Naar hoofdinhoud

Titel IV

Artikel 23

Nationaal controle-orgaan

Onderdeel van Overeenkomst op grond van Artikel K.3 van het Verdrag betreffende de Europese Unie tot oprichting van een Europese Politiedienst (Europol-Overeenkomst)· Internationaal publiekrecht

Deze tekst geldt sinds 1 oktober 1998

1. Elke Lid-Staat wijst een nationaal controle-orgaan aan, dat volgens het nationale recht onafhankelijk toeziet op de toelaatbaarheid van de invoer, de opvraging en de verstrekking op welke wijze ook van persoonsgegevens aan Europol door de betrokken Lid-Staat, en dat dient te toetsen of de rechten van de betrokkenen hierdoor niet worden geschaad. Het controle-orgaan heeft daartoe bij de nationale eenheden of de verbindingsofficieren toegang tot de door de Lid-Staat ingevoerde gegevens van het informatiesysteem en het indexsysteem, overeenkomstig de geldende nationale procedures. De nationale controle-organen hebben voor de uitoefening van hun toezicht toegang tot de kantoren en dossiers van de respectieve verbindingsofficieren bij Europol. Voorts zien de nationale controle-organen, overeenkomstig de geldende nationale procedures, toe op de werkzaamheden van de nationale eenheden ingevolge artikel 4, lid 4, en die van de verbindingsofficieren ingevolge artikel 5, lid 3, punten 1, 2 en 3, en leden 4 en 5, in zoverre deze werkzaamheden de bescherming van persoonsgegevens betreffen. 2. Een ieder heeft het recht het nationale controle-orgaan te verzoeken om te toetsen of het invoeren, het verstrekken op welke wijze ook van zijn persoonsgegevens aan Europol alsmede het opvragen van gegevens door de betrokken Lid-Staat, rechtmatig zijn. Dit recht wordt uitgeoefend overeenkomstig het nationale recht van de Lid-Staat bij wiens nationale controle-orgaan het verzoek is ingediend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel