Naar de inhoud
Strafrecht

Staande houden en aanhouden

Wanneer is iemand verdachte, en wanneer mag je hem staande houden of aanhouden? Dit thema behandelt staande houden, aanhouden op en buiten heterdaad, de voorgeleiding en het ophouden voor onderzoek met de termijnen.

Waar gaat dit over

Je rijdt 's nachts door een bedrijventerrein en hoort een alarm afgaan. Even later zie je een man met een breekijzer wegfietsen bij het pand. Je wilt weten wie hij is, en misschien wil je hem meenemen. Welke bevoegdheid je dan gebruikt, hangt af van wat je weet en van het moment waarop je het weet.

Een week later herken je op straat een man van camerabeelden van een mishandeling. Van heterdaad is dan geen sprake meer, en dan gelden andere regels. Dit thema legt uit wie verdachte is en wanneer je iemand mag staande houden of aanhouden. Het legt ook uit hoe lang de verdachte daarna op het bureau mag blijven.

Wat de wet zegt

De verdachte

Elke bevoegdheid in dit thema begint bij een verdachte. Verdachte is degene tegen wie uit feiten of omstandigheden een redelijk vermoeden van schuld aan een strafbaar feit volgt art. 27 Sv. Een gevoel is niet genoeg. Je moet kunnen zeggen welke feiten je zag, hoorde of kreeg doorgegeven. De rechter beoordeelt dat aan de hand van wat jij wist op het moment dat je ingreep.

Staande houden

Iedere opsporingsambtenaar mag een verdachte staande houden art. 52 Sv. De voorwaarde is dat de persoon verdachte is. Het enige doel is het vaststellen van zijn identiteit. Je vraagt naar zijn naam, voornamen, geboorteplaats en geboortedatum. Je vraagt ook naar het adres in de basisregistratie personen en het adres waar hij echt verblijft art. 27a Sv. Daarna onderzoek je zijn identiteitsbewijs. Staande houden geeft je niet het recht om de verdachte mee te nemen. Daarvoor heb je een aanhouding nodig.

Aanhouden op heterdaad

Bij ontdekking op heterdaad mag iedereen de verdachte aanhouden, ook een burger art. 53 Sv. Dat geldt voor elk strafbaar feit, dus ook voor een overtreding. Heterdaad betekent dat iemand het feit ontdekt terwijl het wordt begaan of terstond daarna art. 128 Sv. Die situatie duurt niet langer dan kort na het feit.

Een burger die aanhoudt, draagt de verdachte onverwijld over aan een opsporingsambtenaar. Hij geeft ook de voorwerpen af die hij bij de verdachte aantrof. De opsporingsambtenaar brengt de verdachte ten spoedigste naar de plaats van verhoor. Daar volgt de voorgeleiding aan de hulpofficier of de officier van justitie.

Aanhouden buiten heterdaad

Buiten heterdaad mag alleen een opsporingsambtenaar aanhouden art. 54 Sv. Er gelden twee voorwaarden. De persoon is verdachte van een misdrijf. En voor dat misdrijf is voorlopige hechtenis toegelaten art. 67 Sv. Dat zijn onder meer misdrijven met een strafmaximum van vier jaar of meer. Artikel 67 noemt daarnaast een reeks misdrijven bij naam. Voor een overtreding mag je buiten heterdaad dus niet aanhouden.

De aanhouding gebeurt op bevel van de officier van justitie. De officier mag het bevel mondeling geven. Een mondeling bevel vermeld je daarna in het proces-verbaal. Als het bevel van de officier niet kan worden afgewacht, heeft de hulpofficier van justitie de bevoegdheid art. 54 lid 3 Sv. De hulpofficier meldt de aanhouding onverwijld aan de officier. Als ook het bevel van de hulpofficier niet kan worden afgewacht, mag de opsporingsambtenaar zelf aanhouden art. 54 lid 4 Sv. Het doel is steeds de verdachte ten spoedigste voor te geleiden.

Om een verdachte aan te houden, mag een opsporingsambtenaar elke plaats betreden art. 55 Sv. Bij heterdaad van een misdrijf mag een burger dat ook. Een woning mag de burger alleen in met toestemming van de bewoner.

Ophouden voor onderzoek

Na de voorgeleiding beslist de hulpofficier of de officier van justitie wat er gebeurt art. 56a Sv. Hij beveelt dat de verdachte wordt opgehouden voor onderzoek, of hij laat hem vrij. Het onderzoek omvat de identificatie, de voorbereiding van het verhoor, het verhoor en het uitreiken van mededelingen over de strafzaak.

De verdachte van een misdrijf waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten, mag ten hoogste 9 uur worden opgehouden. Bij andere strafbare feiten is dat ten hoogste 6 uur. De tijd tussen middernacht en 9 uur 's ochtends telt niet mee. Als het ophouden voor een inbraak om 23.00 uur begint, eindigt het uiterlijk om 17.00 uur de volgende dag.

Bij een feit zonder voorlopige hechtenis kan de identificatie uitlopen. Dan kan de hulpofficier of de officier de termijn eenmaal met ten hoogste 6 uur verlengen art. 56b Sv. Aan het einde van het ophouden wordt de verdachte vrijgelaten of in verzekering gesteld art. 57 Sv. Inverzekeringstelling mag alleen bij een feit waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten. Het bevel geldt ten hoogste 3 dagen art. 58 Sv. Bij dringende noodzaak kan de officier het eenmaal met 3 dagen verlengen.

De grens: vrijheid en geweld

Niemand mag zijn vrijheid worden ontnomen buiten de gevallen die de wet bepaalt art. 15 Gw. Ook het verdrag eist een wettelijke grond en een redelijke verdenking art. 5 EVRM. Wie wordt gearresteerd, hoort onverwijld waarom, in een taal die hij verstaat. Bij staande houden en aanhouden mag je geweld gebruiken als het doel dat rechtvaardigt art. 7 Pw. Het doel moet dan niet anders te bereiken zijn. Waarschuw zo mogelijk vooraf.

Waar het misgaat

Is er een redelijk vermoeden, of alleen een gevoel? Een tijdstip midden in de nacht en een melding van 'een verdachte situatie' zijn samen niet zonder meer genoeg. Leg in je proces-verbaal vast welke feiten je had op het moment van staande houden. Als het vermoeden ontbreekt, handel je niet in de rechtmatige uitoefening van je bediening.

Is het nog heterdaad? Hoe lang 'kort na het feit' duurt, hangt af van de omstandigheden. Als je de verdachte pas na een uur zoeken vindt, ga dan na of je buiten heterdaad mag aanhouden.

Is voorlopige hechtenis toegelaten? Kijk in art. 67 Sv voordat je buiten heterdaad aanhoudt. Eenvoudige mishandeling heeft een strafmaximum van drie jaar, maar artikel 67 noemt dit misdrijf wel. Een overtreding staat er nooit in.

Kon je het bevel echt niet afwachten? Aanhouden zonder bevel is de uitzondering. Schrijf op waarom je de officier of de hulpofficier niet kon bereiken of waarom wachten te lang duurde.

Tel je de nachturen mee? De uren tussen middernacht en 9 uur 's ochtends tellen niet mee voor de termijn van ophouden.

Rechtspraak

In ECLI:NL:HR:2021:1449 hielden twee agenten om 03.20 uur een man staande na een melding van een verdachte situatie. De man reageerde niet op hun roepen. De Hoge Raad oordeelde dat staande houden in ieder geval een redelijk vermoeden van schuld vereist. Dat vermoeden beoordeel je met de feiten die bekend waren op het moment van staande houden. Zonder meer vaststellingen over de melding en het gedrag van de man was het oordeel van het hof niet begrijpelijk. De veroordeling voor belediging en wederspannigheid hield daarom geen stand.

In ECLI:NL:HR:2025:284 ging het om ruim 5,5 kilo hennep in een auto. De verdediging klaagde dat er bij de staandehouding geen redelijk vermoeden van schuld was. De Hoge Raad verwierp het beroep met een verkorte motivering. Het oordeel van het hof dat er een redelijk vermoeden was, bleef daarmee staan.

Oefenen

Je kunt staande houden, aanhouden op heterdaad en ophouden voor onderzoek oefenen in de scenario's.

Dit thema rust op

  • Artikel 27

    Wetboek van Strafvordering

    Verdachte is degene tegen wie uit feiten of omstandigheden een redelijk vermoeden van schuld aan een strafbaar feit volgt.

  • Artikel 27a

    Wetboek van Strafvordering

    Welke gegevens je vraagt om de identiteit van een verdachte vast te stellen, en het onderzoek van zijn identiteitsbewijs.

  • Artikel 52

    Wetboek van Strafvordering

    Iedere opsporingsambtenaar mag een verdachte staande houden om zijn identiteit vast te stellen.

  • Artikel 53

    Wetboek van Strafvordering

    Bij ontdekking op heterdaad mag iedereen de verdachte van elk strafbaar feit aanhouden.

  • Artikel 54

    Wetboek van Strafvordering

    Buiten heterdaad houdt een opsporingsambtenaar aan op bevel, en alleen bij een misdrijf waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten.

  • Artikel 55

    Wetboek van Strafvordering

    Om een verdachte aan te houden, mag een opsporingsambtenaar elke plaats betreden.

  • Artikel 56a

    Wetboek van Strafvordering

    Ophouden voor onderzoek duurt ten hoogste 9 of 6 uur, zonder de uren tussen middernacht en 9 uur 's ochtends.

  • Artikel 56b

    Wetboek van Strafvordering

    Bij een feit zonder voorlopige hechtenis kan de termijn eenmaal met 6 uur worden verlengd voor de identificatie.

  • Artikel 57

    Wetboek van Strafvordering

    Na het ophouden kan de officier of de hulpofficier de verdachte in verzekering stellen in het belang van het onderzoek.

  • Artikel 58

    Wetboek van Strafvordering

    Inverzekeringstelling mag alleen bij een feit waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten en duurt ten hoogste 3 dagen.

  • Artikel 67

    Wetboek van Strafvordering

    De feiten waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten, zoals misdrijven met een strafmaximum van vier jaar of meer.

  • Artikel 128

    Wetboek van Strafvordering

    Heterdaad is ontdekking terwijl het feit wordt begaan of terstond daarna.

  • Artikel 7

    Politiewet 2012

    Geweld mag als het doel dat rechtvaardigt en het doel niet anders te bereiken is.

  • Artikel 15

    Grondwet

    Niemand mag zijn vrijheid worden ontnomen buiten de gevallen die de wet bepaalt.

  • Artikel 5

    Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden

    Recht op vrijheid en veiligheid

    Het recht op vrijheid, met de gevallen waarin arrestatie is toegestaan en de rechten van wie wordt gearresteerd.

Rechtspraak

  • ECLI:NL:HR:2021:1449

    Hoge Raad, 12 oktober 2021

    Belediging ambtenaar in functie (art. 266.1 jo. 267.2 Sr) en wederspannigheid (art. 180 Sr). Is sprake van rechtmatige uitoefening van de bediening, nu verbalisanten onrechtmatig hebben gehandeld omdat er op moment van staandehouding van verdachte geen sprake was van redelijk…

    Staande houden vereist een redelijk vermoeden van schuld op het moment van staande houden. Een melding van een verdachte situatie en een man die niet reageert, waren zonder meer niet genoeg.

  • ECLI:NL:HR:2025:284

    Hoge Raad, 18 februari 2025

    Medeplegen opzettelijk aanwezig hebben van ruim 5,5 kilogram hennep, aangetroffen in auto (art. 3.C Opiumwet). Rechtmatigheid van fouillering van verdachte en doorzoeking van auto, ernstige bezwaren t.z.v. Opiumwetfeit. 1. Kon hof oordelen dat sprake is van redelijk vermoeden van…

    Hennep in een auto. De verdediging klaagde dat er bij de staandehouding geen redelijk vermoeden van schuld was. De Hoge Raad verwierp die klacht met een verkorte motivering.

Begrippen

  • Verdachte

    Staat nog niet in Wetpunt

  • Redelijk vermoeden van schuld

    Een redelijk vermoeden van schuld aan een strafbaar feit is de drempel waarop iemand verdachte wordt in de zin van art. 27 Sv. Het vermoeden moet gebaseerd zijn op feiten en omstandigheden — niet op buikgevoel of vooroordeel. Voorbeelden van objectieve gronden: een verklaring van…

  • Heterdaad

    Heterdaad of ontdekking op heterdaad doet zich voor wanneer een strafbaar feit wordt ontdekt terwijl het wordt begaan of onmiddellijk daarna (art. 128 Sv). De bevoegdheden bij heterdaad zijn ruimer dan daarbuiten — denk aan art. 53 Sv: bij heterdaad mag iedere opsporingsambtenaar…

  • Hulpofficier van justitie

    Staat nog niet in Wetpunt

  • Voorlopige hechtenis

    Voorlopige hechtenis is de vrijheidsbeneming van een verdachte in afwachting van de berechting (art. 133 Sv). Het omvat de fasen van bewaring, gevangenhouding en gevangenneming. Het mag alleen worden toegepast bij ernstige verdenkingen en specifieke gronden, zoals vluchtgevaar of…

Lees ook

  • Onderzoek aan kleding en lichaam

    Wanneer mag je iemand fouilleren, en hoe ver mag je gaan? Dit thema behandelt fouilleren voor veiligheid en identiteit, onderzoek na aanhouding, preventief fouilleren en fouilleren bij wapens en drugs.

  • Identificatieplicht

    Wie moet een identiteitsbewijs laten zien, en wanneer mag je daarom vragen? Dit thema behandelt de toonplicht vanaf 14 jaar, de documenten die tellen, de vordering door de politie, de weigering en de identiteitsfouillering.

Beslisbomen

  • Mag ik aanhouden buiten heterdaad?

    Je wilt een verdachte aanhouden, maar je ziet het feit niet gebeuren. Deze beslisboom loopt de verdenking, de heterdaad en de voorlopige hechtenis langs. Daarna volgt het bevel van de officier of de hulpofficier van justitie.

  • Mag ik iemand staande houden?

    Je houdt een verdachte staande om zijn identiteit vast te stellen. Deze beslisboom laat zien wanneer dat mag. Hij laat ook zien wat je kunt doen bij een getuige, een bestuurder of iemand anders.