Vindplaats beleidsregels
Onderstaand is een overzicht gegeven van beleidsregels die betrekking hebben op de bevoegdheden die voortvloeien uit de artikelen 27, 28, 29, 30, 37, 38, 39, 39c, 39d, 39f, 40 en 42 en de doorwerking daarvan in de overige artikelen van de Wet bodembescherming.
In de tabel zijn ook een aantal artikelen met begrippen aangegeven, waarbij onze invulling daarvan, van invloed is op onze bevoegdheden uit de hiervoor genoemde artikelen.
De tabel is een hulpmiddel voor het vinden van de beleidsregels in de hoofdtekst.
| Artikel Wbb | Begrip | Invulling | Verwijzing |
| Definities | |||
| Artikel 1 | Bodem | Relatie tussen verharding (van erven en wegen) en bodem | 1.3 |
| Artikel 1 | Geval van bodemverontreiniging | Gevalsafbakening: één geval of meerdere gevallen onderscheid tussen menselijk en niet menselijk handelen | 2.3 |
| Artikel 1 | Geval van bodemverontreiniging | Wanneer is een stortplaats een geval van bodemverontreiniging | 2.7 |
| Nieuwe verontreiniging | |||
| Artikel 13 | Verontreiniging bodem (algemeen) | Wanneer is sprake van een “nieuwe “ verontreiniging | 5.3 |
| Artikel 13 | Ongewoon voorval | Uitwerking begrip ongewoon voorval | 5.3 |
| Artikel 13 | De verontreiniging zoveel mogelijk ongedaan te maken | Uitwerking saneringsdoelstelling nieuwe verontreiniging | 5.3 |
| Artikel 13 en artikel 1.1a Wm | Verontreiniging bodem (bij bedrijven met Wm vergunning) | Omschrijving relatie Wbb en Wm bij “nieuwe” verontreinigingen bij Wm-bedrijven | 5.4 |
| Bemalingen | |||
| Artikel 28 lid 1 en 3 | Verplichte melding verplaatsing verontreiniging (bij bemalingen) | Invulling wanneer bemalingen gemeld moeten worden en hoe | 6.5 |
| Ernst en spoedeisendheid | |||
| Artikel 37 lid 1 | Zodanige risico’s dat spoedige sanering noodzakelijk is | Nadere invulling risico’s voor: - de mens (incl. asbest) - het ecosysteem - verspreiding | 2.5 |
| Artikel 37 lid 2 | Aanvang sanering zo spoedig mogelijk | Nadere invulling aanvang sanering | 2.5 |
| Artikel 37 lid 3 | Gebruik mogelijkheid tijdelijke beveiligingsmaatregelen op te leggen | Beschrijving wanneer van mogelijkheid gebruik wordt gemaakt, bij onaanvaardbare humane risico’s | 2.6 |
| Artikel 37 lid 4 | Mogelijkheid beheersmaatregelen te verplichten waaronder monitoring | Invulling wanneer monitoring verplicht is, ter controle, verificatie en/of bij wijziging van omstandigheden die kunnen leiden tot andere risico’s | 2.6 |
| Artikel 37 lid 5 | Verplichte melding wijzigingen van het gebruik | Invulling wanneer melding verplicht is, bij “gevoeliger” gebruik | 2.6 |
| Artikel 37 lid 6 | Melding wijziging omstandigheden | Melding is locatiespecifiek. Daartoe worden enige richtinggevende voorbeelden gegeven | 2.6 |
| Saneringsplan | |||
| Artikel 38 lid 1 | Sanering(sdoelstelling), bovengrond | Invulling beleidsruimte: - functiekeuze - leeflaagcriteria voor de functie en verharding - kwaliteit voor kabel- en leidingstroken - normaal gebruik bij een functie | 3.3 |
| Artikel 38 lid 1 | Sanering(sdoelstelling), ondergrond | Invulling beleidsruimte: - doelstelling ondergrond (stabiele eindsituatie) - afweging (ROSA) - eindcontrole | 3.4 en 4.2 |
| Artikel 38 lid 1 | Sanering(sdoelstelling), gebiedsgericht | Invulling beleidsruimte voor gebiedscriteria en aanpak beheergebied | 3.5 |
| Artikel 38 lid 1 | Sanering(sdoelstelling), hergebruik verontreinigde grond | Invulling beleidsruimte | 3.6 |
| Artikel 38 lid 1 | Sanering(sdoelstelling), stortplaatsen | Specifieke invulling beleidsruimte m.b.t. herontwikkeling stortplaatsen | 2.7 en 3.7 |
| Artikel 38 lid 1 | Sanering(sdoelstelling), bemalingen | Specifieke invulling beleidsruimte m.b.t. bemalingen | 6.5 |
| Financiële zekerheidsstelling | |||
| Artikel 39 f | De mogelijkheid voorschriften te verbinden tot het stellen van financiële zekerheid | Uitwerking wanneer en hoe financiële zekerheid wordt vereist. | 3.9 |
| Uitvoering sanering | |||
| Artikel 39g | Het tijdstip waarop sanering naar verwachting zal zijn uitgevoerd | Nadere invulling planningsaspecten | 4.1 |
| Kwalibo | Verplichte milieukundige begeleiding | Mogelijkheid afwijking, bij dagelijkse begeleiding | 4.1 |
| Zorg tijdens saneren | |||
| Artikel 39 | Eisen saneringsplan m.b.t. zorg tijdens saneren | Nadere invulling controle stabiele eindsituatie, ijkmomenten, beslisboom en faalscenario | 4.2 |
| Wijzigingen saneringsplan | |||
| Artikel 39 lid 4 en 5 | Verplichte melding wijzigingen saneringsplan | Nadere invulling verplichte meldingen. Onderscheid marginale wijziging, afhandeling conform artikel 39 lid 4 en 5 en noodzaak maken van nieuw saneringsplan | 4.3 |
| Evaluatie | |||
| Artikel 39 c | Zo spoedig mogelijk | Invulling van begrip zo spoedig mogelijk, binnen 13 weken na afronding saneringsplan | 4.4 |
| Artikel 39 c | Uitvoering sanering of fase sanering als bedoeld in artikel 38 c. | Nadere invulling van wanneer gesaneerd is conform saneringsplan. Hierbij worden aandachtspunten gegeven. | 4.4 |
| Zorg na saneren | |||
| Artikel 39 d | Beperkingen in gebruik van de bodem of maatregelen als bedoeld in artikel 39 c | Nadere invulling van beperkingen in gebruik en maatregelen | 4.5 |
| Overdracht saneringsplan en/of zorg | |||
| Artikel 39 lid 2 | Instemming saneringsplan | Randvoorwaarden aan overdracht saneringsplan en/of zorg (wijziging tenaamstelling) | 3.10 en 4.6 |
| Deelsanering | |||
| Artikel 40 | Het belang van de bescherming van de bodem mag zich niet tegen de deelsanering verzetten | Nadere uitwerking van dit belang | 3.8 |
| Gelders bevelsbeleid | |||
| Artikel 43 en 46 | Bevelsbeleid | Nadere invulling bevelsbeleid met betrekking tot onderzoek, sanering, tijdelijke beveiliging en beheer | 7 en bijlage 7 |
| Relaties met andere beleidsterreinen | |||
| Besluit en Regeling bodemkwaliteit en saneringsregeling Wbb | Afstemming, Besluit en regeling bodemkwaliteit met saneringsregeling | Nadere invulling met betrekking tot gevalsgrens, terugsaneerwaarde en toepassing grond | 6.2 |