Via stcrt-2021-42802

Artikel 3.2.6Realisatietermijn
Gewijzigd
verwijderd: De termijn, bedoeld in artikel 2.11, tweede lid, onderdeel b, is 18 maanden na subsidieverlening. eindetoegevoegd: Vervallen einde

Via stcrt-2021-42802

Artikel 3.2.7Afwijzingsgronden
Gewijzigd
verwijderd: Onverminderd de artikelen 2.11 en 3.1.3 beslist de Minister afwijzend op een aanvraag tot subsidieverlening, indien de aanvrager geen houder is van een vergunning als bedoeld in artikel 36, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling visserij voor het vissen op mosselzaad in de Waddenzee. eindetoegevoegd: Vervallen einde

Via stcrt-2021-42802

Artikel 3.2.8Informatieverplichtingen
Gewijzigd
verwijderd: Onverminderd de artikelen 2.9 en 3.1.4, gaat een aanvraag tot subsidieverlening vergezeld van de volgende gegevens: - a. een investeringsplan met daarin een beschrijving van de investering; - b. een begroting van de kosten voor aankoop, bouw en plaatsing van die installatie, en indien van toepassing, de kosten voor aanpassingen aan een vissersvaartuig; - c. gegevens waarmee de subsidieaanvrager kan aantonen dat de aanvrager mkb is; en - d. een onderbouwing van de kosten voor aankoop, bouw en plaatsing van de mosselzaadinvanginstallatie, en indien de aanvraag betrekking heeft op subsidie voor de kosten als bedoeld in artikel 3.2.4, aanhef en onderdeel b, een onderbouwing van de kosten voor het aanpassen van een vissersvaartuig. eindetoegevoegd: Vervallen einde

Via stcrt-2021-42802

Artikel 3.2.9Verplichtingen subsidieontvanger
Gewijzigd
verwijderd: Onverminderd de artikelen 1.7, 2.15 en 3.1.7, is de subsidieontvanger verplicht: - a. de mosselzaadinvanginstallatie in gebruik te nemen in de Waddenzee, Oosterschelde of Voordelta; - b. de betaling van de kosten voor de activiteiten, bedoeld in artikel 3.2.2, eerste lid, te doen plaatsvinden voor het indienen van de aanvraag tot subsidievaststelling; en - c. in het jaar dat de subsidievaststelling, bedoeld in artikel 3.2.10, wordt aangevraagd, houder te zijn van een vergunning als bedoeld in artikel 36, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling visserij voor het vissen op mosselzaad in de Waddenzee. eindetoegevoegd: Vervallen einde

Via stcrt-2021-42802

Artikel 3.2.10Subsidievaststelling
Gewijzigd
verwijderd: Onverminderd de artikelen 2.19 en 3.1.6, bevat de aanvraag tot subsidievaststelling in ieder geval: - a. facturen en betaalbewijzen van de ten behoeve van de subsidiabele activiteiten gemaakte en betaalde kosten; en - b. gegevens waaruit blijkt wat de locatie van de aangelegde mosselzaadinvanginstallatie is. eindetoegevoegd: Vervallen einde

Via stcrt-2021-42802

Artikel 3.2.11Niet-subsidiabele kosten
Gewijzigd
verwijderd: Onverminderd de artikelen 1.4 en 3.1.2, komen de volgende kosten niet in aanmerking voor subsidie: - a. kosten van lease en huurkoop; - b. legeskosten; en - c. kosten als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, aanhef en onderdelen a tot en met d. eindetoegevoegd: Vervallen einde

Via stcrt-2021-42802

Artikel 3.2.12Vervaltermijn
Gewijzigd
verwijderd: Deze paragraaf vervalt met ingang van 1 oktober 2026, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor die datum zijn verleend. eindetoegevoegd: Vervallen einde

Via stcrt-2021-42802

Artikel 3.6.3Hoogte van de subsidie
Gewijzigd
De subsidie bedraagt 50 procent van de subsidiabele kosten, tot een maximum van € verwijderd: 400 eindetoegevoegd: 500 einde.000 per project.

Via stcrt-2026-33577

Artikel 3.6.6Start- en realisatietermijn
Gewijzigd
1. Met de uitvoering van het project wordt gestart na de datum van indiening van de subsidieaanvraag en uiterlijk binnen twaalf maanden na de subsidieverlening. 2. De termijn, bedoeld in artikel 2.11, tweede lid, onderdeel b, istoegevoegd: : - a. einde36 maanden na subsidieverleningtoegevoegd: voor aanvragen die voor 23 november 2026 zijn ingediend; - b einde.toegevoegd: 24 maanden na subsidieverlening voor aanvragen die op of na 23 november 2026 zijn ingediend. eindeHet project wordt binnen die termijn uitgevoerd. 3. De minister kan op verzoek van de subsidieontvanger ontheffing verlenen van de verplichtingen, bedoeld in het eerste en tweede lid, indien de subsidieontvanger binnen twaalf maanden na subsidieverlening niet de noodzakelijke vergunningen, ontheffingen en toestemmingen bezit en dit hem niet is aan te rekenen.

Via stcrt-2026-33577

Artikel 3.8.4Subsidiabele kosten
Gewijzigd
1. Voor subsidie komen in aanmerking de hogere bedrijfskosten van een vissersvaartuig dat in eigendom van een visserijonderneming is, die rechtstreeks het gevolg zijn van de aanzienlijke verstoring van de markt als bedoeld in Uitvoeringsbesluit (EU) 2026/889 van de Commissie van 16 april 2026 tot vaststelling dat de situatie in het Midden-Oosten sinds 28 februari 2026 een buitengewone gebeurtenis is die een aanzienlijke verstoring van de markten veroorzaakt, voor zover deze kosten gemaakt zijn in de periode van 1 maart 2026 tot en met 30 verwijderd: juni eindetoegevoegd: september einde 2026 ten opzichte van de gemiddelde bedrijfskosten in 2025. 2. De hogere bedrijfskosten, bedoeld in het eerste lid, betreffen uitsluitend de hogere kosten voor gasolie. De hogere kosten voor gasolie worden berekend door het aantal hele liters gebunkerde gasolie te vermenigvuldigen met het verschil tussen de prijs per liter van gasolie volgens het European Market Observatory for Fisheries and Aquaculture Products in de maand waarin de gasolie geleverd is en de gemiddelde prijs per liter van gasolie in 2025, zijnde € 0,52. Het aantal liters wordt naar beneden afgerond.

Via stcrt-2026-32025

Artikel 3.8.6Afwijzingsgronden
Gewijzigd
- 2°. in de periode van 1 januari 2025 tot en met 31 december 2025 verwijderd: of eindetoegevoegd: en einde in de periode van 1 januari 2026 tot en met 31 mei 2026 geen visserijactiviteiten heeft verricht die kunnen en mogen worden verricht door een vissersvaartuig als bedoeld in het onderdeel van artikel 3.8.3, tweede lid, waarop de aanvraag betrekking heeft; of

Via stcrt-2026-32025

Artikel 3.8.10Vervaltermijn
Gewijzigd
Deze verwijderd: titel eindetoegevoegd: paragraaf einde vervalt met ingang van 1 januari 2028, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op de subsidies die voor die datum zijn verleend.

Via stcrt-2026-32025

Artikel 5.1.2Berekening subsidiabele kosten
Gewijzigd
4. De artikelen 5.1.3 tot en met 5.1.3b zijn niet van toepassing op paragraaf 3 van titel 5.2, de titels 5.3 en 5.5, de paragrafen 5.7.3 tot en met 5.7.6, 5.7.8 en 5.7.9 van titel 5.7, paragraaf 5.8.2 van titel 5.8toegevoegd: , titel 5.9 eindeen titel 5.verwijderd: 9 eindetoegevoegd: 10 einde.

Via stcrt-2026-29272