Afzet stichting HOE duurzaam
In het Haarloseveld en Olden Eibergen is de stichting HOEduurzaam actief.
De stichting heeft als doelen:
- - Het bevorderen van duurzame energieproductie
- - Het duurzaam inrichten en gebruiken van de grond in het Haarloseveld, Olden Eibergen en omstreken
Deze stichting houdt zich onder andere bezig met het in conditie houden of brengen van de bodem, zodat goed drinkwater gegarandeerd blijft. Ze wil met inzet van nieuwe technologie en moderne middelen het potentieel aan energie in het landschap beter benutten. Ook streeft ze ernaar dat overheden en beleidsmakers meer op gebiedsniveau kijken. Dit moet leiden tot meer duurzame oplossingen voor het hele gebied.
HOEduurzaam zet alles in het werk om de bodemkwaliteit en daarmee ook de werk- en leefomgeving positief te beïnvloeden. Denk aan kennis verzamelen, kennis delen, belangenbehartiging, excursies organiseren en meer. De Stichting betrekt de inwoners en grondeigenaren van het gebied actief bij realisatie van deze doelen. Ook stimuleert ze de oprichting van verenigingen en coöperaties rond deze onderwerpen.
Bron: website www.hoeduurzaam.nl
Gemeente Berkelland en HOEduurzaam
Gemeente Berkelland werkt samen met de stichting in het project ‘Bodemrijk’. Het maaisel dat vrijkomt bij het ecologisch bermbeheer (en ook slootbeheer) tijdens de najaarsmaaibeurt wordt afgezet bij verschillende deelnemende boeren in het Haarloseveld en Olde Eibergen. Deze gebruiken het maaisel ter verhoging van het koolstofgehalte van de bodem. Hierdoor vindt in droge zomers minder snel uitdroging van de bodem plaats en dat is gunstig voor de landbouw. Andere voordelen zijn onder andere de betere buffercapaciteit van de bodem bij intense neerslag en het feit dat het maaisel in eigen streek wordt verwerkt. In 2015 is het eerste pilotproject met afzet van maaisel (biomassa) als bodemverbetering in de streek uitgevoerd. Sindsdien zet de gemeente in principe alle biomassa af in Olden Eibergen.
Daarbij overstijgt de vraag het aanbod; agrariërs kunnen daar dus nog meer gebruiken. Wanneer het ecologisch bermbeheer verder wordt uitgebreid is het uitgangspunt dat ook het extra maaisel dat daarbij vrijkomt eerst wordt afgezet binnen HOEduurzaam.
De mogelijkheid tot afzet via HOEduurzaam betekent dat de gemeente geen afzetkosten voor maaisel heeft. Die situatie is mogelijk door een stimuleringsregeling van de provincie Gelderland. Die geeft de ontvangers van maaisel een vergoeding voor de verwerking in de bodem. Als die vergoedingsregeling op een gegeven moment eindigt kan het afzetten van maaisel weer tot kosten leiden.
Afzet van maaisel bij andere agrariërs
Indien op een bepaald moment binnen HOEduurzaam geen extra vraag naar maaisel meer bestaat moet worden gekeken naar andere afzetmogelijkheden/deelgebieden binnen de gemeente. Dat kunnen ook andere agrariërs zijn. Vooralsnog lijkt deze situatie niet aan te orde te zijn.
Afzet bij de voorjaarsmaaibeurt
Het verwerken van maaisel op het land gebeurt alleen in het najaar. Zodra maaibeurten in het voorjaar worden uitgevoerd en daarbij maaisel wordt afgezogen, moeten rekening worden houden met afzet op de markt en bijbehorende kosten. In dat geval kan maaisel worden gecomposteerd, vergist of worden verwerkt in langlevende producten, zoals ‘bioblocks’.
Afzet van maaisel vindt nu plaats bij agrariërs in het Haarloseveld en Olden Eibergen binnen HOEduurzaam. Er is nog een ruime vraag naar maaisel onder de deelnemende boeren. Wanneer bij ecologisch bermbeheer meer (najaars)maaisel vrijkomt kan dit ook daar afgezet worden. Alleen maaisel van een voorjaarsmaaibeurt dient op de markt te worden afgezet.
Deelnamen maaibeheer door agrariërs en derden
Het kan voor agrariërs interessant zijn om deel te nemen aan activiteiten die de biodiversiteit bevorderen. Basis daarvoor is het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB). Dat beleid kent een regeling die ECO activiteiten van agrariërs waardeert met hogere bijdragen. Agrariërs of andere bewoners zouden op basis van vrijwilligheid of met een vergoeding geïnteresseerd kunnen zijn om maaitaken over te nemen.
