Naar de inhoud
Strafrecht

Wapens en munitie en de categorieën

Dit thema gaat over de vier categorieën van de Wet wapens en munitie. Je leest wat per categorie verboden is en wanneer een verlof geldt. Ook lees je welke bevoegdheden je hebt om wapens te vinden.

Waar gaat dit over

Bij een controle in het uitgaansgebied vind je een vlindermes in een jaszak. In een auto ligt een spuitbus met traangas onder de stoel. In een sporttas zit een honkbalknuppel. Je moet dan twee dingen weten. In welke categorie valt dit voorwerp, en wat mag je nu doen?

De Wet wapens en munitie (WWM) deelt wapens in vier categorieën in. Per categorie verschilt wat verboden is. Het gaat om drie handelingen: een wapen voorhanden hebben, dragen en vervoeren. De wet geeft opsporingsambtenaren ook eigen bevoegdheden om wapens te vinden. Die bevoegdheden vragen geen verdachte, maar wel een concrete aanleiding.

Wat de wet zegt

De vier categorieën

art. 2 WWM noemt de wapens per categorie. Een voorwerp is alleen een wapen als het in die lijst staat of als de minister het heeft aangewezen.

  • Categorie I noemt onder meer stiletto's, valmessen, vlindermessen, boksbeugels, ploertendoders, wurgstokken en werpsterren. Ook vilmessen, ballistische messen, geluiddempers en katapulten horen erbij. Hetzelfde geldt voor een opvouwbaar mes met meer dan één snijkant of dat opengevouwen langer is dan 28 cm.
  • Categorie II noemt automatische vuurwapens en vuurwapens die op een ander voorwerp lijken. Ook vuurwapens die minder zichtbaar of krachtiger zijn gemaakt en stroomstootwapens horen erbij. Hetzelfde geldt voor voorwerpen om personen te treffen met giftige, verstikkende of traanverwekkende stof. Een vuurwapen dat in geen andere categorie past, valt ook in categorie II.
  • Categorie III noemt gewone geweren, revolvers en pistolen, werpmessen en de meeste alarm- en startpistolen. Ook toestellen voor beroepsdoeleinden die projectielen afschieten, horen erbij.
  • Categorie IV noemt blanke wapens met meer dan één snijkant die niet in categorie I vallen. Ook degens, zwaarden, sabels, bajonetten, wapenstokken, lucht-, gas- en veerdrukwapens, kruisbogen en harpoenen horen erbij.

Categorie IV heeft ook een open grond. Een ander voorwerp valt erin als je redelijkerwijs kunt aannemen dat het bedoeld is voor letsel of dreiging. Dat leid je af uit de aard van het voorwerp of uit de omstandigheden. Speelgoed dat niet geschikt is voor ernstig letsel of dreiging, is geen wapen.

Voorhanden hebben, dragen en vervoeren

Dragen is een wapen bij je hebben op de openbare weg of op een andere openbaar toegankelijke plaats art. 1 WWM. Is het wapen zo verpakt dat je het niet meteen kunt gebruiken, dan vervoer je het. Voor een wapen van categorie I is alles verboden, van voorhanden hebben tot vervoeren art. 13 WWM. Voor categorie II en III is voorhanden hebben verboden art. 26 WWM. Dragen is verboden voor categorie II, III en IV art. 27 WWM. Een wapen van categorie IV mag een volwassene thuis hebben. Wie jonger is dan 18 jaar, mag het niet voorhanden hebben.

Verlof, ontheffing en vrijstelling

Voor categorie I kan alleen de minister ontheffing geven. Dat kan voor de krijgsmacht, de politie en andere openbare diensten, voor hun onderwijs en voor doorvoer art. 13 WWM. Voor categorie III geeft de korpschef verlof om het wapen voorhanden te hebben art. 28 WWM. Het verlof noemt het belang waarvoor het geldt. Dragen mag alleen als het verlof dat ook vermeldt art. 29 WWM. De korpschef kan ook verlof geven om een wapen van categorie IV te dragen. Voor categorie II geeft de korpschef geen verlof. De minister kan bij regeling vrijstelling geven van het draagverbod, bijvoorbeeld voor optochten of ceremoniële wapens.

