1| Beschrijving
De Heuvelrug ontleent zijn karakter aan de loof- en naaldhoutbossen. Het gebied ten zuidwesten van Amersfoort is slechts ten dele toegankelijk omdat ze in gebruik is bij instellingen, bij Defensie of deel uitmaakt van een landgoed. Mede door de vele particuliere terreinen, is het gebied versnipperd. Bindend element is ondanks de versnippering het opgaand groen in de vorm van laanbeplanting en gemengd loofhout- en dennenbos. Het bos dringt op sommige plaatsen tot ver in de stad door met sterk reliëf en beplante lanen. In het bos is bebouwing aanwezig in de vorm van paviljoenachtige structuren of grotere clusters, zoals het Klooster.
Door de ligging in het bos wordt veel bebouwing die niet direct aan de openbare weg of het spoor grenst, niet of nauwelijks opgemerkt. De bebouwing aan de structuurlijnen Utrechtseweg en de Laan 1914 staat ruimtelijkop zichzelf en draagt de sporen van veel opvattingen en bouwstijlen in de gezondheidszorg, het onderwijs en kantoren. Uit een oogpunt van welstand is hier vooral de eenheid van landschap en bebouwing onderling van belang.
Aandachtsgebieden
Het gebied toont zich aan enkele doorgaande structuurlijnen en bevat enkele waardevolle complexen.
2| Dynamiek en ambitie
Het behoud en waar mogelijk de versterking van de landgoederen en buitenplaatsen in hun omgeving vormt de belangrijkste beleidsopgave. Hier bestaat een belangrijke relatie met het monumentenbeleid. Om niet alleen het landgoed of de buitenplaats zelf te beschermen, maar ook de grotere invloedssfeer die ervan uitgaat, worden in een zone rondom het landgoed of de buitenplaats specifieke welstandseisen gesteld.
Vanwege de beperkte zichtbaarheid van bebouwing in de bosrijke landschappelijke setting, wordt er onderscheid gemaakt tussen bebouwing aan de hoofdstructuur en de verder teruggelegen bebouwing. De wijze waarop de bebouwing zich toont aan de doorgaande wegen is hier van het meeste belang, hier staat behoud van het beeld voorop. Verspreid liggende bebouwing in het bos heeft een meer op zichzelf staand karakter en staat meer variatie toe. Bij plaatsing en uiterlijk van gebouwen verdient de continuïteit van het bosgebied/of landschappelijke setting op de eerste plaats aandacht. Details en materiaal zijn daar van secundair belang.
De Heuvelrug is zowel natuur- als recreatiegebied. Wandelaars en fietsers gebruiken het bos intensief. Mede door de vernieuwing en uitbreiding van voorzieningen zoals de dierentuin ontstaan conflicten tussen verschillende functies.
Welstandsvrij
Voor zover niet aan de beeldbepalende infrastructuur gelegen, gelden voor de volgende gebiedsdelen geen redelijke eisen van welstand:
- - het terrein van de Bernhardkazerne, met uitzondering van een strook van 200 m uit de Aletta Jacobslaan.
- - Oude Kamp.
3| Gebiedsgerichte criteria
Algemeen
- - De bestaande landschappelijke omgeving is het kwalitatieve referentiepunt voor ieder bouwvergunningplichtig bouwwerk.
- - De bouwwerken passen in de omgevingskarakteristiek (bebouwing) en houden rekening met de bestaande organisatie op het perceel en zijn gerelateerd aan de landschappelijke inrichting.
Ligging en plaatsing
- - Bebouwing staat als een paviljoen in de ruimte.
- - De plaatsing van gebouwen sluit aan bij de bestaande inrichting van het terrein in relatie tot de groene omgeving en de openbare weg.
- - De plaatsing van bijgebouwen is ondergeschikt aan het hoofdgebouw.
Massa en hoofdvorm
- - Bebouwing heeft een individuele uitstraling en op de landgoederen een statig karakter.
- - De representatieve gevels zijn gericht op de openbare ruimte.
- - Aan- en uitbouwen en bijgebouwen zijn in massa ondergeschikt aan het hoofdgebouw.
Detaillering, kleur- en materiaalgebruik
- - Gevels op de landgoederen hebben een verticale geleding en horizontale verbanden.
- - De hoofdmaterialen zijn natuurlijk: (bak)steen, pleisterwerk, hout, dakpannen, riet.
- - Gevels zijn uitgevoerd in gedempte kleuren.
- - De hoofdkleuren van de gevels op landgoederen zijn stucwerk in gebroken wit of grijs of gedempte (aard-) kleuren.
- - De bestaande ornamentiek en specifieke details worden bij verbouwingen gerespecteerd.
- - Materiaalgebruik en kleuren van bijgebouwen in de nabijheid van het hoofdgebouw zijn afgestemd op het hoofdgebouw.
- - Aan- en bijgebouwen zijn ook in kleurgebruik en detaillering ondergeschikt aan/terughoudend en in samenhang met het hoofdgebouw.
- - Binnen een dakvlak komen geen kleurverschillen voor.
Buitengebied: Vallei en Eemland – legenda