- - Een beoordelingsgesprek dient vooraf te zijn gegaan door minimaal één functioneringsgesprek. De periode tussen functioneringsgesprek en beoordelingsgesprek bedraagt minimaal drie maanden.
- - De beoordeling wordt door de beoordelaar uitgesproken onder voorbehoud van definitieve vaststelling door de beoordelingsautoriteit.
- - De uitgesproken beoordeling komt overeen met de tekst op het formulier personeelsbeoordeling.
- - De medewerker wordt tijdens het beoordelingsgesprek in de gelegenheid gesteld zijn/haar zienswijze op de beoordeling kenbaar te maken. Deze zienswijze wordt in het formulier personeelsbeoordeling opgenomen. Indien de medewerker zijn/haar zienswijze op papier heeft gezet, wordt dit als bijlage bij het formulier personeelsbeoordeling gevoegd.
- - Er is sprake van een negatieve beoordeling indien de totaalbeoordeling conform de systematiek in artikel 8, lid 2 niet meer dan 6 punten bedraagt.
- - Indien de beoordeling aanleiding geeft tot het nemen van rechtspositionele maatregelen, dan moet de kritiek op de functie-uitoefening in de voorafgaande twee functioneringsgesprekken zijn geformuleerd.
Artikel 10 Regeling Personeelsbeoordeling
HET BEOORDELINGSGESPREK
Onderdeel van Regeling Personeelsbeoordeling
Bewaren kan ook zonder account
Verwijzingen
Houd art. 10 bij de hand
Met een gratis account kun je dit artikel bewaren, tekst markeren en jezelf overhoren. Dat werkt op je laptop en op je telefoon.
- Geen reclame
- Je markeringen blijven van jou
- Werkt op je telefoon