5.3.1Bevoegd gezag

De gemeente Almelo is als bevoegd gezag Wbb een logische, en op dit moment wettelijk de enige bevoegde, initiatiefnemer voor gebiedsgericht grondwaterbeheer in de gemeente Almelo.

5.3.2Actoren

Afhankelijk van het gebied zijn er in meer of mindere mate actoren betrokken bij gebiedsgericht grondwaterbeheer. Door middel van een actorenanalyse worden de belangen van de actoren inzichtelijk gemaakt. Naast interne afstemming met de betrokken werkvelden consulteert de gebiedsbeheerder ook vroegtijdig andere overheden. Actoren zijn onder andere provincie Overijssel, Waterschap Vechtstromen, Rijkswaterstaat, gemeente Wierden en Twenterand, drinkwaterwinner Vitens, eventuele bekende andere onttrekkers van grondwater, probleemhouders en eigenaren van open bodemenergiesystemen. Met deze actoren worden afspraken gemaakt over hoe met de bodem en het grondwater in het betreffende gebied wordt omgegaan. Naast de voornoemde actoren kent de gebiedsgerichte aanpak ook commerciële belanghebbenden. Zoals (toekomstige) vergunninghouders van bijvoorbeeld grondwateronttrekkingen, bodemenergiesystemen, bronbemalingen, lopende grondwatersaneringen of al afgeronde saneringen waarbij een stabiele eindsituatie is bereikt. Ook de commerciële belangen van derden worden beschreven in het gebiedsbeheerplan. Daarnaast wordt beschreven hoe er met deze belangen wordt omgegaan.

5.3.3Planning

Het gebiedsbeheerplan bevat een robuuste planning voor de looptijd van het plan. Door het opstellen van een robuuste planning kan flexibiliteit worden ingebouwd. Waar nodig kan bijgestuurd worden. Hierdoor kan adequaat ingespeeld worden op nieuwe ontwikkelingen. Wel moet inzichtelijk zijn wanneer de voortgang en monitoring gerapporteerd worden.

De volgende aspecten moeten worden opgenomen in de planning:

  • - reguliere monitoringsronde en rapportage,
  • - uitgebreide monitoringsronde en voortgangsrapportage,
  • - actualisatie van de kaart met verontreinigingscontouren,
  • - evaluatierapport en eindevaluatie.

Op basis van de (tussentijdse) monitoringsresultaten kan besloten worden om af te wijken van het geplande monitoringsnetwerk en –programma. Bijvoorbeeld als blijkt dat de stromingsrichting afwijkt ten opzichte van de aangenomen stromingsrichting of als er instroom van verontreiniging van andere (nog niet bekende) bronlocaties plaatsvindt. Mogelijk moet het gebiedsbeheerplan dan wel opnieuw in procedure gebracht worden.

5.3.4Onderdelen gebiedsbeheerplan

Het gebiedsbeheerplan is qua status te vergelijken met een raamsaneringsplan. Het bevoegd gezag stelt het gebiedsbeheerplan vast. Indien er naast de bodemgelden andere financiële middelen ter beschikking gesteld moeten worden wordt een voorstel ter besluitvorming aan de raad aangeboden. De volgende zaken worden beschreven in het gebiedsbeheerplan.

Kenmerken gebied

Om een beeld te krijgen van het betreffende gebied worden de relevante gebiedskenmerken beschreven. Dit betreft de huidige situatie met onder andere de ruimtelijke ontwikkelingen, de bodemopbouw, de hydrologie en de grondwaterkwaliteit. Ook wordt het huidige grondwater gebruik beschreven.

Doelstelling, begrenzing en functies gebied

Zoals in de Wbb staat beschreven richt de gebiedsgerichte aanpak zich primair op de aanpak van het verontreinigde diepere grondwater. Op basis van de gebiedsbeschrijving zullen de doelstellingen voor het gebiedsgericht grondwaterbeheer worden beschreven en onderbouwd.

Onder andere de kwaliteitsdoelstelling, de gebiedsgrens, de termijn waarbinnen doelstellingen worden verwezenlijkt en maatregelen om te controleren of de doelstellingen behaald gaan worden wordt benoemd. Ook de wijze waarop het plan past binnen relevante ruimtelijke- en waterplannen wordt beschreven.