Bermen en GLB
Het is belangrijk te constateren dat wegbermen in beginsel niet passen binnen de scope van het GLB. Hoofdstuk 2 (artikel 6, lid 4 van de Uitvoeringsregeling GLB 2023) stelt het volgende:
‘Niet subsidiabel (zijn): bermen tot een breedte van drie meter van de weg of breder voor zover de verkeersbestemming de landbouw hindert.)’
Met een gemiddelde Berkellandse bermbreedte van 2 meter valt het overgrote deel van de wegbermen buiten deze regeling.
Inzet derden en (verkeers)veiligheid
Er is veel te zeggen voor een keuze om het beheer en onderhoud van de ‘wegbermen’ volledig in eigen beheer houden:
- - Er is een duidelijk en significant (verkeers)veiligheidsbelang bij het maaien van wegbermen, daarom is grip op uitvoering erg belangrijk.
- - Variaties of afwijkingen in de uitvoering zijn onwenselijk. Bermen moeten over de weg(vak)lengte in z’n geheel gemaaid worden, niet in onsamenhangende fasen.
- - Uitvoerend eigen (of ingehuurd) personeel wordt geschoold en is gecertificeerd. Derden (vrijwillig of betaald) die in de uitvoering meedraaien moeten dezelfde scholing en certificering hebben. Ecologisch bermbeheer vraagt om een zorgvuldige uitvoering met voldoende kennis.
- - De uitvoering is onderwerp van toezicht en controle. De kans is aanwezig dat dat conflicteert met vrijwillige inzet.
- - Uitvoering moet plaatsvinden met passende verkeersmaatregelen bij werk in uitvoering volgens publicatie 96b van het CROW. De ervaring leert dat derden (vrijwillig of betaald) die regels niet kennen en niet of maar gedeeltelijk naleven.
- - Maaiwerk aan bermen heeft een relatie naar de Omgevingswet (voorheen Wet natuurbescherming). Onderzoek, voorbereiding, trainingen en protocollen zijn wettelijk verplicht.
Inzet derden, organisatorisch
Gemeente Berkelland heeft op dit moment en ook in de nabije toekomst geen data, systeem, processen en bemensing om de inzet van en afspraken met aangelanden te beheren en te beheersen. Dat kan pas als de beheersystemen zijn omgebouwd naar een omgeving die is gebaseerd op de BGT (basiskaart grootschalige topografie). De BGT is een kaart die is opgebouwd uit vele vlakjes die moeten zijn pasgemaakt op de beheerwijze. Een berm tussen twee kruispunten kan uit meerdere tot tientallen vlakjes bestaan. Aan elk vlakje hangt beheerinformatie. Gemeente werkt nu met een systeem waarbij langs wegen van kruispunt tot kruispunt lijnen zijn getekend, waaraan de beheerinformatie hangt. Een eventuele ombouw is arbeidsintensief en duur. Voor de operationele kant van het bermbeheer is alleen het huidige en eenvoudiger systeem met lijnen praktisch bruikbaar.
Professionele inzet van agrariërs
Ook een inzet van ‘professionele’ agrariërs kent deze kanttekeningen en het organisatorische bezwaar. Het is überhaupt de vraag of agrariërs genegen zijn om (tegen vergoeding) bermen te maaien als dat niet past binnen de ECO regeling van het GLB.
(Ecologisch) maaibeheer uitbesteden aan aangelanden en/of veel verschillende derden is momenteel niet haalbaar en daarom ongewenst.
Akkerandenbeheer
Ecologisch beheer van akkerranden valt wél binnen de ECO regeling van het GLB. Als boeren randen van akkers aan de natuur geven en op die manier biodiversiteit bevorderen heeft dat onder voorwaarden positieve gevolgen voor de te ontvangen subsidies.
Vallen wegbermen in de regel niet onder de ECO regeling, percelen achter de berm(sloten) doen dat in gevallen wel. Juist die percelen kunnen dus interessant zijn voor agrariërs. Het is belangrijk om te melden dat er op dit moment geen goed zicht bestaat op de omvang van het ‘potentieel’. Er is hier een duidelijke link naar vastgoedbeheer, dat binnen de organisatie in ontwikkeling is.
Met betrekking tot akkerrandenbeheer op gronden die in eigendom van de gemeente zijn gelden de volgende aspecten:
- - Alleen ruimten of percelen die liggen áchter de wegbermen (dus in de regel tussen een bermsloot en een landbouwperceel) komen in aanmerking voor akkerrandenbeheer binnen de ECO regeling.
