1.. Indien achteraf blijkt dat ontvangen giften ten onrechte niet of niet volledig zijn betrokken bij de vaststelling van het recht op of de hoogte van de bijstand vanwege onjuiste gegevens en onvoldoende medewerking herziet of trekt het college het besluit tot toekenning van bijstand in overeenkomstig artikel 54 van de Wet.

2.. Voor zover als gevolg daarvan te veel bijstand is verleend, vordert het college deze bijstand terug overeenkomstig artikel 58 van de Wet.

3.. Indien sprake is van schending van de inlichtingenplicht doordat ontvangen giften niet of niet tijdig zijn gemeld, wordt bij de vaststelling van het benadelingsbedrag rekening gehouden met het bedrag aan giften dat op grond van deze beleidsregel buiten beschouwing mag worden gelaten.

4.. Het college kan geheel of gedeeltelijk afzien van herziening of terugvordering indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn.