1.. De budgethouder heeft op basis van mandatering de beschikkingsbevoegheid

over het toegekende budget. Dit betekent dat hij bevoegd is tot het aangaan

van overeenkomsten inzake leveringen, diensten en werken ten behoeve van

de gemeente, met inachtneming van wet-en regelgeving waaronder in ieder geval het gemeentelijke Inkoop-en Aanbestedingsbeleid.

2.. De beschikkingsbevoegdheid is gelimiteerd tot het beschikbare bedrag van het toegekende budget. Daarnaast moet de verplichting rechtstreeks verband houden met de aan het budget gekoppelde taakstelling.

3.. Bij afwezigheid of verhindering van de budgethouder wordt zijn bevoegdheid uitgeoefend door de plaatsvervanger.