- - Er zijn organisatorische beperkingen: het in gebruik geven van ruimten of percelen áchter de wegbermen kan in de basis enkel en alleen op kadastraal vlakniveau.
- - Alvorens een ruimte in gebruik kan worden gegeven dient getoetst te worden op effecten op de groenblauwe dooradering.
Dat overwegende levert de volgende beleidskeuzes:
- - De areaaldelen ‘overige ruimten’, dus achter de wegbermen, kunnen op verzoek en conform maatwerk (binnen de kaders en de doelen van dit plan) aan aangelanden in beheer en onderhoud worden gegeven op basis van een gebruiks-/of onderhoudsovereenkomst.
- - Die betreffende ruimten kunnen (mits de uitvoeringsregeling GLB 2023 dat toestaat) na ingebruikname worden ingezet voor (extra) GLB subsidie op grond van de ECO regeling.
- - Het is belangrijk dat de aanvrager van de subsidie met schriftelijk bewijs aan de verstrekker aantoont dat hij/zij toestemming van de grondeigenaar (gemeente) heeft voor het gebruik.
- - De gemeente Berkelland neemt geen eigen initiatieven om ruimten in gebruik uit te geven, maar kan onder voorwaarden wel inhaken op een concrete vraag.
Raakvlak met Biodiversiteitsplan 2021
Het is belangrijk om te benoemen dat het in gebruik geven aan derden van deze ‘overige ruimten’ nieuw is ten opzichte van het gemeentelijke Biodiversiteitsplan 2021. Daarin wordt gesteld dat in gebruik geven ongewenst en niet in het belang van de biodiversiteit is. In dit plan is vanuit een beheersmatige insteek beschreven hoe dat wel mogelijk is.
Akkerrandenbeheer door boeren kan alleen onder voorwaarden op ruimten gelegen achter de wegbermen. De gemeente neemt hierin geen eigen initiatief maar toetst indien er een concrete vraag komt of dit wenselijk en mogelijk is.
Communicatie over akkerrandenbeheer en inzet derden
De strekking van het voorgestelde beleid maakt dat communicatie over dit onderwerp informerend van aard zal zijn. Dat is meteen de reden dat deze keuzes pas na vaststelling van het plan met een informerend karakter worden gedeeld met belangenverenigingen en andere mogelijk belanghebbenden.
Zelf maaien door particulieren en aangelanden
Het komt voor dat bewoners in het buitengebied de bermen deels zelf en regelmatig maaien. Op diverse plekken in het buitengebied worden soms grote lengtes bermen het hele jaar door kort gehouden en als een soort gazon beheerd. ‘De boel glad maken’ zoals dat wordt genoemd in de regio.
Voor de ecologie is dit niet gunstig. Het levert weliswaar een verzorgd beeld op, maar schijn bedriegt. Niet alleen kruiden en bloemen krijgen zo geen kans, maar ook bijen, vlinders en insecten (waaronder de natuurlijke vijanden van de eikenprocessierups) krijgen het moeilijker. Vooral de bij is van levensbelang voor de bestuiving en bevruchting van (agrarische) gewassen. Zonder de bij is er geen leven. Dus: zelf maaien? Liever niet.
Gemeente Berkelland gaat de mensen die de bermen zelf maaien actief informeren en uitleggen waarom het ongewenst is. Er komt een informatiecampagne en ook wordt een te ontwikkelen aansprekende flyer uitgedeeld met een korte toelichting op het ecologisch bermbeheer. Dit in navolging van de buurgemeente Bronckhorst waar deze methode succes lijkt te hebben.
Het regelmatig zelf maaien door particulieren en aangelanden is ongunstig voor de biodiversiteit. De gemeente gaat mensen informeren waarom dit niet gewenst is. Er wordt een folder ontwikkeld en er volgt een informatiecampagne.
Invasieve exoten
In het buitengebied van de gemeente Berkelland komen enkele invasieve exoten voor. Deze soorten zijn concurrentiekrachtig, kunnen zich sterk uitbreiden en overlast veroorzaken (brandharen reuzenberenklauw). Waar zich haarden van invasieve soorten ontwikkelen vormen deze een bedreiging voor inheemse soorten, natuurwaarden en biodiversiteit. In maart 2020 is mede met subsidie van de provincie Gelderland een ‘Gebiedsplan Invasieve exoten Gemeente Berkelland’ opgesteld.