Risico’s en het terugvalscenario

Binnen het beheersgebied wordt gecontroleerde verspreiding van de grondwaterverontreinigingen toegestaan. Dit ontstaat onder andere door de natuurlijke grondwaterstroming maar ook door grondwateronttrekkingen en bronbemalingen. Verspreiding buiten het beheergebied wordt uitgesloten. Om de mogelijke risico’s in beeld te brengen wordt een monitoringsplan opgesteld. Daarnaast heeft de wetswijziging van de Wbb een aantal controles ingebouwd welke in beeld moeten zijn voordat de gebiedsgerichte aanpak in werking treedt:

  • - de globale ligging, de omvang en de aard van de verontreinigingen van het diepere grondwater binnen het beheergebied;
  • - de snelheid en de richting van de grondwaterstroming;
  • - de risico’s van verspreiding van verontreiniging buiten het beheergebied;
  • - de risico’s die de verontreiniging in combinatie met bestaande en beoogde functies van, in en op de bodem binnen het aangewezen gebied kan veroorzaken voor beschermde functies binnen het beheergebied of in de nabijheid daarvan;
  • - de gevolgen die de gebiedsgerichte aanpak kan hebben voor terreinen die daarvan geen onderdeel van uitmaken, voor zover de gevolgen niet in overeenstemming zijn met de doelstellingen van de gebiedsgerichte aanpak voor het beheergebied;
  • - de natuurlijke afbraakcapaciteit van de verontreinigende stoffen in het beheergebied.

Als de risico’s in beeld zijn gebracht moet het terugvalscenario beschreven worden. De volgende aspecten worden uitgewerkt:

  • - de te treffen maatregelen om verspreiding van verontreiniging buiten het beheergebied tegen te gaan;
  • - de te treffen maatregelen om eventuele beschermde objecten binnen het beheergebied en in de nabijheid daarvan te beschermen;
  • - de te treffen maatregelen met betrekking tot verontreinigingen die niet in het gebiedsbeheerplan zijn opgenomen;
  • - de te treffen maatregelen indien de gebiedsgerichte aanpak gevolgen kan hebben die niet in overeenstemming zijn met de doelstellingen van de gebiedsgerichte aanpak voor het beheergebied.

Afkoopregeling

In het gebiedsbeheerplan staan de betrokken probleemhouders en de afkoopregeling waar zij gebruik van kunnen maken beschreven. In principe kan de probleemhouder alleen de pluimzone afkopen, tenzij met de gebiedsbeheerder wordt afgesproken dat de gehele grondwaterverontreiniging (bron en pluim) wordt overgenomen. Naar verwachting levert de afkoopregeling een bijdrage aan het realiseren van de doelstellingen van de gebiedsgerichte aanpak. Deelname via de afkoopregeling is een interessante optie voor marktpartijen omdat hiermee ten opzichte van de gebiedsgerichte aanpak tegen beperktere –eenmalige- kosten volledige risicoafdekking plaatsvindt. Omdat de uitvoering van het gebiedsbeheerplan over een langere tijd speelt is het niet noodzakelijk om vanaf de startdatum al de volledige financiële dekking te hebben. Gedurende de uitvoering worden de probleemhouders benaderd voor deelname aan de gebiedsgerichte aanpak. Echter, het is verstandig om probleemhouders tijdig te informeren over de mogelijkheden.

Uitvoeringsaspecten

Het gebiedsbeheerplan bestaat voornamelijk uit uitvoeringsaspecten zoals de organisatie van het beheer met een taakverdeling van de belanghebbenden. Ook wordt het takenpakket van de gebiedsbeheerder beschreven. Daarnaast worden de belangen en eventuele taken van derden in beeld gebracht. Het gebiedsbeheerplan bevat een analyse van de kosten van de uitvoering van het plan. Tevens wordt aangegeven welke concrete verontreinigingen in het diepere grondwater met het plan worden aangepakt.

5.3.5Taken gebiedsbeheerder

Naast de rol van het bevoegd gezag vervult gemeente Almelo ook de rol van gebiedsbeheerder. De gebiedsbeheerder is verantwoordelijk voor de uitvoering van de gebiedsgerichte aanpak. De uitvoering bestaat uitbeheersing van de grondwaterverontreinigingen binnen het gebied, beheer van het budget en eventuele inzet van het terugvalscenario. Daarnaast onderhandelt de gebiedsbeheerder met derden die betrokken zijn bij de gebiedsgerichte aanpak en in aanmerking komen voor de afkoopregeling.

5.3.6Communicatie

Een goed doordachte communicatiestrategie is waardevol. Voornamelijk voor een goede samenwerking en draagvlak tussen de gebiedsbeheer en interne en externe actoren. Hier vroegtijdig en in ruime mate in investeren is noodzakelijk om tot een geslaagde gebiedsgerichte aanpak te komen. Ook voor de uitvoering van het gebiedsbeheerplan is voorlichting essentieel om initiatiefnemers van bijvoorbeeld bronbemalingen te informeren.