De grondslag voor de verwerking en/of verstrekking van persoonsgegevens door de partners op grond van dit convenant is:
- - voor de burgemeester gelegen in het uitoefenen van een taak van algemeen belang, te weten het handhaven van de openbare orde zoals beschreven in artikel 172 e.v. Gemeentewet jo. artikel 11 Politiewet 2012 en in de bevoegdheden die door de gemeenteraad aan de burgemeester zijn toegekend op grond van artikel 154a Gemeentewet. Dit is een grondslag als bedoeld in artikel 6 lid 1 AVG;
- - voor de politie gelegen in het uitoefenen van de taken op het terrein van de vervulling van de politietaak, te weten de daadwerkelijke handhaving van de rechtsorde en het verlenen van hulp aan hen die deze hulp behoeven, zoals omschreven in artikel 3 van de Politiewet, waartoe verwerking plaatsvindt met als doeleinden artikel 8, 13, 9 en artikel 10 lid 1 sub a en c Wpg. De grondslag voor verstrekking van politiegegevens aan het bevoegd gezag (de burgemeester) is gelegen in artikel 16 lid 1 sub b Wpg.
- - Voor het OM gelegen in het uitoefenen van de taken ten behoeve van de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde en andere bij wet opgedragen taken, zoals bedoeld in artikel 124 Wet op de rechterlijke organisatie (WOR), in combinatie met de artikelen 39b (verwerking van strafvorderlijke gegevens) en 51a (verwerking van tenuitvoerleggingsgegevens) Wjsg. De grondslag voor verstrekking van de bovengenoemde categorieën gegevens is gelegen in artikel 39f of 51c lid 2 Wjsg;
- - Voor het jongerenwerk gelegen in het uitoefenen van een taak van algemeen belang, gelegen in het bieden van een algemene voorziening, bedoeld in artikel 2.2.3 van de Wet maatschappelijk ondersteuning 2015, met referentie aan het in artikel 2.1.2 lid 2 sub a Wet maatschappelijke ondersteuning genoemde doel ‘het bevorderen van de veiligheid en leefbaarheid in de gemeente’. Dit is een grondslag als bedoeld in artikel 6 lid 1 AVG;
- - Voor de (jeugd)boa (‘Toezicht en handhaving’) gelegen in het uitoefenen van een taak van algemeen belang namens de burgemeester, te weten het handhaven van de openbare orde zoals beschreven in artikel 172 e.v. Gemeentewet zoals vermeld in de aanstelling akte. Dit is een grondslag als bedoeld in artikel 6 lid 1 AVG. Gegevens die deze boa’s verwerken ter opsporing en voorkoming van strafbare feiten binnen hun taakveld vallen onder de werking van de Wpg op grond van artikel 46 Wpg en het Besluit politiegegevens buitgewoon opsporingsambtenaren (Bpg Boa). Voor verstrekking van deze gegevens zijn artikel 6 en 7 van het Bpg Boa van toepassing.