VOORBEELDEN WIJZIGINGEN SANERINGSPLAN

Het Besluit uniforme saneringen (BUS) kent al een procedure voor het melden van wijzigingen. De wijzigingen die in het kader van BUS worden genoemd, betreffen ondermeer:

  • - een verandering met betrekking tot gegevens die op de meldingsformulieren zijn aangegeven (oa aangaande persoon en adres, kadastrale en onderzoeksgegevens, toekomstig en huidig gebruik van de locatie en verwachte en feitelijke einddatum sanering);
  • - de actuele risico’s naar aanleiding van aangetroffen verontreinigingsituatie (andere of meer verontreiniging) en/of calamiteiten.

Ook in het SIKB-project 59 “Definiëren kwaliteit van de handhaving bij bodemsaneringen”, is een nadere toelichting op het begrip wijziging terug te vinden. Een reactie van het bevoegd gezag is in ieder geval noodzakelijk bij wijzigingen die milieugevolgen of gevolgen voor derden hebben. Ook in andere gevallen is het in verband met de controleerbaarheid nodig dat het bevoegd gezag op de hoogte gesteld wordt van wijzigingen. Dit is het geval in de volgende situaties:

  • - de aard van het geval blijkt af te wijken van het saneringsplan of het geval is significant groter;
  • - de sanering gaat significant langer duren;
  • - de saneringswijze wordt aangepast;
  • - het eindresultaat is anders dan het saneringsdoel zoals in het saneringsplan is omschreven.

In het SIKB-project 59 worden naar aanleiding van bovenstaande de volgende voorbeelden aangehaald:

  • - er wordt (veel) meer of minder verontreinigde grond afgegraven;
  • - een grondwatersanering gaat langer duren;
  • - er wordt afwijkend bemonsterd;
  • - een gestelde saneringsdoelstelling wordt niet of niet helemaal bereikt;
  • - de verontreiniging is omvangrijker en of perceelsoverschrijdend;
  • - er duikt een onvermoede verontreiniging op;
  • - er blijft een niet ingecalculeerde restverontreiniging achter.

Verder kan onder een wijziging ook nog worden verstaan:

  • - het verkeerd herschikken van ernstig verontreinigde grond.
  • - de nazorg en monitoring wijzigt van passieve naar actieve nazorg;
  • - het bijplaatsen van een extra ‘deepwell’;
  • - de ligging van gronddepot wijzigt;
  • - de bestemming van verontreinigde grond wijzigt;
  • - de zuivering van grondwater wijzigt.

In onderstaande tabel zijn voorbeelden aangegeven wanneer in Gelderland een wijziging als marginaal wordt gezien. Overigens kunnen deze wijzigingen wel gevolgen hebben voor andere vergunningen (lozingsvergunning, onttrekkingsvergunning, etc).

Tabel 1 Voorbeelden van marginale wijziging saneringsplan

WijzigingsaspectMarginaal*
Diepte verontreiniging / ontgravingAfwijking minder dan 1 meter boven gondwaternivo
Omvang verontreiniging / ontgravingAfwijking minder dan 10 meter en binnen perceelsgrens
Volume ontgravingAfwijking minder dan 20%
BemalingAfwijking debiet max 50% en toename invloedssfeer (verlagingscontour) kleiner dan 10 meter.
Zuivering en lozingIndien geen wijziging van wijze van afvoer / lozing (infiltratie)
Tijdsduur grondsaneringAfwijking minder dan 50% van geraamde tijdsduur en toename maximaal 3 maanden
Tijdsduur grondwatersaneringAfwijking minder dan 50% van geraamde tijdsduur en toename maximaal 2 jaar

* Los van genoemde criteria mag de wijziging op het saneringsplan geen negatieve

effecten hebben voor eventuele belanghebbenden (zie hoofdtekst paragraaf 4.3).