Doorzoeken op plaatsen

Opsporingsambtenaren mogen te allen tijde doorzoeken waar zij redelijkerwijs vermoeden dat wapens of munitie zijn art. 49 WWM. Het doel is inbeslagneming. Wil je een woning binnentreden zonder toestemming van de bewoner, dan geldt ook de Algemene wet op het binnentreden (Awbi). Daarvoor heb je in de regel een schriftelijke machtiging nodig art. 2 Awbi.

Bagage en vervoermiddelen onderzoeken

Je mag vorderen dat een verpakking of reisbagage wordt geopend art. 50 WWM. Je mag ook een vervoermiddel onderzoeken en de bestuurder laten stoppen art. 51 WWM. Voor beide bevoegdheden moet er redelijkerwijs aanleiding zijn. De wet noemt drie gronden:

  • een gepleegd strafbaar feit waarbij wapens zijn gebruikt
  • een overtreding van het verbod op categorie I, op voorhanden hebben of op dragen
  • aanwijzingen dat zo'n feit zal worden gepleegd

Je gebruikt de bevoegdheid alleen tegenover personen of voertuigen waarover die aanleiding bestaat. De officier van justitie kan bevelen dat je iedereen mag onderzoeken.

Onderzoek aan de kleding

Je mag te allen tijde wapens in beslag nemen en de uitlevering ervan vorderen art. 52 WWM. Een persoon aan zijn kleding onderzoeken mag op dezelfde drie gronden. In een veiligheidsrisicogebied kan de officier van justitie bevelen dat je iedereen onderzoekt. Zo'n gebied wijst de burgemeester aan als de raad hem die bevoegdheid heeft gegeven art. 151b Gemw. Het bevel van de officier van justitie noemt het gebied en de feiten waarop het rust. Het bevel geldt maximaal 12 uur.

De straf

Dragen in strijd met art. 27 WWM is een overtreding met een geldboete van de derde categorie art. 54 WWM. Dat geldt ook voor een minderjarige met een wapen van categorie IV. Voorhanden hebben van een wapen van categorie I, II of III is een misdrijf art. 55 WWM. Bij categorie I is de maximale straf in de basis negen maanden. Dat geldt ook voor een wapen van categorie III dat geen vuurwapen is. Bij categorie II en bij een vuurwapen van categorie III is de maximale straf acht jaar. Wie een vuurwapen draagt, heeft het ook voorhanden. Kijk dus altijd naar beide verboden.

Waar het misgaat

Is het voorwerp wel een wapen in de zin van de wet? Een keukenmes staat niet in categorie I. Het valt alleen onder categorie IV als de omstandigheden laten zien dat het bedoeld is voor letsel of dreiging. Een honkbalknuppel op weg naar de training is iets anders dan dezelfde knuppel bij een groep die ruzie zoekt.

Draagt de persoon het wapen, of vervoert hij het? Het verbod van art. 27 WWM gaat over dragen. Een luchtdrukgeweer in een dicht foedraal is iets anders dan een luchtdrukgeweer in de hand op straat.

Is er redelijkerwijs aanleiding? De bevoegdheden uit de WWM vragen geen redelijk vermoeden van schuld. Ze vragen wel feiten die passen bij een van de drie gronden. Schrijf op welke feiten je die aanleiding gaven.

Is er alleen een aanwijzing van de burgemeester, of ook een bevel van de officier van justitie? Een aanwijzing als veiligheidsrisicogebied geeft je nog niet de bevoegdheid om iedereen te fouilleren. Daarvoor is ook het bevel nodig, en dat bevel moet nog gelden.

Rechtspraak

In de zaak ECLI:NL:HR:2014:1101 werd een man gefouilleerd in een koffiehuis binnen een veiligheidsrisicogebied. Er was een bevel van de officier van justitie. De verdediging stelde dat het koffiehuis geen voor het publiek openstaand gebouw was. Het hof oordeelde dat het koffiehuis dat wel was, omdat het publiek er in het algemeen vrij toegang had. De Hoge Raad liet dat oordeel in stand. Het verweer dat de fouillering onrechtmatig was, faalde. Ook een beroep op het recht op privéleven slaagde niet.

De beslisboom bij dit thema loopt de categorieën met je door. Per uitkomst zie je wat verboden is en welke bevoegdheid je hebt.

Dit thema rust op

  • Artikel 1

    Wet wapens en munitie

    Geeft de betekenis van vuurwapen, munitie, dragen en vervoer.

  • Artikel 2

    Wet wapens en munitie

    Deelt wapens en munitie in categorieën in en zegt dat speelgoed geen wapen is.

