Wij kunnen diverse redenen hebben om een relatie met een verbonden partij aan te willen gaan. Uitgangspunt is dat een verbonden partij een expliciete meerwaarde dient te hebben. Hieronder wordt verstaan dat er sprake dient te zijn van een publiek belang, aangevuld met andere argumenten, zoals een financieel voordeel, een toename van de kwaliteit van de dienstverlening of borging van de continuïteit. Wij kiezen er bij verbonden partijen bewust voor om zelf invloed te houden omdat de activiteiten te kwetsbaar zijn om volledig uit te besteden.
2.1.1De gemeenteraad stelt kaders en oordeelt over deelname
I. De gemeenteraad wordt vroegtijdig betrokken bij het voornemen tot deelname aan een verbonden partij.
• Gemeente Almelo neemt uitsluitend deel in een verbonden partij die taken uitvoert met een publiek belang.
• De gemeenteraad oordeelt bij ieder voornemen van het college tot deelname of de activiteiten die de verbonden partij voor de gemeente Almelo gaat uitvoeren bij het publieke belang horen.
II. De gemeenteraad wordt vervolgens betrokken bij het afwegingsproces voor het aangaan van een relatie met een verbonden partij. Bijlage F geeft inzicht in de vragen die spelen bij dit afwegingsproces.
• De gemeenteraad stelt randvoorwaarden bij een concreet initiatief tot deelname. Hierbij kan de gemeenteraad aandacht besteden aan algemene uitgangspunten en aan de manier waarop de gemeenteraad betrokken en geïnformeerd wil worden. De gemeenteraad kan bijvoorbeeld aanvullende eisen stellen aan de te leveren prestaties van de verbonden partij en de rapportage hierover.
III. De gemeenteraad oordeelt over deelname aan een verbonden partij.
• Pas nadat de gemeenteraad toestemming heeft gegeven, gaat het college over tot deelname aan een gemeenschappelijke regeling.
• Pas nadat de gemeenteraad zijn wensen en bedenkingen kenbaar heeft gemaakt, beslist het college over deelname aan een private verbonden partij.
2.1.2Het college besluit tot deelname o.b.v. een afwegingskader
I. Het college maakt bij het voornemen tot deelname een afweging op onderstaande onderwerpen:
• Rechtsvorm van de verbonden partij (zie punt II).
• Vertegenwoordiging vanuit de gemeente Almelo (zie paragraaf 2.2.2 uitgangspunt I).
• Financiële aspecten. Zijn de financiële risico’s en het verdienmodel in kaart gebracht en voldoende onderbouwd? Het verdienmodel geeft aan hoe de partij middelen verwerft en welke meerwaarde zij creëert.
• Juridische aspecten. Voldoet de verbonden partij aan wet- en regelgeving?
II. In het afwegingsproces dient nadrukkelijk aangetoond te worden dat de gekozen rechtsvorm de voorkeur geniet.
• De keuze voor een bepaalde rechtsvorm is niet zwart-wit. Andere zaken dan het doel c.q. de primaire taak van een verbonden partij kunnen de keuze voor een bepaalde vorm beïnvloeden, zoals fiscaliteit, wensen van andere deelnemers of een reeds bestaande situatie.
• Het college participeert uitsluitend in privaatrechtelijke rechtsvormen indien de betreffende taak niet vanuit een publieke rechtsvorm kan worden uitgevoerd. Van belang is of het college een vergelijkbaar resultaat kan bereiken door de publiekrechtelijke regeling te gebruiken. De verschillende rechtsvormen zijn terug te vinden in bijlage D.
• Het college richt, conform het raadsbesluit over sourcing (Raad-1200083), geen privaatrechtelijke rechtsvorm op waarbij zij enig aandeelhouder is.
• Ten aanzien van de gekozen rechtsvorm zal bijzondere aandacht moeten zijn voor:
o mogelijkheid tot democratische controle en beïnvloeding;
o adequate controle en verantwoording en openbaarheid van bestuur;
o effectieve en doelmatige verdeling van taken en verantwoordelijkheden tussen gemeente en de betreffende organisatie.
• Ten aanzien van de statuten zal bijzondere aandacht moeten zijn voor:
o de vastlegging van de bevoegdheden van college en gemeenteraad;
o het mandaat van de verbonden partij (wat wel en wat niet);
o mogelijkheden tot uittreding en de wijze waarop deze gestalte kan krijgen;
o het intern toezicht binnen de verbonden partij en toepassing van de Code voor goed openbaar bestuur of de branche-specifieke Code voor goed bestuur.
III. Het college neemt niet eerder deel aan een gemeenschappelijke regeling:
• Dan nadat de gemeenteraad zijn toestemming heeft verleend.
IV. Het college gaat niet eerder de relatie met een private verbonden partij aan:
• Dan nadat de gemeenteraad zijn wensen en bedenkingen kenbaar heeft gemaakt.
V. Het college krijgt bij het voornemen tot deelname ondersteuning van de ambtelijke organisatie op basis van de afspraken en rolverdeling in de Uitvoeringsnota Verbonden partijen.
Kaders voor oprichting van een verbonden partij
• De beleidsmatige kaders van sourcing 2012 (Raad-1200083) blijven van kracht.
• Participeren in een verbonden partij dient een publiek belang.
• De gemeenteraad wordt vroegtijdig betrokken en kan specifieke randvoorwaarden stellen bij het voornemen tot deelname aan een verbonden partij.
• Het moet een aantoonbare meerwaarde hebben om een publieke taak/doelstelling via een verbonden partij te laten lopen.
• Het college motiveert het voorstel tot deelname aan een verbonden partij op basis van het afwegingskader.
• Het college neemt niet eerder deel aan een gemeenschappelijke regeling dan nadat de gemeenteraad zijn toestemming heeft verleend.
• Het college gaat niet eerder de relatie met een private verbonden partij aan dan nadat de gemeenteraad zijn wensen en bedenkingen kenbaar heeft gemaakt.