Lid 1
Indien aan een belanghebbende tengevolge van reorganisatie dan wel op medische gronden niet langer wacht- of storingsdiensten kunnen worden opgedragen, ontvangt hij, met uitzondering van het bepaalde in het 2e lid van dit artikel, een vergoeding als in de navolgende artikelen is aangegeven.
Lid 2
Geen vergoeding wordt verleend indien een belanghebbende op het tijdstip van de onvrijwillige beëindiging van de wacht- en of storingsdiensten onmiddellijk daaraan voorafgaand deze diensten gedurende minder dan 24 maanden volgens rooster heeft verricht dan wel had moeten verrichten.