  • Artikel 13

    Wet wapens en munitie

    Verbiedt elke omgang met een wapen van categorie I, behalve met ontheffing van de minister.

  • Artikel 26

    Wet wapens en munitie

    Verbiedt het voorhanden hebben van wapens van categorie II en III, en van categorie IV onder 18 jaar.

  • Artikel 27

    Wet wapens en munitie

    Verbiedt het dragen van wapens van categorie II, III en IV, behalve met verlof of vrijstelling.

  • Artikel 28

    Wet wapens en munitie

    De korpschef geeft verlof voor het voorhanden hebben, alleen voor wapens van categorie III.

  • Artikel 29

    Wet wapens en munitie

    Een verlof kan ook gelden voor het dragen van een wapen van categorie III of IV.

  • Artikel 49

    Wet wapens en munitie

    Opsporingsambtenaren mogen te allen tijde doorzoeken waar zij redelijkerwijs wapens of munitie vermoeden.

  • Artikel 50

    Wet wapens en munitie

    Je mag vorderen dat verpakking en bagage worden geopend als daar redelijkerwijs aanleiding voor is.

  • Artikel 51

    Wet wapens en munitie

    Je mag vervoermiddelen laten stoppen en onderzoeken als daar redelijkerwijs aanleiding voor is.

  • Artikel 52

    Wet wapens en munitie

    Je mag wapens in beslag nemen en personen aan hun kleding onderzoeken, in een veiligheidsrisicogebied soms iedereen.

  • Artikel 54

    Wet wapens en munitie

    Dragen in strijd met art. 27 is een overtreding met een geldboete van de derde categorie.

  • Artikel 55

    Wet wapens en munitie

    Voorhanden hebben in strijd met art. 13 of 26 is een misdrijf, bij categorie II en vuurwapens met maximaal acht jaar gevangenisstraf.

  • Artikel 56

    Wet wapens en munitie

    Zegt welke feiten uit de WWM overtredingen zijn en welke misdrijven.

  • Artikel 151b

    Gemeentewet

    De burgemeester wijst een veiligheidsrisicogebied aan als de raad hem die bevoegdheid bij verordening geeft.

  • Artikel 2

    Algemene wet op het binnentreden

    Voor het binnentreden in een woning zonder toestemming van de bewoner is in de regel een schriftelijke machtiging nodig.

Rechtspraak

  • ECLI:NL:HR:2014:1101

    Hoge Raad, 13 mei 2014

    Rechtmatige fouillering. Last a.b.i. art. 52.3 WWM. Art. 151b.1 Gemeentewet. Verwerping van een tot bewijsuitsluiting strekkend verweer dat de fouillering van verdachte in een koffiehuis onrechtmatig is geweest, omdat het koffiehuis niet is te beschouwen als een ‘voor het publiek…

    De Hoge Raad liet het oordeel van het hof in stand dat een koffiehuis een voor het publiek openstaand gebouw is. Het verweer dat de fouillering in het veiligheidsrisicogebied onrechtmatig was, faalde.

Begrippen

  • Veiligheidsrisicogebied

    Staat nog niet in Wetpunt

  • Doorzoeking

    Staat nog niet in Wetpunt

  • Inbeslagneming

    Inbeslagneming is het onder zich nemen van een voorwerp ten behoeve van de strafvordering (art. 134 Sv). Voorwerpen die vatbaar zijn voor inbeslagneming staan in art. 94 Sv: alles dat kan dienen om de waarheid aan het licht te brengen, om wederrechtelijk verkregen voordeel aan te…

  • Openbare orde

    Staat nog niet in Wetpunt

Lees ook

  • Onderzoek aan kleding en lichaam

    Wanneer mag je iemand fouilleren, en hoe ver mag je gaan? Dit thema behandelt fouilleren voor veiligheid en identiteit, onderzoek na aanhouding, preventief fouilleren en fouilleren bij wapens en drugs.

  • Doorzoeken van voertuig en woning

    Wanneer mag je een plaats betreden en wanneer mag je haar doorzoeken? Dit thema behandelt zoekend rondkijken, het doorzoeken van een auto, een andere plaats en een woning, en het binnentreden met een machtiging.

Beslisbomen

  • Welke categorie is dit wapen en mag ik optreden?

    Deze beslisboom helpt je een voorwerp in te delen in een categorie van de Wet wapens en munitie. Bij elke uitkomst zie je wat verboden is en welke bevoegdheid je hebt.