Hierin is opgenomen hoe in welke voorkomende gevallen dient te worden gehandeld om Aziatische duizendknopen en reuzenberenklauw te bestrijden of beheersen. Om verspreiding door maaiwerkzaamheden verder te voorkomen worden daarnaast de datasets met de locaties van invasieve exoten opgenomen in het beheersysteem, zodat de kans dat hier ‘per ongeluk’ gemaaid wordt en de soort via plantendelen wordt verspreid verder wordt geminimaliseerd.
Omgang met en beheersing van invasieve exoten vindt plaats volgens het gebiedsplan invasieve exoten (2020). Verspreiding wordt verder tegengegaan door de haarden op te gaan nemen in het bermbeheersysteem.
Jakobskruiskruid
Enkele soorten inheemse planten worden door sommige agrariërs en paardenbezitters als ongewenst ervaren. In het bijzonder gaat het hierbij om het Jakobskruiskruid dat giftig is voor vee en ook paarden. Overigens komt het zelden voor dat de dieren Jakobskruiskruid in de weide eten. Ze mijden deze kruiden normalerwijze instinctief. Het risico zit in het eten van hooi waarin Jakobskruiskruid zit. In hooi is het kruid voor de dieren niet herkenbaar.
Het aantal meldingen over Jakobskruiskruid is momenteel klein. In 2023 is één melding binnengekomen over een berm met veel planten. Het betrof een provinciale en geen gemeentelijke weg.
Tegenover de risico’s staat het feit dat het Jakobskruiskruid een ecologisch waardevolle en inheemse plant is voor tientallen soorten fauna. Het kruid moet daarom ook ontwikkelmogelijkheden hebben en houden. Balans tussen waarde en risico’s is hier belangrijk. Die kan worden gevonden in het ongemoeid laten van ‘kleine’ aantallen en het verwijderen van ‘grote’ haarden.
Het protocol ten aanzien van meldingen over Jakobskruiskruid is zoals hieronder beschreven. De provincie Gelderland handelt op een soortgelijke manier.
- - De melding wordt in behandeling genomen.
- - De buitendienst stelt vast of het een grote haard betreft. Als het om kleine aantallen gaat wordt in principe geen actie ondernomen.
- - De buitendienst beoordeelt of er actie noodzakelijk is. Lijkt er direct gevaar voor vee aanwezig? Hoe groot is de haard? Hoe groot is het uitbreidingsgevaar naar gronden met vee of naar hooiland?
- - Als actie gerechtvaardigd is maait men de haard.
Meldingen van Jakobskruiskruid worden door de buitendienst beoordeeld op noodzakelijkheid tot actie.
Opruimen van zwerfafval uit bermen
In Berkelland is enkele jaren geleden een initiatief gestart waarbij vrijwilligers zwerfvuil verzamelen. Inmiddels is dit initiatief uitgegroeid tot een landelijk initiatief. (Zie www.helemaalgroen.nl.) Gemeente Berkelland draagt jaarlijks € 2.500 bij in de vorm van subsidie.
Er is ook een zwerfvuil app waarbij op een kaart direct zichtbaar wordt waar een vrijwilliger zwerfvuil heeft verzameld. Inmiddels is het initiatief dat in Berkelland met 7 vrijwilligers begon sterk uitgegroeid. De website www.helemaalgroen.nl laat dit zien: ‘In Geesteren zijn we in 2019 met 7 deelnemers met de allereerste versie begonnen, nu maken landelijk ruim 14.000 deelnemers dagelijks gebruik van de HelemaalGroen app.’.
In welke mate het ruimen van zwerfvuil plaatsvindt in de bermen van het buitengebed van Berkelland is beperkt bekend. Met het oog de mogelijkheid van het afzetten en toepassen van maaisel als bodemverbeteraar bij agrariërs (zie 8.1) is het van belang dat er zo weinig mogelijk zwerfafval in de bermen aanwezig is.
De initiatieven vanuit de gemeente Berkelland om klein materieel in de vorm van afvalgrijpers ter beschikking te stellen en het afval op te halen dient doorgang te vinden komende jaren. Gemeente gaat tevens het belang van weinig afval in de bermen beter onder de aandacht brengen. Niet alleen voor de natuur, maar ook voor de agrariërs.
Binnen de gemeente Berkelland is een groot aantal vrijwilligers actief met het verzamelen van afval. Berkelland stimuleert dit door afvalgrijpers ter beschikking te stellen. Gemeente gaat initiatief nemen om het belang van weinig afval in de bermen breed onder de aandacht te brengen.