De algemene conclusie van belangrijke algemene kaders op de visie van dienstverlening in de toegang tot het sociaal domein voor consulenten zijn:

  • - De werkprocessen in het integrale sociaal domein moeten goed op elkaar aansluiten zowel voor jeugd en Wmo maar ook naar het werkproces van ISD-Kompas;
  • - Bij de integrale dienstverlening kan daarentegen wel sprake zijn van specialisatie op taakgebied zoals Jeugd, Wmo of Participatie;
  • - Het werkproces moet afgestemd (overeenkomstig) zijn met het dienstverleningsconcept Beekdaelen;
  • - De toegang in het algemeen moet laagdrempelig zijn, de burger moet weten waar en hoe hij/zij zijn vraag of signaal ‘kwijt’ kan. Dat zou digitaal en telefonisch moeten kunnen maar ook (meerdere) fysieke mogelijkheden;
  • - Laagdrempelige toegang en dienstverlening moet geen afbreuk doen aan inzet van eigen kracht (kaders van de transformatie);
  • - Hoge kwaliteit van dienstverlening bij het eerste contact. Aandacht voor vraag achter de vraag met vereiste aandacht voor kennis, competenties en informatiestromen die de kwaliteit borgen (front);
  • - Voldoende inzet medewerkers ten diensten van een goede analyse op de noodzaak tot toegang naar maatwerkvoorziening;
  • - Consulenten inzetten in hun specialisatie, zijnde regie voeren op maatwerk aan burgers waar nodig;
  • - Zorgdragen dat er één goed werkend systeem is dat het proces van melding tot facturatie ondersteunt maar vooral goed koppelt en functioneert. Het systeem moet flexibel zijn en behulpzaam bij de werkzaamheden van de consulent (ondersteuningsplan en gesprek).

De algemene conclusie van belangrijke vakgerelateerde kaders op de visie van dienstverlening in de toegang tot het sociaal domein voor consulenten zijn:

  • - Het ondersteuningsplan is gericht op het gehele gezin en dus integraal over de taakgebieden (incl. VT) heen;
  • - Er moet gewerkt worden met 1 gelijksoortige systematiek voor het ondersteuningsplan;
  • - De consulent kent de cliënt die ondersteuning vraagt (persoonlijk contact) bij voorkeur middels een persoonlijk gesprek waar mogelijk aan huis;
  • - Indien na contact met toegang de cliënt een ondersteuningsbehoefte heeft dan wordt een consulent van de gemeente regisseur in de zin van verantwoordelijk aanspreekpunt (regievoerder) voor de indicatie en inzet van de zorg. De consulent ziet toe op de indicatie, de behaalde resultaten (inclusief op-afschalen). De coördinatie rondom de inzet van expertise en zorg kan worden verlegd naar een aanbieder. De regie in indicatie dus niet;
  • - De beoordeling van de noodzaak van maatwerkondersteuning gebeurt integraal, vraaggericht en wordt opgepakt door de gespecialiseerde consulent waaraan de grootste problematiek is gerelateerd (waar mogelijk). Intern wordt de integraliteit geborgd binnen het team. (ontschotting)
  • - De gemeente voert regie, de consulent (indicatiesteller) is in dienst van gemeente niet bij aanbieder;
  • - Bewaken van de kwaliteit en inzet van zorg (voortgang doelen van ondersteuning) ligt bij de consulenten, het bewaken van afloop indicatie bij burger en waar gewenst bij administratie;
  • - De caseload moet zo realistisch verdeeld zijn zodat er voldoende aandacht is voor een goede dienstverlening bij nieuwe cliënten en bij de bewaking van ontwikkeling ingezette zorg (contact met cliënt ook na indicatie);
  • - Het werkproces van de consulent kan worden verbeterd (efficiënter worden ingericht) wanneer er een goede ict faciliteit, consulent moet goed worden gefaciliteerd om administratieve proces te ontlasten;
  • - Voldoende aandacht voor intervisie, opleiding en ontwikkelmogelijkheden in de groep consulenten. Deskundigheidsbevordering in relatie tot specialisme verdeling noodzakelijk voor kwaliteit van de gehele groep consulenten. SKJ gecertificeerde consulenten moet intern voorzien zijn;
  • - Ongeacht de teamindeling is het van groot belang dat de lijnen tussen toegang, administratie en consulenten kort zijn. Er dient een nauwe samenwerking te zijn;
  • - Een “linking pin”, in de zin van afstemmen en coördineren tussen beleid, tussen de uitvoering en het management wordt van belang geacht om de verbinding tussen afdelingen en teams te bewaken;
  • - Consulenten zijn spil in relatiemanagement tussen cliënt en (zorg)aanbieders in ondersteuning en zijn lokaal bekend en betrokken. (af)Wisseling in lokaal aandachtsveld is periodiek gewenst;
  • - Klant moet (geautoriseerd en gelaagd) inzage hebben in het eigen dossier.
  • - Nieuw werkproces optimaliseren en uitwerken (inzet procesmanagement) afgestemd op proces van toegang en administratie. (van melding tot aan declaratie)
  • - Methodiek van indiceren en gebruik van zelfredzaamheidmatrix dient te worden bepaald. Uniforme werkwijze is van belang. Gebruik van een ondersteuningsplan en systeem 1 plan, 1 gezin , 1 regisseur moet worden geüniformeerd.
  • - Methode van beschikken moet worden uniform en dient in proces verwerkt te worden.
  • - Taken van proces coördinator jeugd zouden in taken consulent en/of beleid moeten worden ingebed (met voorwaarde dat expertise bij een consulent aanwezig is). Taak inhoudelijke bewaking van de indicatie (juridisch, verordening enz) en uitvoering/ondertekening apart beleggen om te voorzien in juiste beschikking en minder bezwaren (sterkere positie juridisch)
  • - Huisvesting statushouders en uitvoering Annefrankkrant en Anjeractie wordt in Onderbanken nog door consulent gedaan, zou niet bij taken consulenten horen (efficiënt inzetten expertise)
  • - Beroep en Bezwaar moet door juridische zaken worden gedaan niet door consulent. Ondersteuning nodig, consulent levert input over inhoud indicatie (ondersteuningsplan).