Naar hoofdinhoud
1.. Het college van burgemeester en wethouders benoemt een klachtencoördinator en kan voorts één of meer plaatsvervangers benoemen. 2.. De klachtencoördinator heeft de volgende taken: toetsen van de ontvankelijkheid van de ingediende klacht, alsmede het onderwerpen van de klacht aan een eerste beoordeling; doorsturen van de klacht aan de klachtbehandelaar, met het verzoek deze te behandelen; registreren van binnengekomen klachten; toezien op een tijdige en correcte behandeling en adequate afdoening van klachten; opstellen van een jaarverslag met betrekking tot de afhandeling van geregistreerde klachten over het voorafgaande kalenderjaar, waarbij het jaarverslag jaarlijks voor 1 april wordt vastgesteld door het college; signaleren van tendensen op basis van afgehandelde klachten en het adviseren van het bestuursorgaan over in verband daarmee te treffen maatregelen; steekproefsgewijs benaderen van personen van wie eerder een klacht is afgehandeld en hierbij informeren naar de mate van tevredenheid over de afdoening van de klacht; desgewenst bieden van ondersteuning aan de klachtbehandelaar bij de behandeling van klachten; namens de gemeente optreden als contactpersoon voor de Nationale Ombudsman; adviseren van het bestuursorgaan naar aanleiding van de bevindingen van de Nationale Ombudsman; geven van voorlichting aan de organisatie over de klachtenprocedure.

Rechtspraak bij dit artikel