Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1.24

Schadeloosstelling bij opzegging in het algemeen belang

Onderdeel van Algemene erfpachtvoorwaarden 2021 van de Gemeente Enschede

a.. Indien de Erfpacht eindigt door opzegging op de wijze als bedoeld in artikel 1.23 zal Erfpachter door de Gemeente schadeloos worden gesteld op basis van de Onteigeningswet. b.. Niet zal worden vergoed de schade die verband houdt met hetgeen in strijd met enige bepaling of voorwaarde, opgenomen in de Notariële akte of in de notariële akte houdende wijziging van de Erfpacht, op de Onroerende zaak is gesticht, noch zal worden vergoed de schade, die verband houdt met het beëindigen van een activiteit, die door Erfpachter in strijd met enige bepaling of voorwaarde in de Notariële akte of in de akte houdende wijziging van de Erfpacht op de Onroerende zaak wordt uitgeoefend, tenzij het College van B&W daartoe schriftelijk toestemming had verleend. c.. Het College van B&W zal Erfpachter bij aangetekende brief kennis geven van het aanbod van de Gemeente ter zake van de schadeloosstelling. Indien Erfpachter zich niet kan verenigen met de door de Gemeente aangeboden schadeloosstelling, zal Erfpachter daarvan binnen twee maanden na dagtekening van de hiervoor bedoelde mededeling van het College van B&W bij aangetekende brief aan het College van B&W mededeling doen of hij kiest om de schadeloosstelling door de bevoegde rechter te laten vaststellen of door drie onafhankelijk deskundigen, bij gebreke waarvan Erfpachter wordt geacht met die schadeloosstelling te hebben ingestemd. d.. De Gemeente keert de aan Erfpachter toekomende schadeloosstelling uit na aftrek van al hetgeen Erfpachter met betrekking tot de Erfpacht aan haar verschuldigd is. e.. Indien de Erfpacht ten tijde van het eindigen van het recht met hypotheek is bezwaard, is de Gemeente krachtens deze Algemene erfpachtvoorwaarden gemachtigd om, in afwijking van het bepaalde in het vorige artikellid, het bedrag ter zake de schadeloosstelling, na aftrek van hetgeen de Gemeente uit hoofde van de Erfpachtovereenkomst van Erfpachter te vorderen heeft, gedeeltelijk aan de hypotheekhouder(s) uit te keren en wel ter grootte van het door het College van B&W vast te stellen bedrag, gelijk aan het bedrag dat aan de hypotheekhouder(s) zal toekomen indien het een verdeling geldt van de koopprijs in geval van gerechtelijke verkoop van de Erfpacht. Het gedeelte van het bedrag aan schadeloosstelling dat na voldoening van de hypotheekhouder(s) resteert, zal aan Erfpachter worden uitgekeerd. Zolang de Onroerende zaak (behoudens door derden rechtmatig verkregen gebruiksrechten) niet ter vrije beschikking van de Gemeente is gesteld, is de Gemeente gerechtigd om een bedrag ter grootte van 10 % van de totale schadeloosstelling onder zich te houden, welk bedrag eerst voor uitkering aan de hypotheekhouder(s) en/of Erfpachter vrijkomt, nadat de Onroerende zaak in zijn geheel ter vrije beschikking van de Gemeente is gesteld. Uitsluitend voor de toepassing van dit artikel worden met rechtmatig verkregen gebruiksrechten gelijkgesteld anderszins door derden verkregen gebruiksrechten, die naar het oordeel van het College van B&W zonder bezwaar kunnen worden gehandhaafd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel